Zijn we weerbaar tegen terreur?

Print
Zijn we weerbaar tegen terreur?

Tekeningen die kinderen maakten na de aanslagen vorig jaar in Parijs. Afbeelding: wccllibraries

Uit wetenschappelijk onderzoek naar de invloed van terrorisme op samenlevingen blijkt dat er naast de voorspelbare negatieve gevolgen (angst, stress, vreemdelingenhaat, economische terugval) ook onverwachte, positieve effecten zijn.

Terreuraanslagen op democratische samenlevingen kunnen er ook voor zorgen dat die samenlevingen sterker en hechter worden. Precies het tegenovergestelde van wat de aanslagplegers beogen. 

Op 11 juni 2003 stapt Sarri Singer in Jeruzalem in de stadsbus. Lijn 14a. Ze is op weg naar een etentje bij vrienden. Ze ziet dat twee stoeltjes voor in de bus vrij zijn.Een aan het raam, een aan het gangpad. 
Ze kiest, tegen haar gewoonte in, voor het stoeltje aan het raam. Dat redt haar leven. Op het moment dat de bus het Davidka-plein oprijdt, brengt een als orthodoxe jood verklede Palestijn aan boord zijn bomgordel tot ontploffing. Door het geluid van de explosie en het scheuren van metaal sluit Singer, in een reflex, haar ogen. Dat zorgt ervoor dat ze niet blind wordt. Daarna valt een stilte. Die vult ze met gillen. Om haar heen zitten zestien doden. Honderd mensen, in en buiten de bus, zijn gewond. 

Terrorisme is niet kieskeurig. Het kan overal en altijd gebeuren

Dertien jaar later is er nog steeds geen dag dat Singer niet terugdenkt aan de horror van die dag. Het goede dat ze zich herinnert, is de compassie. De hulp. De man, een vreemde, die haar uit de bus trekt. De oude vrouw, ook een vreemde, die haar buiten de bus vasthoudt terwijl zij, gek van angst, op de grond ligt. Natuurlijk zijn er ook blijken van medeleven uit de samenleving. 
Maar als de journalisten hun verhalen hebben geschreven, de camera’s zijn gestopt met draaien en de fotografen hun beelden hebben gemaakt, ebt de aandacht langzaam weg. Het wordt stil. „Terrorisme is niet kieskeurig. Het kan overal en altijd gebeuren”, zegt Singer een paar jaar later in Amsterdam. 

Ze is inmiddels oprichter en directeur van een non-profitorganisatie die slachtoffers van terreuraanslagen bij elkaar brengt om hen geestelijk te laten helen. Ze spreekt in de hoofdstad tijdens de bijeenkomst 100 words - Voice of the victims of terrorism die gaat over de noodzaak van kleefkracht in de samenleving. 

Kleefkracht, ook bekend als sociale cohesie, kan een formidabel psychologisch wapen zijn tegen terrorisme.Dat samenlevingen, na aanslagen zoals die in Parijs en Brussel, een vuist kunnen maken door zich demonstratief samen te pakken, is iets dat pas de laatste jaren door onderzoek wordt bevestigd. Cohesie is wat terroristen uit elkaar proberen te rijten. Als dat niet lukt, faalt de terreur. Op den duur. 

Als vertrekkend korpschef Nationale Politie Gerard Bouman eind 2015 verklaart dat ook Nederland te maken zal krijgen met een terroristische aanslag, is hij volgens sommige commentatoren voorbarig. De Nederlandse wijkagent, die „diep in de haarvaten van de Nederlandse samenleving’’ opereert, wordt aangehaald als een van de verklaringen voor het uitblijven van aanslagen in ons land. Die Nederlandse wijkagent, plus de straatwerkers en hulpverleners die zich bezighouden met het opvangen van radicaliseringsignalen, doen zegenrijk werk. Daarom hebben ‘wij’ geen Molenbeek. Daarom hebben ‘wij’ geen banlieue. 

Deze week, direct na ‘Brussel’, komt de grote correctie als de burgemeesters van de tien grote steden melden dat deradicalisering juist stokt door bezuinigingen bij de politie. Ondanks al het geronk van law & order-ministers in de laatste jaren over meer blauw op straat, is er onder de streep minder blauw op straat. 

De wijkagent die elke Marokkaan en bekeerling bij naam kent, vult nu uren die hij voorheen op straat doorbracht met papierwerk op kantoor

De wijkagent die bij wijze van spreken in het Wittevrouwenveld in Maastricht elke Marokkaan en bekeerling bij naam kent, vult nu uren die hij voorheen op straat doorbracht met papierwerk op kantoor of andere taken. Zijn werk is gebureaucratiseerd. In 2007 bleek uit onderzoek dat hij onvoldoende op de hoogte was van radicalisering. Nu is hij wel deskundig, maar zit hij, buiten zijn schuld, onvoldoende in de wijk. Daarbij gaat hij ook nog eens gebukt onder de chaos die het gevolg is van een mislukte reorganisatie, ICT die niet op orde is, het bijstellen van ambities en het gevoel dat stresssignalen vanaf de werkvloer de leiding niet bereiken. 

