Op zoek naar je eigen familie

Print
Op zoek naar je eigen familie

Een rondje over de ‘markt’ die zaterdag deel uitmaakte van de drukbezochte Genealogiedag Limburg, leert dat genealogie anno nu vooral per computer wordt bedreven. Afbeelding: Annemiek Mommers

Genealogie (familiekunde) lijkt steeds populairder te worden. Een televisieprogramma als ‘Verborgen verleden’, waarin bekende Nederlanders op zoek gaan naar hun voorouders, trekt onverwacht veel kijkers. En de Limburgse Genealogiedag in Maastricht was zaterdag drukbezocht.

Hij lacht even minzaam, beroepsgenealoog en archiefonderzoeker Funs Patelski uit Klimmen. Genealogie steeds populairder? „Die vraag werd me dertig jaar geleden ook al gesteld. Toen gaf ik hetzelfde antwoord: genealogie is altijd populair geweest. Kijk in de bijbel, daar wordt de stamboom van Jezus uitgebreid beschreven, met een erflijn die teruggaat tot koning David en verder. Saddam Hoessein had een stamboom die terugging tot Mohammed. We kennen uitvoerige en complexe stambomen uit de zestiende en zeventiende eeuw. Meestal van adellijke families - stambomen waren van belang in verband met het erfrecht - en later ook van de gegoede burgerij. Het voornaamste verschil met nu, is dat de toegankelijkheid van de gegevens enorm is verbeterd. Vroeger zat je vaak weken, maanden in archieven te snuffelen om te vinden wat je nu binnen één avond kunt achterhalen.”

Genealogie is altijd populair geweest.

Patelski kan het weten. Hij is in Limburg een onbetwiste autoriteit op zijn gebied. Een kwalificatie die zaterdag bevestigd werd toen hem tijdens de Genealogiedag Limburg in Maastricht de allereerste Edmond Delhougne Penning werd uitgereikt. Vanwege zijn bijzondere bijdrage aan de ontwikkeling en de promotie van de genealogie in de beide Limburgen. Een bijzondere eer, ook al omdat de penning vernoemd is naar Patelski’s leermeester, de Roermondse genealoog Edmond Delhougne (1932-2013), die als één van de eersten de genealogie voor een heel breed publiek toegankelijk maakte. Een rondje over de ‘markt’ die zaterdag deel uitmaakte van de Genealogiedag Limburg, leert dat genealogie anno nu vooral per computer wordt bedreven. Internet is erg handig voor het verzamelen van gegevens. Bijvoorbeeld via de website Familysearch, waarop de mormonen (de Kerk van Jezus Christus van de Heiligen der Laatste Dagen) een onwaarschijnlijke hoeveelheid familiegegevens uit de hele wereld hebben verzameld. Patelski: „De mormonen geloven heilig in een leven na dit leven, en ze zijn ervan overtuigd dat ze hun voorouders, enkel door ze te benoemen, met terugwerkende kracht alsnog toegang tot de hemel kunnen verschaffen. Vandaar hun enorme interesse in genealogie.” Proef op de som: ik tik mijn eigen familienaam in de zoekmachine van Familysearch. Dat levert naast een serie oude bekenden ook een Amerikaanse en een Duitse familietak Urlings op. Nooit geweten. 

De mormonen geloven heilig in een leven na dit leven.

Patelski: „Voor het snelle werk, het verzamelen, opslaan en verwerken van data, is de computer een geweldig werktuig. Al blijf ik erbij dat niets mooier is dan de originele documenten over je voorouders in je hand houden, besnuffelen, bestuderen. Daar zitten vaak mooie, kleine verhalen in opgesloten. Zo wordt genealogie ook in het onderwijs gebruikt. Leerlingen onderzoek laten doen naar hun overgrootouders, om de geschiedenis dichterbij te brengen, inleefbaar te maken.” Zelf is Patelski via het WORM-project betrokken bij de koppeling van genealogie en erfelijkheidsonderzoek. Dat heeft onder meer al geleid tot het opsporen van een genetische afwijking die in bepaalde nauw verwante families een vergrote kans op hartfalen oplevert. Belangrijk werk. Maar uit gesprekken met bezoekers van de Genealogiedag komt toch vooral naar voren dat genealogie ook gewoon een leuke en interessante hobby is. Patelski heeft het uitgezocht: ik stam af van het welgestelde landbouwersechtpaar Willem Waelen en Maria Moers, eind zeventiende eeuw als ‘halfwinners’ actief op hoeve Nijthuizen bij Wijnandsrade. Ik niet alleen, trouwens. Ook Jo Ritzen, Camille Oostwegel, Gerd Leers en Maria van der Hoeven - om er maar een paar te noemen - komen dat echtpaar in hun erflijn tegen. Niet dat ik daar veel mee opschiet, maar het is toch aardig om te weten.”