Koning eenoog in het handbal

Print
Koning eenoog in het handbal

Afbeelding: MGL

Ontnuchterend. Anders kan het optreden van Lions in de poulefase van de EHF-Cup niet worden omschreven. Na de eerste twee van zes duels is de conclusie hard: de ambitie van de handballers uit Sittard-Geleen om hun voet naast de Europese subtop te zetten, is een luchtballon.

Een kansloze 26-33 thuisnederlaag tegen Nantes werd zondag gevolgd door een genadeloos pak slaag bij Frisch Auf Göppingen: 40-20. Gevreesd moet worden dat de lijdensweg van Lions in Europa nog niet ten einde is. Komende zondag wacht in Denemarken het sterke Holstebro, leider in de Deense competitie en als de verhoudingen gerespecteerd worden meer dan een maatje te groot. Was uitschakeling in dit stadium van de EHF-Cup ingecalculeerd, de manier waarop het team van coach Monique Tijsterman zich in de eerste twee duels naar de slachtbank liet leiden, doet de ogen opengaan. Als winnaar van de BENE-League, landskampioen en bekerwinnaar was Lions in 2015 veruit de sterkste ploeg van Nederland en België. De scepsis die in de beginjaren rond de fusieclub hing, was in één klap weg. De volle tribunes in de Topsporthal in Sittard vormden het levende bewijs dat Lions zijn plek definitief heeft veroverd.

Acht keer per week trainen, zoals Lions doet, is voor Nederlandse begrippen revolutionair, in de echte handballanden is het peanuts

De kwalificatie voor de poulefase van de EHF-Cup, vergelijkbaar met de Europa League in het voetbal, moest Lions ook in Europa op de kaart zetten. Dat laatste valt zwaar tegen. Het krachthandbal van Nantes en Göppingen, niet eens hoogvliegers in respectievelijk de Franse en Duitse competitie, bleek veel te hoog gegrepen voor Lions dat in Nederland en België zelden tot het uiterste hoeft te gaan. In Europa gelden heel andere wetten. De profs van Nantes en Göppingen overvleugelden de amateurs van Lions in alle onderdelen van het spel, vooral in kracht en lengte. Acht keer per week trainen, zoals Lions doet, is voor Nederlandse begrippen revolutionair, in de echte handballanden is het peanuts. Het demasqué van de fusieclub in Europa is daarom geen schande, maar plaatst de successen van Lions in de Nederlandse competitie wel in perspectief. In het land der blinden is eenoog koning.

Daar komt bij dat het avontuur in de EHF-Cup bij diverse spelers de ogen zal hebben geopend. Als talenten zoals Kay Smits, Ivo en Luc Steins en Joris Baart zich willen blijven ontwikkelen, is er slechts één route: die naar een hoger aangeschreven competitie. De kans is reëel dat de selectie van Lions na dit seizoen danig zal worden afgeroomd. Aangezien het vinden van gelijkwaardige vervangers niet evident is, ligt stagnatie op de loer.

In die context is aansluiting met de Europese subtop ook in de toekomst een utopie. Het Nederlandse clubhandbal is domweg niet kapitaalkrachtig genoeg om ooit te kunnen concurreren met de zoveel sterkere competities elders in Europa.

Handbal zit in dat opzicht niet anders in elkaar dan voetbal. Los van enkele incidentele succesjes heeft ook het vaderlandse clubvoetbal niets meer in de melk te brokkelen. Let wel: het echec in de EHF-Cup hoeft Lions niet in een depressie te dompelen. Nu de club weer met beide benen op de grond staat, moet de focus op de eigen competitie liggen. Duels tegen Bevo, Aals meer en Volendam spreken minder tot de verbeelding, maar het is naast de BENE-League het enige platform waarop Lions kan excelleren. Het is de voornaamste les die getrokken moet worden uit het optreden van Lions in de EHF-Cup.
 

Je las zojuist een gratis artikel


Niet alle artikelen zijn gratis, want zogeheten Plus-artikelen zijn alleen te lezen door abonnees. Zonder abonnees kunnen we namelijk geen betrouwbare regionale journalistiek maken. Je leest al onze artikelen vanaf €4,50 per maand.

Bekijk de aanbieding →