Gerard Kessels

Print
Gerard Kessels

Afbeelding: MGL

Johan! Wat doe je nou? Dood aan longkanker? En je was al 24 jaar rookvrij? Ik zie je nog in dat filmpje. Keurig in het pak houd je met je fluwelen trap een pakje sigaretten hoog. Dan knal je het weg: ‘Roken doodt’.

Toen je daar voor de camera stond, moet je de roet van het verderf al in je lijf hebben gehad. Maar de dood kan wachten. Terwijl de kettingroker meende de tumor op rechts gepasseerd te zijn, liet de dood hem met een schijnbeweging op links nog één keer gaan. In Nederland was hij de wereldvoetballer, in Barcelona de Verlosser en overal was ‘Kroef’ een begrip. Meer en meer werd hij goeroe, orakel, druïde. Superieure verwardheid. De club die er in slaagde te ontrafelen wat hij bedoelde, kon een verdieping op de prijzenkast zetten. Aan het speeksel van zijn woordenstroom werd geneeskrachtige werking toegekend. Ik heb gejuicht met Cruijff, ik heb gehuild met Cruijff. Toegeven dat hij een mindere dag had, kon hij niet. Dat verlorenWK van 1974 was zijn schuld. In de finale was er wel weer de grote mond, niet de grote gave. Amsterdamse branie die stukliep op Duits BMW-staal. Franz Beckenbauer was de mindere voetballer maar maakte de majeure carrière. Hij had de eerste prijs, Cruijff het laatste woord. Ach, één moment verzoent mij met alles. Oude zwart-witbeelden. Cruijff, een jongetje nog, vangt aan de zijlijn een uittrap van zijn keeper op, passeert in één beweging de tegenstander en lepelt van heel ver de bal over de keeper. Johan, mag ik je zo bij me houden?