De droom van profvoetballer is snel vervlogen

Print
De droom van profvoetballer is snel vervlogen

Afbeelding: Archieffoto: Ermindo Armino

Het is knokken voor die droom als profvoetballer. Jarenlang, iedere dag. Talloze jongetjes doen het, bitter weinig slagen. De nietsontziende afvalrace houdt niet op na het debuut in de hoofdmacht.

Zelfs de sterksten uit de eigen opleiding, de uitverkorenen, zijn niet zomaar verzekerd van een profbestaan. Anno 2016 moet een talent er meteen staan. Veel tijd om fouten te maken is er niet en niet volop overtuigen kan dan al snel resulteren in een terugkeer naar de amateurs. Een illusie armer, een ervaring rijker.

Lloyd Borgers (22) ervoer het als speler van MVV aan den lijve. Tegenwoordig actief voor eersteklasser Meerssen, tussen 2010 en 2013 39 keer tussen de lijnen bij de club waar hij zijn voetbalopleiding genoot. Zeven maal trof de Maastrichtse aanvaller doel. Geen onaardige statistieken voor een talent, toch kreeg hij van de clubleiding te horen dat er voor hem geen contractaanbieding kwam voor het daaropvolgende voetbaljaar. „Dat vond ik vreselijk om te horen”, vertelt hij. „Het was mijn favoriete club natuurlijk. Nog steeds trouwens. Ik ben er nu wel overheen. Ik had gelukkig de havo afgemaakt en was al bezig met de hbo-opleiding management en ondernemerschap bij de VVCS (Vakbond Van Contractspelers, red). Daar ben ik inmiddels klaar.” 

Het was mijn favoriete club natuurlijk.

Terugblikkend op zijn tijd bij MVV weet Borgers waar het voor hem is mis gegaan. „Wat mij heeft opgebroken bij MVV is het ontbreken van een tweede elftal. In mijn eerste twee jaar bij MVV kwam ik in de A1 nog aan mijn wedstrijdjes als ik bij het eerste niet gespeeld had. Daarna hield het voor mij op bij de junioren. MVV had dat seizoen (2012-2013, red) een sterk team dat vijfde werd in de eerste divisie en ik kwam een stuk minder in de plannen van de trainer voor. Aangezien MVV niet over een beloftenploeg beschikte, had ik dus een probleem. Ik kon weliswaar trainen met de selectie, maar wedstrijden zaten er bijna niet in. Ik deed dat jaar slechts zes keer mee, waarvan één keer in de basis. Dat is gewoon funest als je 19 jaar bent.”

Ik deed dat jaar slechts zes keer mee, waarvan één keer in de basis. Dat is gewoon funest als je 19 jaar bent.


Het verhaal van Borgers staat niet op zichzelf. Ieder jaar opnieuw worden profvoetballers vroegtijdig beroofd van hun ambities en gedwongen hun loopbaan voort te zetten bij de amateurs. In Limburg is dat niet anders. Wel verschillen de aantallen per club. Fortuna Sittard is hofleverancier aan het amateurvoetbal wat betreft spelers die hun debuut in het eerste elftal maakten: twintig voormalige debutanten sinds het seizoen 2010-2011. Relatief gezien hebben Limburgse voetbaltalenten in Sittard dus de beste perspectieven om het betaalde voetbal te bereiken. Hier moet bij worden aangetekend dat Fortuna sinds de degradatie in 2002, afgezien van twee seizoenen, nooit hoger dan de elfde plek eindigde in de eerste divisie en dus een lager instapniveau had dan VVV en Roda JC. Daarnaast is Fortuna, mede door de penibele financiële situatie, eerder genoodzaakt talenten door te schuiven naar de selectie om aan de vereiste zestien contractspelers te komen. Tomas Overhof (21) – nu EVV, vorig jaar Fortuna – profiteerde daar aanvankelijk van, maar zag aan het einde van het voetbaljaar zijn profloopbaan alsnog stranden. Overhof: „Teleurstellend want van de zeventien keer dat ik meedeed, begon ik vijftien keer in de basis. Dan heb je toch hoop dat je mag blijven. Mocht ik overigens wel, wederom op amateurbasis welteverstaan. Dat zag ik niet zitten. Toen EVV zich bij me meldde was de keuze gauw gemaakt. Zeker omdat ik het kan combineren met mijn studie aan de Johan Cruyff University in Tilburg.”

Teleurstellend want van de zeventien keer dat ik meedeed, begon ik vijftien keer in de basis.

Roda JC en VVV speelden in de gewogen seizoenen overwegend in de eredivisie, hetgeen de stap naar het eerste elftal voor talenten aanzienlijk moeilijker maakt. Zeker bij Roda is debuteren een aanzienlijk lastigere opgave. Talenten als Mitchel Paulissen, Guus Hupperts, Daryl Werker en Regino Cicilia (uitgeleend aan RKC Waalwijk), die tot speelminuten in het vlaggenschip kwamen, slaagden er echter wel in actief te blijven als prof. Jeugd inpassen is een groot goed, maar dan moet het vereiste niveau wel voor handen zijn. VVV daarentegen gunt jongelingen eerder een kans bij de grote jongens. Een garantie voor langdurig succes is dat zeker niet, ondervond Rick Verbeek (27) in eigen persoon. „Het begon goed voor mij. Ik maakte mijn eerste minuten in het seizoen 2008-2009, het kampioensjaar. Ik speelde dertig wedstrijden, waarvan meer dan de helft in de basis. In de drie jaar daarna in de eredivisie werd mijn speeltijd veel beperkter. Iets van dertien competitiewedstrijden maar en VVV liet me weten dat ik mocht vertrekken. Vervolgens heb ik twee jaar bij De Treffers gespeeld, een jaar bij EVV. Om dit jaar weer naar De Treffers terug te gaan. Financieel toch net iets aantrekkelijker voor mij. Waar de ene deur dicht gaat, gaat de andere open. Ik ben een mbo-opleiding logistiek gaan volgen en werk nu bij transportbedrijf in Venlo. De droom om prof te worden is vervlogen. Hoewel, in het voetbal weet je het nooit hè…”