APG, dat de gelden van onder meer pensioenfonds ABP beheert, stelt dat het handelen van de twee geen financiële gevolgen heeft gehad. Welke periode de overtredingen bestrijken, wil APG niet kwijt.
Het ontslag van de twee, werkzaam in Amsterdam, volgde vorige maand na een intern onderzoek naar de aard en omvang van de belangenverstrengeling. APG had toen de toezichthouders De Nederlandsche Bank (DNB) en de Autoriteit Financiële Markten (AFM) al ingelicht. Die laatste instantie beslist of er aangifte wordt gedaan.
De misstanden kwamen aan het licht toen een intern systeem, waarin beleggers hun privé-transacties invoeren, alarm sloeg over een grote overlap met APG-transacties. De gedragscode verbiedt handelaren privé aandelen te kopen uit fondsen waarin ook door de pensioenbeheerder wordt belegd. Dit om te voorkomen dat iemand zich bij het beleggen van pensioengeld laat leiden door eigenbelang of dat hij gaat handelen met voorkennis. Een beproefde methode is front-running, waarbij een handelaar snel met eigen geld aandelen koopt als hij weet dat zijn werkgever in datzelfde fonds een forse belegging gaat doen, wat een garantie voor een koersstijging is.
APG wil niet zeggen of dit ook hier het geval was. „Wij constateren alleen dat zakelijk en privé onvoldoende gescheiden zijn”, zegt woordvoerder Thijs Steger. „Het is aan AFM om daar een kwalificatie aan te verbinden.” Volgens APG is de belangenverstrengeling beperkt gebleven tot het ontslagen tweetal.
Gepubliceerd op: 11.03.10 07:00