DOSSIER: Hoe zat het ook alweer met de sekszaak?

© Fotolia

Een meisje van zestien, tachtig verdachte mannen en een officier van justitie die flink zijn tanden laat zien:de loverboy-affaire in Valkenburg trok landelijk de aandacht. Hoe heeft het zover kunnen komen? Een reconstructie.

rvandenbooren

Vrijdag 10 oktober 2014. In Wessem meldt een bezorgde vader zich bij recherchebureau Zuidema. Hij is ten einde raad. Overmand door emoties maakt hij gewag van de vermissing van zijn 16-jarige dochter. Het is niet voor het eerst dat ze is weggelopen, maar dit keer lijkt het echt foute boel te zijn. Zijn bange vermoeden: ze is in de klauwen beland van een gewetenloze loverboy. Hij heeft goede redenen om dit te denken.

Atje

Zijn dochter had een relatie met een Iraans-Nederlandse jongen die zich ‘Atje' noemt. En dit heerschap werd vaker in verband gebracht met loverboy-praktijken. Eén plus één is twee, redeneert de vader. Hij heeft aangifte gedaan, maar de politie kan in eerste instantie weinig voor hem betekenen.

Kort daarvoor heeft hij nog telefonisch contact met zijn dochter. Die zit naar eigen zeggen in België. Bureau Zuidema weet de telefoon van de dochter te traceren. De uitkomst is bemoedigend: het toestel bevindt zich niet in België, maar een stuk dichterbij, in de omgeving van Valkenburg. Een zoektocht levert echter niets op. De dochter is spoorloos, inmiddels al dagen.

Prostituee-Marktplaats

De zaak komt in een stroomversnelling als de vader via een kennis hoort van Kinky.nl. Een website die zich profileert als de ‘prostituee-Marktplaats van de Benelux'. Op de webpagina prijkt een advertentie met daarop een foto van zijn dochter, voorzien van een telefoonnummer en de tekst ‘omgeving Valkenburg'. Reden voor de vader om weer naar de politie te stappen.

Die ziet in de nieuwe informatie genoeg aanknopingspunten voor een intensieve zoekactie, die succesvol blijkt.

Na een grondige speurtocht wordt de dochter een dag of tien na de melding bij Zuidema gelokaliseerd. Ze verblijft in een van de appartementen die verhuurd worden door hotel Botterweck, in het centrum van Valkenburg.

Inrichting

Daar wordt tevens Atje aangehouden. Sinds kort staat die 21-jarige beter bekend als Armin A., de verdachte in een loverboy-affaire waarin bijna 80 mannen verdacht worden van seksueel misbruik van een minderjarige, te weten de vermiste dochter. Zij verblijft nu in een gesloten inrichting. Het Openbaar Ministerie bouwt in het diepste geheim aan de zaak tegen Armin A. Zijn telefoongegevens worden uitgeplozen.

In het appartement gevonden condooms gaan voor onderzoek naar het Nederlands Forensisch Instituut (NFI). Het is uniek bewijsmateriaal. Niet alleen kunnen daarmee vijftig verdachten opgepakt worden, ook is er DNA. Dat laatste is voor justitie een onverwacht geschenk. In het huis van de moeder van Armin worden enkele duizenden euro's in beslag genomen.

Zitting

Dat alles blijkt, als de verdachte op 23 januari voor de Maastrichtse rechtbank wordt gebracht tijdens een zogenoemde pro-formazitting, genoeg voor verlenging van de voorlopige hechtenis. De rechtbank wijst het verzoek van A.'s advocaat Arthur Voncken om vrijlating dan ook af. Officier van justitie David van Kuppeveld laat zich voor de rechtbank hard uit over zowel verdachte als klanten.

Na publicatie van het nieuws in deze krant ontploft de zaak. Het OM maakt van de nood een deugd door naar buiten te treden. Duidelijk wordt dat het OM vijftig mannen gaat oppakken vanwege het hebben van betaalde seks met een 16-jarige. Justitie wil ze dagvaarden als verdachte én als getuige. Van Kuppeveld zit er niet mee dat hun escapades openbaar worden. Er is sprake van een zedenmisdrijf, hij gaat de mannen niet helpen dat geheim te houden. Verschillende klanten hebben zich al vrijwillig bij de politie gemeld. Anderen namen strafpleiter Ivo van de Bergh in de arm omdat ze niet weten wat te doen. Die raadt hen in ieder geval af om vrijwillig DNA af te staan.

Terug naar het vermiste meisje en Atje. Feitelijk is hier volgens het OM sprake van het klassieke loverboy-verhaal: in de zomer van 2014 leert het latere slachtoffer de verdachte kennen. Ze wordt verliefd, en niet zo'n beetje ook. Hij zegt de goede dingen en gedraagt zich als een geliefde. Tot plots alle contacten worden verbroken.

Smeekbedes

Het meisje blijft toenadering zoeken en ziet dat haar smeekbedes effect hebben. Armin wil haar ontmoeten. Maar daar moet ze wel voor betalen. Honderd euro per keer. Ze gaat daarmee akkoord, maar heeft de eerste keer slechts de helft bij zich. A. wordt ziedend en dwingt haar geld te pinnen.

Als de 16-jarige hem vaker wil zien, zal ze meer inkomsten nodig hebben. Haar parttimebaan levert namelijk lang niet genoeg op. Dát is volgens het OM het moment waarop Atje een ‘spontaan' idee heeft. Misschien dat ze geld kan verdienen in de prostitutie? A. zorgt voor het ophalen van klanten en een geschikte ruimte. Het slachtoffer stemt daarmee in.

