De mijnen komen nooit meer terug en dat is maar goed ook

Een nieuwe mural in Heerlen moet een eerbetoon zijn aan de mijnwerker van toen, maar ook aan de mensen van nu, die aan de toekomst van de vroegere Mijnstreek werken.

Een nieuwe mural in Heerlen moet een eerbetoon zijn aan de mijnwerker van toen, maar ook aan de mensen van nu, die aan de toekomst van de vroegere Mijnstreek werken.© Bas Quaedvlieg

Donderdag eindigde officieus het Jaar van de Mijnen (M2015). Het was exact vijftig jaar geleden dat minister Joop den Uyl in de Stadsschouwburg Heerlen de sluiting van de Limburgse mijnen aankondigde. Een na- en voorbeschouwing.

Peter Kamps

Het Jaar van de Mijnen begon gisteren precies een jaar geleden met de theatervoorstelling ‘De Toespraak’ in de Heerlense schouwburg. Centraal daarin stond de figuur van Joop den Uyl, die op 17 december 1965 de mijnsluitingen aankondigde en daarmee met name de Oostelijke Mijnstreek in een diepe economische en sociale crisis stortte, die tot op heden doorwerkt.

Het Jaar van de Mijnen wilde niet alleen herinneringen ophalen aan die historische gebeurtenissen van toen, maar ook nog een keer de aandacht vestigen op de hoofdrolspelers in dat drama, dat zijn weerga in Nederland niet kent: de mijnwerkers.

Door de mijnsluitingen verloren 85.000 mensen in een betrekkelijk klein gebied in korte tijd hun baan en maatschappelijk houvast. Nieuwe banen kwamen er aanvankelijk slechts mondjesmaat voor in de plaats, zodat de regio economisch en sociaal doodbloedde. Veel koempels werden massaal gedumpt in sociale vangnetten zoals deWAO en de sociale werkvoorziening.

Ingrijpende gebeurtenissen laten zich niet straffeloos onder een laag aarde vegen

Voor verwerking van de traumatische gebeurtenissen was geen plaats. De schachten en koeltorens tussen Kerkrade en Geleen werden opgeblazen en de mijnsteenbergen afgegraven, zodat er amper nog zichtbare herinneringen overbleven aan de kolenbonanza die de streek een halve eeuw in zijn greep had gehad en grote welvaart bracht. Maar ingrijpende gebeurtenissen laten zich niet straffeloos onder een laag aarde vegen, leert de geschiedenis keer op keer. Naarmate de tijd vorderde en de nasleep van de mijnsluitingen de regio bleef teisteren, groeide daarom de behoefte om deze tijd nog eens terug te halen en in historisch perspectief te plaatsen. Om te weten waar we vandaan komen, waar we nu staan en hoe dat verleden en heden doorwerkt in de toekomst die nog voor ons ligt.

De vraag is natuurlijk of het Jaar van de Mijnen ons daarbij heeft geholpen.

Wat aandacht betreft ongetwijfeld. Het hele jaar door waren er tal van manifestaties, waarbij allerlei aspecten van het mijnverleden aan bod zijn gekomen. Ook de ongemakkelijke en ronduit stuitende kanten kwamen voorbij: de arbeidsomstandigheden, de beroepsziekten, de Hollandse overheersing, de welhaast koloniale wijze waarop de kolenwinning in Limburg van overheidswege werd georganiseerd, het pact tussen kerk en mijnbaronnen om de mijnwerkers in het gareel te houden.

Het Jaar van de Mijnen maakte ook nieuwe energie vrij

Maar het bleef gelukkig niet alleen bij deze confronterende vormen van Vergangenheitsbewältigung. Het Jaar van de Mijnen maakte ook nieuwe energie vrij. Je kunt niet voor altijd bij de pakken blijven neerzitten. De economische herstructurering is redelijk geslaagd, zeker in internationaal perspectief. Maar de ironie wil wel dat vooral provinciehoofdstad Maastricht en ook de Westelijke Mijnstreek daarvan de vruchten plukten, veel minder de Parkstad, het hartland van de kolenwinning.

Dat hartland heeft het tientallen jaren lang hard te verduren gehad. Er is inmiddels gelukkig vooruitgang geboekt in de strijd tegen verloedering en sociale neergang, ook al is het met vallen en opstaan. Heerlen beleeft actueel zowaar een ‘culturele lente’ en met de aanleg van de kostbare Buitenring wordt de regio zowel in- als extern veel beter ontsloten, een voorwaarde voor zowel economische groei als voor het scheppen van een meer gezamenlijke identiteit.

De mijnen, die krijgen we nooit meer terug en dat is maar goed ook, ondanks de hoge prijs die voor de sluitingen betaald is. Maar de koempelmentaliteit die ook met de sluitingen verloren is gegaan, die kunnen we wél goed gebruiken.

Niemand komt je wat brengen in het leven. De regio moet het lot in eigen handen nemen, niet wachten op wat Den Haag, Maastricht of Brussel aan aalmoezen te vergeven heeft. Vechten voor elke kans die zich voordoet, de lethargie afleggen die met de mijnsluitingen in de genen van veel Parkstedelingen geslopen is. Vechten tot je er bij neervalt. Trots zijn op de zaken die tegen de verdrukking in wel gelukt zijn. Als dat de les is die het Jaar van de Mijnen met name de Parkstad heeft geleerd, dan heeft al dat herdenken wel degelijk zin gehad. Niet voor de generatie koempels die nog in leven is, wel voor hun kinderen, klein- en achterkleinkinderen die de ‘Mijnstreek’ van nu en morgen vormgeven.

De mijnsluitingen mogen na het Jaar van de Mijnen geen excuus meer zijn om te blijven hangen in gejammer 

De mijnsluitingen mogen na het Jaar van de Mijnen in elk geval geen excuus meer zijn om te blijven hangen in gejammer en de blik achterwaarts gericht te houden in plaats van voorwaarts. Daarom is het ook goed dat het Jaar van de Mijnen nu wordt afgesloten en min of meer organisch overloopt in de Internationale Bauaustellung (IBA), een uit Duitsland overgewaaid fenomeen, dat nu in de Parkstad wijk voor wijk onder de bezielende leiding van oud-rijksbouwmeester Jo Coenen aan de slag gaat om de lelijke stedebouwkundige en sociale slagschaduwen van de mijnsluitingen alsnog voorgoed uit de weg te ruimen. Geen geringe opgave, maar die IBA wordt breed gedragen en kan tot in het provinciehuis in Maastricht rekenen op warme sympathie en veel geld, onder meer voor een sociale agenda die meer mensen aan de onderkant van de arbeidsmarkt in met name Parkstad kansen moet bieden op onderwijs en werk. Dat is allemaal geen garantie voor succes, maar wel een voorwaarde. Daar heeft de streek ook recht op na alle ontberingen en tegenslagen in de afgelopen halve eeuw.

Meer lezen?

Nieuwe actie: Één jaar toegang tot alle Plus-artikelen voor slechts 1,04 per week. Daarmee lees je dagelijks meer dan 100 nieuwe Plus-artikelen op onze site & app. Of kies voor een van onze andere abonnementen.

Ik word digitaal abonnee