Is horror letterlijk bloedstollend?

Print
Is horror letterlijk bloedstollend?

Afbeelding: ANP

Is het kijken naar een enge horrorfilm zó bloedstollend dat de stollingswaarden van je bloed daadwerkelijk omhoogschieten? Dat vroegen de uit Echt afkomstige artsonderzoeker Luuk Scheres en collega’s zich af. Het antwoord staat in het fameuze, vrolijke kerstnummer van vakblad British Medical Journal

Hij liep een boekwinkel binnen en kwam op de afdeling van het ‘spannende boek’ op een idee voor een evenzeer spannend onderzoek. De resultaten daarvan zijn dezer dagen verschenen en haalden meteen de wereldpers: van het Amerikaanse Fox News tot de Britse Guardian, van de Times of India tot deWiener Zeitung. Luuk Scheres werd in die winkel getroffen door de even wervende als clichématige reclamekreten bij de thrillers en horrorboeken. „Ze waren allemaal ‘bloedstollend’, ook de Engelstalige boeken.” 
Bij Scheres, geboren en getogen in Echt en tegenwoordig als arts-onderzoeker verbonden aan het Leids Universitair Medisch Centrum (LUMC), ging een lampje branden. Een brainstorm met collega Banne Nemeth volgde. „We vroegen ons af: zou angst dan écht zo bloedstollend zijn?” Geen vreemde ingeving: hij is dagelijks bezig met bloedstolling in een onderzoek naar trombose bij zwangerschapsvergiftiging. Redenering achter de onderzoeksvraag: in de evolutie van de mensheid moet het een voordeel zijn geweest als jouw bloed zich bij enge situaties alvast helemaal op stolling ‘voorbereidt’. Voor het geval dat... Bijvoorbeeld in een confrontatie met een bijtend wild beest. „Zo kan bij een verwonding het bloedverlies worden beperkt.” 

We vroegen ons af: zou angst dan écht zo bloedstollend zijn?

Hij ging zich in de terminologie verdiepen. Ontdekte dat de associatie tussen extreme angst in akelige situaties en het begrip ‘bloedstollend’ al eeuwenoud is en ook in vele talen bestaat: „In de klassieke oudheid gebruikte de Romeinse dichter Vergilius het beeld dat onder angstaanjagende omstandigheden het bloed in de aderen ‘bevriest’.” Het onderzoek werd zo wetenschappelijk verantwoord mogelijk opgetuigd. De Leidse wetenschapsmensen wilden immers hun studie in het jaarlijkse kerstnummer van het gereputeerde British Medical Journal (BMJ) publiceren: in deze uitgave verschijnen bij wijze van traditie serieuze studies met een humoristische ondertoon of een grappige draai. „Met een vette knipoog dus”, zegt Luuk Scheres. Ruim twintig proefpersonen kregen zodoende de horrorfilm Insidious te zien. „De film is uiterst angstaanjagend, terwijl je toch geen afgehakte ledematen en dergelijke te zien krijgt.” Mooi, maar waarom heeft Luuk Scheres zijn proefpersonen niet laten bungeejumpen, toch een grotere ‘fear factor’ dan een horrorfilm in je veilige bioscoopstoel? „Ik weet niet of de ethische commissie van de universiteit zo’n voorstel goedgekeurd zou hebben.” 
De proefpersonen werden wel onaangekondigd op de griezelfilm getrakteerd. Hen was van tevoren verteld dat ze louter op tromboserisico’s bij langdurig filmkijken in de bioscoop werden getest. Voor én na de film prikten laboranten bij de toeschouwers bloed. Om betrouwbare meetwaarden te verkrijgen, kregen de kijkers op een andere dag een gezapige documentaire over de Champagne-streek te zien. 

De film is uiterst angstaanjagend, terwijl je toch geen afgehakte ledematen en dergelijke te zien krijgt.

Bij de filmvertoning was er onder de proefpersonen één ‘slachtoffer’ te betreuren. Iemand viel flauw, overigens niet bij het zien van de horrorfilm, maar bij het bloedprikken. De proefpersoon was vanwege de prik zo gespannen dat hij kort tevoren een familiepak chocolaatjes soldaat had gemaakt. In hun publicatie vermelden de onderzoekers - met een vette knipoog – dat de horrorfilm niet bij volle maan of op vrijdag de dertiende is vertoond. Luuk Scheres, lachend: „Om ongewenste beïnvloeding van de onderzoeksresultaten door bijgeloof te voorkomen.” Die resultaten bleken uiteindelijk nogal ijzingwekkend: na het zien van de film schoot bij de meeste toeschouwers één van de gemeten stollingswaarden - de zogeheten stollingsfactor VIII - griezelig omhoog. „De gemiddelde stijging is klinisch relevant”, schrijven de onderzoekers doodgemoedereerd. Dergelijke waarden worden echter ook waargenomen bij extra risico’s op trombose. „Je ziet dus dat het stollingssysteem actief wordt. Het bereidt zich voor op bloedstolling.” 

Je ziet dus dat het stollingssysteem actief wordt.

Het goede nieuws bij al deze horreur: „We zagen bij niemand een stijging van de stollingsfactoren die op het ontstaan van bloedpropjes duiden.” Dat komt waarschijnlijk omdat de andere gemeten stollingswaarden stabiel bleven. Maar misschien is de reden hiervan ook wel, redeneert Scheres, dat alleen gezonde jonge, gezonde mensen de film zagen en werden geprikt. Ouderen met hart- en vaatproblemen, de doorsnee bezoeker van de trombosedienst, waren tevoren uitgesloten als proefpersoon. Loopt deze groep dan angstaanjagend veel risico’s bij het zien van een griezelfilm? „Dat hebben we nu niet onderzocht”, antwoordt Luuk Scheres keurig. „Daarom kunnen we aan de hand van ons onderzoek geen gezondheidsadvies geven aan mensen met een verhoogd risico op trombose.” Voorlopig komt er dus geen nieuw advies van de Kijkwijzer voor horrorfilms: ‘Ongeschikt voor trombosepatiënten’. 

Bekijk hier een filmpje  waarin Luuk Scheres en Banne Nemeth over hun onderzoek vertellen (gedeeltelijk Engelstalig) 
 

Volg nieuws uit jouw gemeente via Facebook

De Limburger heeft voor alle 31 gemeenten een eigen Facebookgroep met het laatste plaatselijke nieuws.

> Neem een kijkje