92: Breakfast at Tiffany’s

In de serie Teruggespoeld presenteren wij wekelijks een film uit een top 100 van filmklassiekers die bij velen een onuitwisbare indruk hebben achtergelaten. We tellen af van 100 naar 1. Deze week nummer 92: Breakfast at Tiffany’s.

Door Ivar Hoekstra

Grappig hoe je je sommige dingen uit je jeugd nog precies voor de geest kunt halen, terwijl andere herinneringen mistig blijven. Zo weet ik nog precies waar, wanneer en met wie ik voor de eerste keer de film Breakfast at Tiffany’s zag. In een jeugdherberg in het Deense Odense met mijn moeder. Juli 1980. Mijn vader, broer en zussen waren ergens aan het midgetgolfen en ik zat in de gemeenschappelijke ruimte op een houten stoel te kijken naar een zwart-wit film. Aanvankelijk mokkend. Want een jongen van tien doe je geen plezier met een film in zwart-wit. En zeker niet met een romantische komedie. Maar volgens moeders zou ik de film ‘vast heel mooi vinden’. En verrek, ik was na vijf minuten helemaal verkocht. Aan Audrey Hepburn. Ik was al verliefd op Natalie Wood (West Side Story), Blondie (Denise, Denise!) en Patty Brard (You’re the greatest lover!), maar die verliefdheden werden volkomen onbelangrijk toen ik Audrey Hepburn voor het eerst zag. Dit moest met voorsprong de mooiste vrouw aller tijden zijn. Daar stond ze in een lang, wit nachthemd te kwebbelen met George ‘The A-team’ Peppard. Ik was het Engels onmachtig, staarde naar de nietszeggende Deense ondertitels en begreep ik weinig van de film. Hoefde ook niet. Ik begreep Audrey. Ik begreep dat er vrouwen zijn zó mooi dat je meteen verkocht bent als jongen of man. Vrouwen met zo’n natuurlijke schoonheid dat ze je zelfs via een televisie in een Deense jeugdherberg volledig hypnotiseren. Dat Audrey volgens mijn moeder ‘een vrouw van lichte zeden’ speelde, bracht mij niet van mijn stuk. Ook omdat ik niet precies wist wat dat was, ‘een vrouw van lichte zeden’. Maar al was ze seriemoordenaar geweest, het had mij niks kunnen schelen. Met zo’n schoonheid is het volstrekt irrelevant wat je beroep is.

Ik was niet de enige die verliefd was op Audrey. Bijna alle mannen waren verliefd op haar. Tegenspelers, regisseurs, cameramannen en fans van Timboektoe tot de Mokerheide. Audrey kon iedere man krijgen. Maar waarom zij in Breakfast at Tiffany’s viel op George Peppard was mij een raadsel. Dat was Hannibal van The A-team! Een sigaar rokende papzak, de minst leuke van het minibevrijdingsleger. Als ik maar de kans kreeg haar ooit te ontmoeten, dan zou ze vast voor mij vallen. Helaas was vliegen toen nog vrij duur en bestonden er nog geen Airmiles. Een retourtje Los Angeles zat er met vijf gulden zakgeld per week niet echt in.
Terug in Nederland heb ik bij V&D voor 9,95 als alternatief een Verkerke poster van mijn grote liefde gekocht. Blondie verdween naar een zijmuur, Audrey werd het middelpunt van mijn kamer. Dat is ze tot mijn dertiende gebleven. Toen moest ze plaatsmaken voor Ruud Gullit. Toen Audrey in 1993 overleed aan darmkanker, ben ik nog op zoek gegaan naar die poster. Niet meer gevonden. Dat ook de mooiste vrouw ter wereld niet onsterfelijk bleek, raakte mij behoorlijk. En ze was pas 64 jaar. Oneerlijk. Er zijn lelijkerds die lachend de negentig halen. Waarom mocht Audrey geen honderd worden? Toen ik twee jaar terug een weekendje in Barcelona was, kwam ik Audrey weer tegen. In het appartement dat ik met een paar vrienden had gehuurd, hing ze aan de muur. Het was dezelfde poster. Weer in de wolken. Na lang lobbyen kreeg ik het er bij mijn vrienden door: Breakfast at Tiffany’s kijken in het appartement. Die dvd zouden ze in dat grote warenhuis aan de voet van de Ramblas vast hebben. Er werd uiteraard geschamperd. ‘We zijn in Barcelona en gaan een oude zwart-wit film kijken. Kan het nog suffer?’ Ik liet ze tieren. Ik wist wat er ging gebeuren als ik de dvd zou starten. En ja hoor. Vijf mannen staarden muisstil naar de beeldbuis. Verliefd. Toen Audrey starend uit het raam pingelend op haar gitaar Moon River speelde, kon je een speld horen vallen.
Een film als lakmoesproef voor echte vriendschap. De Engelse band Deep Blue Something zingt er in hun jaren negentig hit Breakfast at Tiffany’s over. Een meisje wil het uitmaken met haar vriendje ‘omdat ze niks gemeenschappelijks hebben’. Hij zegt ‘maar we vonden allebei Breakfast at Tiffany’s toch leuk?’ Waarop zij lachend zegt ‘Verrek, hebben we toch iets gemeen!’ En zo is het maar net, iedereen die net als ik Breakfast at Tiffany’s leuk vindt, zou zo maar een vriend/in van me kunnen worden.

Tijd Gepubliceerd op: 21.06.10 07:00


Vorige pagina



Poll van de dag

Sorry, no question available

Advertenties



Berden.nl

Weer

Weer in Limburg
Vul uw postcode in voor de weersverwachting in uw eigen woonplaats:

Actuele sneeuwhoogtes - powered by skiinfo.nl
Powered by skiinfo.nl

Thema's