En toen was er nog maar één Moszkowicz

Print
En toen was er nog maar één Moszkowicz

Afbeelding: Fotolia

En toen was er nog maar één. Nu David Moszkowicz, in navolging van zijn broers Robert en Bram, zijn beroep als advocaat niet meer mag uitoefenen, is van de vier telgen alleen Max Jr. nog smetvrij.


Het merk Moszkowicz, ooit een vermaarde naam binnen de advocatuur, wordt nu vooral geassocieerd met leugens, bedrog en wantoestanden op het kantoor. 

Hoe zoiets kan? Max Jr. gooit het op het oorlogsverleden van zijn pa. De man die, koud uit het concentratiekamp in Auschwitz, een toonaangevend advocatenmaatschap wist op te bouwen. 

Volgens Max Jr. is het leed van zijn vader in de oorlog overgegaan op zijn zoons. „Daardoor hebben we allemaal een klap van de molenwiek gehad”, zo liet hij zich vorig jaar in de Volkskrant ontvallen. 

Robert Moszkowicz, ooit verslaafd aan heroïne en in 2006 geschrapt van het tableau na een reeks uitglijders, rept in zijn biografie van een ‘tweede-generatiesyndroom’. 

In zijn streven om zijn pa te behagen zou hij zichzelf voorbij hebben gelopen, met desastreuze gevolgen. 

Ten slotte Bram. Uit zijn ambt gezet vanwege het toebrengen van ernstige schade aan de integriteit van de advocatuur. 
In zijn boek Onkruid schuift hij de schuld in de schoenen van journalisten (‘babbelaars en krabbelaars’) en het Hof van Discipline (‘het executiepeloton’). 

Hoe dan ook, de naam Moszkowicz is eeuwig besmeurd. 

En hoewel de broers elkaar bijkans de tent uit vechten, heerst er over één ding wel degelijk consensus: de ondergang van de Moszkowiczdynastie ligt aan iedereen, behalve aan henzelf.