Het is dé manier om ‘haar liefde' te kunnen zien. Raadsman Arthur Vonken stelt dat dit een verkeerde weergave is. Het meisje zou zelf met het plan voor prostitutie zijn gekomen. A. zou hebben geweigerd, maar uiteindelijk ter bescherming geholpen hebben. De rechtbank moet gaan bepalen wat het echte verhaal is.

Hoe dan ook is het Armin ‘Atje' A. die door de politie op een toilet in Valkenburg wordt aangetroffen. Met een telefoon in de hand. Een klant misbruikt in de aanpalende kamer de 16-jarige.

Is de schandpaal onmenselijk?

Een tweede verdachte in de Valkenburgse zedenzaak heeft onlangs zelfmoord gepleegd. De man was verhoord om te onderzoeken welke rol hij speelde bij het misbruik van een zestienjarig meisje. Begin februari stapte al een verdachte uit het leven. Een dossier.

De zelfmoord van een verdachte in de Valkenburgse zedenzaak legt de harde opstelling van het Openbaar Ministerie onder het vergrootglas. Valt het OM iets te verwijten?

De ene na de andere pluim kreeg officier van justitie David van Kuppeveld op zijn hoed gestoken.

Zijn ferme optreden in de pro-formazitting in het kader van de Valkenburgse zedenzaak viel goed in de publieke opinie. De aanklager richtte zijn pijlen niet alleen op vermeende loverboy Armin A., ook zijn cliënten moeten eraan geloven.

Tientallen mannen konden een bezoekje van de politie verwachten, klonk het resoluut.

Strafbaar

Privacy? Huwelijk? Gezin? Niets mee te maken. Seks met een zestienjarige is strafbaar, en degenen die zich daar schuldig aan maken, moeten daarvoor bloeden, was de boodschap. Een opmerkelijk geluid van een officier van justitie, die de handen daarvoor massaal op elkaar kreeg.

Het applaus is inmiddels weggestorven.Wat heet, het is oorverdovend stil geworden. Er kwam droevig nieuws. Een verdachte in de zedenzaak, degene die in oktober op heterdaad werd betrapt in een appartement van het Valkenburgse hotel Botterweck, heeft zichzelf van het leven beroofd. De spanning die de affaire met zich meebracht, zou hem te veel zijn geworden.

Dat zet de zaak onverhoeds in een ander daglicht.

Plots moet het Openbaar Ministerie (OM), dat tot dusverre vooral lof had geoogst in deze tot nationale proporties opgezwollen affaire, zich verdedigen. Had de spierballentaal van Van Kuppeveld mogelijk mede geleid tot onmenselijke druk bij deze man? Is het OM wellicht doorgeschoten in zijn rigide benadering van de verdachten?

Lastig

Om van een causaal verband tussen de opstelling van het OM en de zelfdoding van de verdachte te reppen, gaat Ivo van de Bergh, advocaat van minstens 25 mannen die seks zouden hebben gehad met het meisje, veel te ver. „Het is lastig om het OM in dit geval wat te verwijten.We kennen de exacte feiten en omstandigheden die hebben geleid tot de zelfmoord immers niet. Zoiets valt sowieso niet te voorzien.”

Wél zijn er, volgens Van de Bergh, fouten gemaakt. „Het dreigement in de media dat tientallen mannen een bezoek van de politie kunnen verwachten, is een onbehoorlijk pressiemiddel. De officier van justitie dient als magistraat rekening te houden met de privacy van deze mannen, maar ook met de mensen daar omheen, zoals vrouw en kinderen. Dat is niet gebeurd. Sterker nog, dat heeft het OM op de koop toe genomen.”

Belang

Het Openbaar Ministerie houdt zich hierover op de vlakte. „We hebben het belang van ernstige strafzaken willen stipuleren”, aldus de woordvoering. „Elke strafzaak heeft zijn eigen dynamiek en iedere verdachte en slachtoffer gaat daar op een andere manier mee om. De vraag of ons iets te verwijten valt, is wat ons betreft nu niet aan de orde.”

De zelfdoding is voor het OM geen reden geweest om de manier waarop het zich in deze zaak heeft geprofileerd, intern ter discussie te stellen. „Het is goed en belangrijk dat het thema mensenhandel, zeker als het gaat over minderjarige slachtoffers, veel aandacht krijgt in de media. De vele reacties vanuit de samenleving bevestigen de verontwaardiging die daar leeft wanneer men de ernst van dergelijke feiten op zich in laat werken. Wat de zelfdoding betreft: wij zien geen causaal verband. We kennen de omstandigheden niet en willen daar ook niet over speculeren.”

Naasten

Terug naar het punt dat Van de Bergh aanstipt. Raakt de gehanteerde ‘schandpaal-methode' rechtstreeks aan de privacy van verdachten en hun naasten?

Op dit moment nog niet, vindt ethicus Huub Evers. „Er zijn geen namen genoemd, mensen zijn niet herkenbaar in beeld gekomen.

Alleen bij de inhoudelijke behandeling van de zaak kun je beoordelen of justitie een fout heeft gemaakt door zich zó hard op te stellen. Het punt nadert dat het OM zijn woorden moet waarmaken. Tot dusver lijkt het een sterke zaak te hebben. Als blijkt dat er minder bewijs is dan gemeld, dán ontstaat een probleem. Dan kun je ook eventueel afrekenen met de handelwijze van justitie.”

Meer lezen?

Nieuwe actie: Één jaar toegang tot alle Plus-artikelen voor slechts 1,04 per week. Daarmee lees je dagelijks meer dan 100 nieuwe Plus-artikelen op onze site & app. Of kies voor een van onze andere abonnementen.

Ik word digitaal abonnee