Vul uw postcode in voor de weersverwachting in uw eigen woonplaats:

Het was voor veel Nederlanders de eerste tv-serie in kleur. Toen All in the Family op 12 oktober 1972 voor het eerst in ons land te zien was, brak net de kleurentelevisie door. Kleur of niet, voor Archie Bunker bleef alles zwart-wit. Het aartsconservatieve gezinshoofd van de familie Bunker kende geen grijstinten. In zijn wereld waren de republikeinen en de blanken goed, de democraten en de zwarten slecht. Toen nog te klein om thema's als racisme en discriminatie te begrijpen, had ik veel sympathie voor Archie. Van zo'n vreselijk krijsende en zingende vrouw als Edith zou je toch ook chagrijnig worden? Want het is vooral de door haar gezongen openingstune die mij als kind het meest is bij gebleven. Those were the days, heette het en als Edith was uitgekrijst, moest ik naar bed. Door de spijlen van de trap kon ik via het raam boven de huiskamerdeur nog een paar minuutjes meekijken, totdat pa of ma mij streng terug richting slaapkamer stuurde. Pas jaren later, bij een herhaling eind jaren tachtig, begreep ik waarom mijn ouders zo gek waren op All in the Family.
Wat was dit ongelooflijk goed geacteerd én revolutionair voor die tijd. Thema's die vóór All in the Family onbespreekbaar waren in puriteins Amerika, kwamen eindelijk aan bod: niet alleen racisme, maar ook homoseksualiteit, gelijke rechten voor vrouwen, impotentie en borstkanker. Archie Bunker fungeerde steevast als provocateur voor zijn hippiedochter Gloria en haar werkloze hippievriend van Poolse afkomst Michael Stivic (door Archie consequent Meathead of Polak genoemd). Als Gloria in een verhitte discussie met Archie over vuurwapens ontzet stelde ‘dat zestig procent van alle doden in Amerika sterven door vuurwapens', reageerde Archie sarcastisch ‘zou je je beter voelen, lieve meid, als ze uit ramen geduwd waren?' Het was Archie ten voeten uit. En toch kon je geen hekel krijgen aan dit conservatieve baasje. Acteur Carroll O'Connor kan niet genoeg geprezen worden voor de wijze waarop hij vormgaf aan Archie Bunker. Iemand die spuuglelijke dingen zegt en tóch nog enigszins sympathiek blijft. Want hoe bot ook, soms had hij ook groot gelijk. Want zijn o zo sociale en linkse schoonzoon Michael had geen baan en at bij de Bunkers gratis mee uit de ruif.
Nee, Archie had het niet makkelijk. En dan woonde hij ook nog eens naast een zwarte familie, de Jeffersons, die hij uiteraard niet kon uitstaan. Vooral buurman George Jefferson niet, die hij voortdurend discrimineerde. Want Archie had niks tegen kleurlingen ‘zolang ze maar niet naast hem woonden'. Hilarisch was de aflevering waarin de Bunkers verhuisden, Archie zichzelf per ongeluk opsloot in zijn kelder en zich vervolgens een delirium zoop. Archie dacht dat hij stierf en toen de verhuizer - uiteraard zwart - hem uit de kelder haalde, dacht Archie dat hij voor god stond. De blik op zijn gezicht was onbetaalbaar: ‘Lieve hemel, Jefferson, je had gelijk!'
Dankzij All in the Family werden in een tijd dat Amerika kampte met de trauma's van Vietnam, Watergate en rassenhaat, deze hete hangijzers bespreekbaar gemaakt. In 1979 had de serie genoeg heilige huisjes ingetrapt en kon Archie met een gerust hart met pensioen. Toch kwam er nog een vrij overbodig vervolg, Archie Bunker's Place geheten, dat liep tot 1983, maar nooit zo goed werd als All in the Family. Zowel Carroll O'Connor (Archie) als Jean Stapleton (Edith) leven niet meer. Wat blijft is de herinnering. Het ‘Archieeeeee' van Edith galmt nog na in mijn oren.
Gepubliceerd op: 14.12.09 06:00




















