Schransen wat je wil

Print
Schransen wat je wil

Marjolijn de Cocq na het experiment: „ Maat 44 wordt het niet, de extra kilo’s bleven uit.” Afbeelding: foto Shody Careman

Wat gebeurt er als je de strenge leefregels die je jezelf hebt opgelegd loslaat, als je meer bezig bent met een dieet, en een tijdlang alles eet waar je zin in hebt? Groei je dan uit je kleren? Marjolijn de Cocq voerde het experiment uit.

Stel dat je hebt verklaard: ik doe het niet meer, dat lijnen. Stel dat je hebt besloten je eventjes niets gelegen te laten liggen aan schoonheidsnormen en voorschriften van dieetgoeroes. Stel dat je hebt geleerd: ik hoef geen Kate, Doutzen of Rens te zijn. 
Stel dat je eindelijk vrede hebt met eigen lijf en dat je een zekere balans hebt gevonden tussen je voeding, drank, sport en kledingmaat. En dat je dan de vraag krijgt: zou jij, nu je het eeuwige lijnen achter je wilt laten, het tegenovergestelde experiment willen aangaan? Een maand lang alles eten waar je zin in hebt en dan bijhouden wat dat met je doet, zowel mentaal als op de weegschaal? 
Nee, denk ik meteen, natuurlijk ga ik dat experiment niet aan. Weten jullie wel hoe onbeteugelbaar mateloos ik ben in de buurt van kroketten, bitterballen en patat met mayonaise? Om nog maar te zwijgen van paprikachips en borrelnootjes?  Weten jullie wat een drankzuchtig mormel er in mij huist? Dat ik vrede heb met maat 42, betekent niet dat ik wil doorstoten naar 44 of 46. Ja, natuurlijk, hoor ik mezelf antwoorden. 

De eeuwige calorieënteller loslaten

Want de vraag intrigeert me.Wat zou het doen met die eeuwige calorieënteller in mij als ze los mag? Als er geen limieten gelden, als je alles eet en drinkt waar je zin in hebt? Ik ben beducht, dat wel: hoeveel kilo’s zouden er dan bij komen? Hoeveel katers, hoeveel momenten van spijt? Aan de andere kant: ik heb net mijn tirades afgestoken tegen goede voornemens in januari, en anderen voorgehouden dat die nergens op slaan. Jezelf van alles ontzeggen, betekent dat je juist geobsedeerd raakt door wat je niet mag en dat maakt het risico op doorslaan des te groter. En als het klopt wat ik beweer, zou het met die kilo’s erbij kunnen meevallen. Tijdelijk alles eten waar je zin in hebt, zonder beperkingen, betekent omgekeerd ook laten staan waar je geen zin in hebt. Dan laat ik de restjes op de borden van de kinderen gewoon liggen en eet ze niet zoals anders op omdat het anders verspilling van eten zou zijn. Sport je wel extra als tegenwicht, is de vraag die me nogal omzichtig wordt gesteld als ik in het bedrijfsrestaurant een krokant gebakken kroketje tussen de grijpertjes heb. Let wel: ik eet dat kroketje op een bruine, vers afgesneden boerenboterham omdat ik dat het lekkerst vind. En daarnaast neem ik ook een van de Rens Kroeselige salades die het restaurant serveert, met granaatappelpitjes en boekweit. 

Tijdelijk alles eten waar je zin in hebt, zonder beperkingen, betekent omgekeerd ook laten staan waar je geen zin in hebt.

