Agora: de weg van niets naar iets was moeiljk

Print
Agora: de weg van niets naar iets was moeiljk

Leerlingen van de Niekeeschool en hun ouders praten over Agora onderwijs. Afbeelding: John Peters

Het eerste jaar van het persoonlijke Agora-onderwijs in Roermond is geslaagd, constateert de Open Universiteit. Maar de weg „van niets naar iets” was moeilijk, beschrijft hoogleraar onderwijskunde Jos Claessen in een onthullend rapport, dat vandaag verschijnt.

Joep Hanssen is slechtziend. Hij zat op een blinden- en slechtziendenschool, voordat hij op Agora in Roermond kwam. „Hij rebelleerde, gooide met van alles en raakte verdwaald in de vrijheid. Je merkte hoe hij zich door de basisschool had geworsteld en niet wist hoe hij verder moest. Pure onmacht. Coach Tim Slot, een vroegere militair, heeft hem de structuur gegeven en het vertrouwen. En nu? Hij is opgebloeid, lacht, is communicatief en heeft zijn weg gevonden. Zo zie je wat Agora kan bereiken.”

Professor Jos Claessen van de Open Universiteit in Heerlen kan het weten. Hij was erbij, in dat eerste jaar van Agora, vanaf september 2014. Elke week, één dag. Hij kroop onder de huid van deze experimentele vorm van onderwijs. „Ik wilde het vóelen, de ups en downs beleven. Ik wilde geen afstandelijke wetenschappelijke benadering die uit zou monden in grafieken en tabellen.”

 
De praktijk met 24 jongens en 10 meisjes was weerbarstig

Zijn verslag - de Tegels van Agora - geeft een zeldzaam en uniek inkijkje in de ontwikkeling van een nieuwe onderwijsvorm. Een middelbare school voor kinderen van alle niveaus, zonder roosters, boeken, cijfers of vakken. Maar wel met coaching, projecten, workshops en vooral persoonlijk leren. In alle vrijheid. Anytime, anywhere. En...met een gegarandeerd diploma. Op papier was het mooi uitgedacht, maar de praktijk met 24 jongens en 10 meisjes was weerbarstig.
Het begon ermee dat de eerstejaars hun Agoralokaal in de Niekéeschool zelf mochten inrichten. Dat deden ze. Met oude banken, losse tafels en stoelen, een hok met drie cavia’s en een spelcomputer. Leuk idee, maar de praktijk was een rommelige bende die garant stond voor veel rumoer en de coaches enorm frustreerden. Na de herfstvakantie werd het lokaal wat ordelijker ingericht, blijkt uit de Tegels. 

 Zo’n speelveld zonder grenzen en spelregels leidde tot chaos en onrust

Kinderen die uit het gestructureerde basisonderwijs kwamen, werden bij Agora losgelaten. Ze waren op zichzelf aangewezen; er waren geen toezichthoudende docenten en er was nauwelijks corrigerend gedrag. Met als resultaat dat sommigen fanatiek zaten te gamen, anderen niet vooruit te branden waren en weer anderen zaten te ruziën. Zo’n speelveld zonder grenzen en spelregels leidde tot chaos en onrust, concludeerde Claessen. De coaches die weliswaar allemaal enthousiast aan het Agoraproject waren begonnen, hadden in de praktijk veel te weinig uren en liepen tegen de herfstvakantie al op hun tandvlees. Het uur dat ze aan het begin en einde van elke dag hadden om alles door te spreken, was veel te kort en ze waren continue bezig met het oplossen van problemen. „Het was een uitputtingsslag”, valt te lezen. „Het leidde in oktober 2014 tot spoedberaad van coaches en directie, waarbij de grenzen van persoonlijk leren werden afgebakend. Agora is de vrijheid om te leren wat je wilt, maar geen vrijblijvendheid om te doen wat je wilt,” zo werd besloten. 

 
Je kunt een kind niet aan zijn lot overlaten


Er kwam structuur en meer uren voor de coaches. Er kwamen zelfgemaakte werkboekjes met de theorie van de denkcirkel en hoe deze toe te passen bij de projecten. Het bleek een doorbraak. „Je kunt een kind niet aan zijn lot overlaten”, licht Claessen zijn bevindingen toe. „Er moet wel een vorm van structuur zijn, maar niet zoals die nu op de middelbare scholen is. Na een paar maanden gingen de leerlingen alles vastleggen in een speciaal computerprogramma, Target Process. Een geweldige uitvinding! Elke dag schrijven ze op wat ze gedaan hebben, of het goed ging en wat ze morgen gaan doen. Daarnaast hebben ze elke week een persoonlijk gesprek met een van de coaches.”

Er werd meer bijgesteld. Op verzoek van de leerlingen werd Rosetta Stone op de planning gezet: een digitaal pakket met 25 moderne talen, waarbij de voortgang automatisch wordt bijgehouden. Ze kregen voortaan ook elke week een uur Nederlands en een uur wiskunde. Omdat de keuken en technieklokaal van Niekée op sommige dagen beschikbaar waren, werden Tech Time en Kitchen Time ingevoerd. Hetzelfde gold voor de expressieve vakken: daar kwam Atelier voor. Ouders en andere externen werden uitgenodigd om workshops te verzorgen. De groep werd daarnaast ingedeeld in subgroepen: één met en één zonder intensieve begeleiding. Het bracht volgens het rapport veel rust. 
 

We lopen over een brug, die we tegelijkertijd bouwen


Het eerste Agorajaar was volgens de meelevende wetenschapper een „gezamenlijk uitdagend avontuur, maar ook een uitputtende expeditie”. Desondanks lieten de bestuurders en coaches zich niet uit het veld slaan. Het versterkte de daadkracht. „De vasthoudendheid van mensen zoals Sjef Drummen en Jan Fasen was enorm. Het leken wel missionarissen met een onwrikbaar geloof”, licht Claessen toe.

„Drummen heeft al eens eerder gezegd: we lopen over een brug, die we tegelijkertijd bouwen. En dat is zo. Het is een voortdurend proces van bijstellen, voor iedereen. Ik ben kritisch geweest in deze Agora-biografie, maar ben er ook van overtuigd dat het een geslaagd jaar was. En ik had écht de nodige scepsis van tevoren. Ik ben een man van de oude stempel. Toch heb ik gezien dat er bekwame mensen aan het roer staan. En het schip dat verzeild raakte in woelig water heeft de koers bijgesteld en is verder gevaren. Ik heb gezien hoe kinderen als Joep zijn opgebloeid. Daar verdient het team waardering en respect voor.”

 

Kijk hier hoe je meer over het Agora-onderwijs vier weken gratis kunt lezen in de digitale krant.

Je las zojuist een gratis artikel


Niet alle artikelen zijn gratis, want zogeheten Plus-artikelen zijn alleen te lezen door abonnees. Zonder abonnees kunnen we namelijk geen betrouwbare regionale journalistiek maken. Je leest al onze artikelen vanaf €4,50 per maand.

Bekijk de aanbieding →