Och, verzucht Niki de Jong (17) halverwege het gesprek nonchalant. "Niemand van ons zit hier om zijn zweetvoeten.” De tiener lacht zijn opmerking vliegensvlug van tafel, maar de boodschap is bloedserieus. Niemand woont zonder reden in Gastenhof. Ook Niki de Jong niet.
‘Een orthopedagogisch behandelinstituut voor jeugdigen', luidt de officiële benaming voor Gastenhof. Een Limburgse zorginstelling (met elf locaties) speciaal bedoeld voor jongeren met een licht verstandelijke beperking. Die verder ook met leer-, gedrags-, psychosociale en/of psychiatrische problemen kampen.
Kinderen met een verhaal, zegt Cliff Hennen liever. De Landgravenaar is al 21 jaar verbonden aan Gastenhof en werkt tegenwoordig als accountmanager facilitaire dienst. Hij komt op alle locaties in de provincie en kent zijn pappenheimers inmiddels. "Als ik ergens kom omdat er een deur is ingetrapt, zit daar een verhaal achter. Dat gebeurt niet zomaar.”
Hennen is een fanatiek fietser. Trappend door het Heuvelland komt hij tot rust. Dit najaar reed hij op een zonnige zondagavond de stress van eenhectische werkdag uit zijn lijf toen een idee opborrelde. "Ik weet nog precies waar ik was toen het me te binnen schoot. Ik reed richting de top van de Fromberg, het was lekker weer. Ik dacht ‘als ik mijn stress kan wegfietsen, is dat misschien ook goed voor kinderen van Gastenhof'. Je komt op de fiets tot rust, je bent sociaal bezig, je werkt aan je conditie. Daar wilde ik iets mee doen.”
De Koraal Groep - waar Gastenhof deel van uitmaakt - omarmde het idee. Hennen mocht samen met teammanager John Schefer een digitale oproep doen richting jongeren. Een lokkertje voor vrijwilligers die het aandurfden om de Mont Ventoux te beklimmen. De Reus van de Provence. Deels voor het goede doel, deels om er zelf beter van te worden. Ze hoopten drie, misschien vier sportievelingen te vinden. Het werden er eenentwintig. Jongeren (tussen de 12 en de 23 jaar) die allemaal in Gastenhof wonen. Stuk voor stuk zonder serieuze fietservaring. En zonder enig idee van wat hen te wachten staat.
Volgend jaar juni begint de aanval op wat een van de zwaarste cols van Europa wordt genoemd. "Boven komen we allemaal. De een iets makkelijker dan de ander”, is Hennen zeven maanden voor de daadwerkelijk helletocht nog vol vertrouwen. "Maar het draait niet alleen om de klim zelf. Dat is het toetje. De weg ernaartoe is net zo belangrijk.
Vanaf nu gaan ze werken aan hun conditie, aan hun zelfvertrouwen, doen ze sociale contacten op, leren zichzelf presenteren en zamelen bovendien geld in voor het goede doel. Ze hebben zelf twee doelen gekozen: Kika en MS Research. Een moeder van een van de deelnemers lijdt aan MS en haar zoon wilde daar graag voor fietsen. De rest was het daarmee eens.” Van de ene op de andere dag waren Hennen en Schefer ploegleiders van een onervaren fietsteam. Zonder materiaal. "Ik ben weinig aan mijn echte baan toegekomen de laatste tijd, het was zo enorm hectisch om alles rond te krijgen. We hadden opeens 21 fietsen nodig, helmen, schoenen, handschoenen, broeken. Alles eigenlijk. En je kunt bij deze kinderen niet met verschillende fietsen aankomen. We hebben nog even gedacht om tweedehands spullen te regelen. Maar als de één een groene fiets heeft, moet de ander precies dezelfde fiets hebben. Anders krijg je problemen in de groep. Dan ligt het aan de fiets als iemand af moet haken. Zo werkt het nou eenmaal.”
Met dank aan financiële steun van de Koraal Groep en diverse sponsoren, stonden er vorige week tijdens de officiële aftrap van het project in Sittard 21 gloednieuwe fietsen klaar. Keurig voorzien van een naamstickertje op de bovenbuis. Als in een echte wielerploeg. Het is nu aan de beginnend wielrenners om te leren fietsen.
En vervolgens om keihard te gaan trainen. Schefer: ,,Er zijn kinderen bij die we eerst op een parkeerplaats neerzetten waar ze in alle rust kunnen leren fietsen op een racefiets. Waar ze kunnen wennen aan klikpedalen, aan het kromme stuur en dat soort dingen. Als je dat niet doet, gebeuren er ongelukken.” Hennen: "Ik weet zeker dat er mensen gaan vallen. We zeggen tegen sommige deelnemers dat we zijwieltjes achter de hand hebben. Maar dat is een grapje.” De deelnemers gaan overigens niet alleen de weg op. Getraind wordt er onder leiding van een buddy. Meestal zijn dat begeleiders van Gastenhof, maar er is ook een vader die optreedt als persoonlijk trainer.
Nog zeven maanden en dan wacht de reis naar Frankrijk. Een uitdaging op zich. "Er komt heel wat bij kijken, omdat het geen normale jongeren zijn. Voorbeeldje: je kunt niet zomaar op een camping gaan slapen. Als iemand doordraait, moet je die uit de groep kunnen halen. Of reizen in een touringcar. Het is beter om met meerdere busjes te gaan voor het geval iemand opeens dwars gaat liggen. En zo zijn er nog duizend dingen waar je aan moet denken. Maar ik heb aan John een goede medestrijder. En bovendien zijn we wel wat gewend.”
Gepubliceerd op: 10.12.11 06:00, laatste update: 10.12.11 09:25