Hij noemt zichzelf een muzikaal anarchist. "Laten we doen alsof we in een wereld leven die louter bestaat uit geluid dat we willekeurig kunnen gebruiken, wars van wat voor regeltjes dan ook. Laten we met geluid spelen, al onze muziektechnische kunde en kennis vergeten en puur ons instinct volgen. Net zoals punk dat deed."
Of Pierre Boulez. Of John Cage. Of Frank Zappa. Of Brian Eno. Of, vooruit dan, David Bowie.
Al weken gonst zijn naam rond in de kringen van Limburgse muziekkenners. Yann Tiersen, dé Yann Tiersen, komt aanstaande woensdag naar de Muziekgieterij in Maastricht. Hij verkocht de zaal in no-time uit en liet velen hongerig achter, zonder kaartje.
Buiten die kennerskringen overheerst oprechte verbazing. 'Wie de fuck is toch die Yann Tiersen waar iedereen het over heeft?!' Herinnert u zich nog dat Franse serveerstertje met die hoge, donkere haarlijn en dat pruilende bovenlipje? Amélie Poulain, juist. Die uit die charmante film die in 2001 zoveel mensen in de bioscoopstoelen liet wegdromen. De romantiek van die film was er niet geweest zonder het ingetogen frivole pianospel dat iedereen nu nog instinctief herkent. Het was de muzikale begeleiding die het personage dat huppelige karakter meegaf. De maestro: Yann Tiersen. De soundtrack van Le fabuleux destin d'Amélie Poulain forceerde Tiersens internationale doorbraak. Een verzameling werken waarvan een groot deel afkomstig was van eerdere albums van de Franse muzikant. Er gingen 700.000 exemplaren van over de toonbank.
Representatief? Ja en nee. Zeker voor een deel van Tiersens oeuvre, dat ook de soundtracks van bijvoorbeeld Goodbye Lenin omvat. Maar hij waagt zich met dezelfde passie aan stevige gitaarrock. Een moderne componist? Zelf vindt hij van niet: "Ik heb geen klassieke achtergrond." Zijn muzikale leerschool vond hij volgens eigen zeggen bij Nirvana, Iggy & The Stooges, Joy Division, Television, Nick Cave and the Bad Seeds en Einstürzende Neubauten.
Geboren in Brest in 1970, kreeg hij zijn eerste pianolessen toen hij vier jaar oud was. Op zijn zesde kwam er viool bij. Hij volgde muziekonderwijs aan de academies van Rennes, Nantes en Boulogne. Hoezo niet onderlegd? Op 13-jarige leeftijd besloot hij zijn lotsbestemming te veranderen. Sloeg zijn viool aan diggelen, kocht een elektrische gitaar en begon een rockband.
Toen die twee jaar later klapte, besloot hij geen andere muzikanten meer op te trommelen maar zich op te sluiten met een synthesizer, een sampler, een stapel oude platen en een drumcomputer. Geïnspireerd door die nieuwe aanpak, kwam de viool terug en leerde hij zichzelf een keur aan instrumenten beheersen: accordeon, klavecimbel, mandoline, xylofoon, melodica en - jawel - typemachine, fietswiel en een reeks potten en pannen.
Zijn derde album Le Phare maakte dat hij in 1998 doorbrak in thuisland Frankrijk. Er werden 160.000 exemplaren van verkocht. Niet in de laatste plaats door een samenwerking met de vooraanstaande Franse zanger en schrijver Dominique A. Een verbond dat Tiersen op zijn beurt weer onder de aandacht bracht bij onder meer Tindersticks, Divine Comedy, Jane Birkin en Cocteau Twins, die maar al te graag met hem wilden samenwerken.
Live concerten van de man zijn altijd uniek. Hij improviseert, experimenteert en doet alles wat de avant-garde toestaat. Alleen, met summiere begeleiding of een volledig symfonie-orkest. Bekend werk, maar ook vaak volledig nieuw materiaal dat dan vervolgens zijn nieuwe plaat wordt. In de Muziekgieterij staat hij met een band. Centraal staat werk van zijn laatste twee albums Dust Lane uit 2010 en het vorige maand verschenen Skyline. Dromerige, bij vlagen vuige (post-)rock. Mijlenver verwijderd van de Franse frivoliteiten van zijn pianowerk. Daarnaast is de enige zekerheid dat alles mogelijk is.
Gepubliceerd op: 29.11.11 17:30, laatste update: 29.11.11 17:39