Peeters heeft, nadat hij in februari hoorde dat ook het Atrium had aangeklopt bij de provincie, navraag gedaan bij Brusselse juristen. Die verzekerden hem dat de garantstelling van 5 miljoen euro die de provincie Orbis eind vorig jaar verleende, wel degelijk is aan te merken als staatssteun. Hetzelfde geldt voor het, onder voorwaarden, ingewilligde verzoek van het Heerlense Atriumziekenhuis voor een achtergestelde lening van 20 miljoen euro.
De AZM-bestuurder benadrukt dat het „geen taak is van de provincie de toegankelijkheid van onze gezondheidszorg te garanderen. Deze verantwoordelijkheid ligt bij de landelijke overheid”. Het past volgens Peeters niet dat een provincie, door het ene ziekenhuis wel en het andere niet financieel te steunen, de onderlinge concurrentie en marktwerking vals beïnvloedt.
„Of je steunt iedereen, de verzorgings- en verpleeghuizen incluis, of niemand”, zegt de ziekenhuisbaas. Peeters hecht mede aan een rechterlijk oordeel ‘om latere teleurstelling te voorkomen’. „Stel dat die rechter concludeert, anders dan het provinciebestuur nu tegenover mij, dat de selectieve hulp inderdaad als staatssteun gezien moet worden. Vroeger of later moet dan worden terugbetaald en zijn mijn collega’s eigenlijk blij gemaakt met een ‘dooie mus’.”
Gedeputeerde Noël Lebens wilde gisteren niet inhoudelijk reageren. Hij hield het erop dat het „eenieder vrij staat een kort geding aan te spannen”. Wanneer dat geding dient, is nog niet duidelijk; wat Peeters betreft „zo snel mogelijk”.
Gepubliceerd op: 11.03.10 07:00