Maar toch. Ik eet een kroketje bij de lunch. En morgen en overmorgen misschien nog wel een, als ik daar zin in heb. 
Want ik experimenteer en dus mag het.  En nee, ik sport niet extra. Ik loop geen halve marathons meer vanwege een zere knie waarmee ik amper nog de trap op en af kom. En van het voornemen om drie ochtenden per week te zwemmen is het nog niet gekomen, want ik haat zwembaden. Gelukkig is het in emotioneel opzicht een redelijk beschaafde maand. Mijn gezin reilt en zeilt, de familie ook. Het werk baart weinig zorgen. De grootste rampen deze maand zijn de driekoningenkoek en de diefstal van mijn mooie grote, verlengde mamafiets, na negen jaar trouwe dienst, dus op die ene avond was troosteten, op een zak schuimpjes na, niet echt nodig. Maar verder? Afgezien van die hang naar kroketten, valt het me zeker de eerste week zwaar om te bedenken waar ik echt zin in heb. Al denk ik dat ik niet meer dieet en lijn, ik blijk mezelf toch aan een regime van do’s en dont’s te houden die ik aan de vele gezondheidsregels heb overgehouden. Zo drink ik normaal gesproken elke ochtend een borrelglaasje aloëverasap, reinigend en verjongend volgens de Indiase gezondheidsleer Ayurveda. 

Gelukkig is het in emotioneel opzicht een redelijk beschaafde maand.

Maar heb ik daar echt zin in? Het is een slok zeep op de nuchtere maag. Liever heb ik het grote glas grapefruitsap uit pak dat kennelijk heel slecht voor je is, maar waar ik elke ochtend weer enorm van opkikker. Dat zal de suikerboost wel zijn. Naar rijstwafels of havermout taal ik niet, de ontbijtjes die ik aan het Hormoonfactordieet en De Voedselzandloper overhield. Als ik niet hoef na te denken over koolhydraten en gluten, ga ik deze weken weer keihard aan het brood. Dat vermaledijde, verboden, goddelijke brood. Met roomboter (!) en kaas. Tijdelijk bevrijd van de gedachte dat ik voor mijn gezondheid vegetariër zou moeten zijn, eet ik belachelijk veel vlees. Vleeswaren op brood, rosbief, kipleverworst. En als we uit eten gaan bestel ik entrecote met béarnaisesaus en luiewijvenfrieten met mayo in plaats van heek op een bedje van groente. Ik drink er meer bij dan goed voor me is. Zo’n hedonistische maand merk je wel. 

Maat 44 wordt het niet, de kilo’s blijven uit.

Maat 44 wordt het niet, de kilo’s blijven uit. Want ik stop met eten als ik geen zin meer heb en op die manier luisteren naar je lichaam werkt. Dat is wel de belangrijkste les van deze maand: het hoeft allemaal niet op. Maar de wallen onder mijn ogen zijn geprononceerder, mijn haar is net zo futloos als ikzelf en mijn stoelgang is danig verstoord. Op de laatste dag van het experiment hoor ik mezelf in het bedrijfsrestaurant nog de hamburger met friet bestellen die op vrijdag op het menu staat. Die eet ik tegen de spelregels in helemaal op, terwijl ik er eigenlijk niet eens zin in heb. ,,Nu het nog kan”, zeg ik er haast verontschuldigend bij. Die burger ligt als een steen op mijn maag. Zodanig, dat ik me verheug op het gareel waarnaar ik morgen terugkeer. Ik besef terdege: niet alles waar ik zin in heb, is goed voor me, laat staan voor dier en milieu. En dat zijn argumenten waar ik enigszins gevoelig voor ben. Een leven zonder lijnen kan minder strak dan ik het in praktijk bracht. Voor mijn gewicht hoef ik dat kroketje niet te laten staan. Schuimpjes zijn troostrijk tot en met. Van brood ga je niet dood. Maar voorlopig even geen wodka in het vriesvak, die lunchfrituur gaat terug naar ‘met mate’ en dagelijks vlees gaat toch in de ban. Verbeeld ik het me of is die onderkin kwabbiger? Vallen de groeven rond mijn mond meer op? Zie ik er grauwer uit dan normaal? Misschien toch maar even naar de natuurwinkel voor een nieuwe fles aloëverasap. Voor de zekerheid. 
 

Je las zojuist een gratis artikel


Niet alle artikelen zijn gratis, want zogeheten Plus-artikelen zijn alleen te lezen door abonnees. Zonder abonnees kunnen we namelijk geen betrouwbare regionale journalistiek maken. Je leest al onze artikelen vanaf €4,50 per maand.

Bekijk de aanbieding →