Zag je dat? Dat zijn schoolkinderen op gymles

Print
Zag je dat? Dat zijn schoolkinderen op gymles

Dave Van Kann bestudeerde het beweeg-gedrag van kinderen op twintig Zuid-Limburgse basisscholen Afbeelding: Roger Dohmen

Als je schoolkinderen zowel een gps-tracker als een beweegmeter geeft, wat ontdek je dan? De Maastrichtse onderzoeker Dave Van Kann bestudeerde het beweeggedrag van kinderen op twintig basisscholen in Zuid-Limburg. Het vertrekpunt: ze moeten meer rennen, springen, vliegen, duiken, vallen, opstaan en weer doorgaan.

Een zwerm stippels danst op het computerscherm over de plattegrond van de wijk Broeksittard in Sittard. Donkerrode, maar ook witte puntjes lichten op. Onderzoeker Dave Van Kann (Universiteit Maastricht) wijst naar enkele witte stippen. Hij schudt zachtjes zijn hoofd. „Zag je dat? Dat zijn de schoolkinderen op de gymles. Kijk je goed, dan zie je dat ze onderweg van school naar de gymzaal actiever zijn dan tijdens de gymles zelf! Er zijn meer witte stippen tijdens het gymuurtje. Onderweg kleuren de puntjes continu rood.” 

Bijna wonderbaarlijk en tot voor enkele jaren ondenkbaar: Van Kann heeft de beweeglijkheid van groepen kinderen in de basisschoolleeftijd en hun precieze locatie gedurende vijf dagen minutieus vastgelegd. Samen met collega’s heeft hij deze stortvloed aan gegevens omgezet in aansprekende computerbeelden.

Of de jongens en meisjes op woensdagochtend naar school lopen dan wel met de auto worden gebracht, of ze op vrijdagavond trainen bij hun voetbalclub. Zelfs ook als de kinderen tijdens het regenachtige speelkwartiertje beteuterd in het schoolgebouw blijven rondhangen: al hun activiteiten (of juist het gebrek daaraan) en de plek van handeling zijn met de elektronische stofkam van Van Kann gegeregistreerd. Hij gaf ze een beweegmeter en een gps-tracker mee: een bundeling van technieken die in dit soort studies wereldwijd zelden eerder is vertoond. Ook bekeek hij onder meer of kinderen door enkele simpele, goedkope ingrepen op school extra in beweging komen, zoals plaatsing van kleine goals op het schoolplein. 

Er zijn meer witte stippen tijdens het gymuurtje

Waarom dit onderzoek? Het is een bekend verhaal: onrustbarend veel kinderen lijden aan overgewicht, onder meer veroorzaakt door gebrek aan beweging. Dat is juist op zo’n jonge leeftijd volslagen onwenselijk, kreunt Van Kann: „Ook voor beweeggedrag geldt: jong geleerd is oud gedaan. Ontwikkelt een kind een actieve leefstijl waarin het veel in beweging komt, dan wordt dit alles een soort automatisme in zijn gedrag.” Eenmaal beweeglijk, altijd beweeglijk. „Daarentegen zal een passief kind op volwassen leeftijd niet gauw actief worden.” 

De eerste resultaten uit het onderzoek onder twintig basisscholen in Zuid-Limburg zijn bemoedigend. Op de scholen waar de leerlingen door de plaating van kleine doelen tot meer actie werden geprikkeld, kwam ook meer actie. „Kinderen gaan dan extra bewegen. Dat doen ze trouwens ook als de onderwijzer voorstelt: ‘kom op, we gaan voetballen’. Maar de combinatie van beide factoren doet nog veel meer: één plus één is dan meer dan twee. Die trend zagen we op alle dagen en alle plekken.”

Wen passief kind zal op volwassen leeftijd niet gauw actief worden

Exacte resultaten mag Van Kann niet verstrekken - ze moeten eerst in een wetenschappelijk blad verschijnen - maar duidelijk is wel dat kinderen op de geactiveerde scholen globaal tot een uur per week meer in beweging komen dan de leerlingen op scholen waar alles bij het oude bleef. „De effecten zijn ook blijvend, althans in de twee schooljaren die we hebben bestudeerd.” 

Onverwachte bevindingen deed Van Kann ook, dankzij de inzet van de gevoelige gps-techologie en de beweegmeters. „Kinderen blijken extreem actief te zijn wanneer ze zich verplaatsen. Bijvoorbeeld als ze op weg zijn naar school of naar huis. Dan zien we heel veel beweeglijkheid.” Logisch: een schoolkind dat naar huis gaat, huppelt, hipt en hopt. „Een kind op deze leeftijd is van nature actief. Meestal proberen volwassenen hen te bedaren: ‘Jongens, blijf eens rustig’.” Verder blijkt dat de schooljeugd niet altijd de leukste of de kortste weg naar huis neemt. „Waarom dat zo is, weten we nog niet. Misschien kiezen de kinderen voor een veilige weg.”

Ook hier konden de onderzoekers met een simpele maatregel een aantal kinderen tot extra beweging verleiden, in een actie gericht tegen de gewoonte van ouders om zoon- of dochterlief per auto bij de school af te leveren. Alleen de jongens en meisjes die naar school zouden lopen of fietsen, kregen een blitse sticker. De kinderen die in de auto bij de school werden afgezet niet. Het bleek een daverend succes. Van Kann: „Kinderen die altijd werden gebracht, droegen hun ouders op eerder te stoppen, waardoor ze nog een stuk konden lopen: ‘want ik wil ook zo’n sticker’.” 

Jongens, blijf eens rustig!

Even borrelt verontwaardiging bij hem op: „Weet je wat een enorm gemiste kans is? Er zijn scholen die hun speelplaats buiten de schooltijden sluiten. Ze zijn bang voor vandalisme of hangjongeren. Ik zou zeggen: gooi al die schoolpleinen open! Het zijn inspirerende plekken waar kinderen volop kunnen spelen, voetballen, kortom actief zijn, zowel voor als na schooltijd. Vaak ligt er ook nog een prachtig speelveld bij en is het plein midden in de wijk gesitueerd. Kinderen weten de weg natuurlijk makkelijk te vinden. Ouders zeggen vaak tegen hun kind: ga eens buiten spelen. Maar dan moet er wel een aanlokkelijk buiten zijn, waar ze lekker hun gang kunnen gaan.”

Je las zojuist een gratis artikel


Niet alle artikelen zijn gratis, want zogeheten Plus-artikelen zijn alleen te lezen door abonnees. Zonder abonnees kunnen we namelijk geen betrouwbare regionale journalistiek maken. Je leest al onze artikelen vanaf €4,50 per maand.

Bekijk de aanbieding →