En die leiding, zo mort de werkvloer, vindt radicalisering eigenlijk helemaal niet ‘sexy’. Met het oprollen van hennepkwekerijen scoor je in de media. Het zorgvuldig ontwikkelen van contacten in de wijk is aanzienlijk ingewikkelder en tijdrovender. Dat is de etterbult die nu, na ‘Brussel’, wordt uitgedrukt. 

De wijkagent is een cruciale schakel als het gaat om die kleefkracht, maar hij kan die rol alleen maar vervullen als hij aanwezig is in de wijk. Hoe cruciaal kleefkracht is als het gaat om terreur, is iets dat de laatste jaren door onderzoek naar boven is gekomen. 
Er was natuurlijk al onderzoek dat vooral wees op de negatieve gevolgen van terrorisme op een samenleving; angstgevoelens, depressies, posttraumatische stress, economische terugval, polarisatie en toenemende vreemdelingenhaat. 

Uit jarenlange studies naar het gedrag van samenlevingen, zoals de Israëlische, die bloot worden gesteld aan chronische terreur, blijkt dat er ook onverwachte (positieve) effecten kunnen optreden. 
Onderzoekers wijzen erop dat het ‘tellen van doden’ geen effectieve manier is om met het thema terreur om te gaan. Er is een gedachteschool die zegt dat de kans dat je om het leven komt door van een keukentrapje te vallen of met je fiets onder een vrachtauto te komen, veel groter is dan de kans dat een ‘God is groot’-roepende terrorist met een kalasjnikov of een bomgordel in je buurt verschijnt. 

De terreurdreiging wordt enorm overdreven

Met andere woorden: de terreurdreiging wordt enorm overdreven. Die manier van redeneren gaat echter voorbij aan de psychologische impact van terreuraanslagen, zowel in eigen land als daarbuiten, op mensen. Terrorisme is een vorm van psychologische oorlogsvoering tegen een samenleving en tegen de publieke moraal. 

Wat terroristen proberen te bereiken, is dat ze door het zaaien van angst en paniek regeringen van landen kunnen dwingen hun beleid bij te stellen. Het lijkt logisch dat als er herhaaldelijk aanslagen worden gepleegd, zoals nu het geval in Europa, terroristen dichter bij hun doel komen. Maar is dat ook zo? 

Onderzoekers zoals Dov Waxman (Living with terror, not Living in Terror) komen tot de conclusie dat de samenlevingen ‘gewend’ kunnen raken aan terreur en er juist verhoogde weerbaarheid uit kunnen halen. Waxman bestudeerde de effecten van de tweede intifada (2000-2005) toen meer dan duizend Israëli’s, het merendeel burgers, door zelfmoordterroristen werden gedood. 

Wat Waxman ontdekte, was dat de psychologische effecten van aanslagen in intensiteit afnamen door wat hij het accommodatie- effect noemt. Kort samengevat: hoe meer aanslagen, hoe minder stress. De bevolking leert een ‘wie doet me wat’-houding aan te nemen. Tevens worden mensen socialer en spiritueler, minder op ‘ik’ en meer op ‘wij’ gericht. Het voorspelde demoraliserende effect blijft grotendeels uit. 

Een ander effect is dat (voor)oordelen over de groep waar de daders uit voortkomen (Palestijnen) sterk toenemen. Terwijl de doorsneeburger voor de tweede intifada de doorsnee-Palestijn niet als inherent gewelddadig zag, was dat na de terreurgolf wel zo. Dat kan leiden tot de islamofobe backlash die moslims in Europa vrezen na aanslagen zoals die in Brussel. Als terreur erin slaagt haat tegen groepen te kweken, wint de terrorist een slag en zal een groep die zich gediscrimineerd of gemarginaliseerd voelt, zich nog meer buitengesloten voelen. 

Omdat terrorisme ook gevoelens van patriottisme aanwakkert, ontstaat een voedingsbodem voor populistische politici. Hier ligt, merken onderzoekers op, niet alleen een rol voor de politiek die meer moreel leiderschap moet tonen, maar ook voor de media. In plaats van mee te liften met angstgevoelens of die uit te vergroten, zouden ze juist tegenwicht moeten bieden door uitgebalanceerde berichtgeving. 


 

Je las zojuist een gratis artikel


Niet alle artikelen zijn gratis, want zogeheten Plus-artikelen zijn alleen te lezen door abonnees. Zonder abonnees kunnen we namelijk geen betrouwbare regionale journalistiek maken. Je leest al onze artikelen vanaf €4,50 per maand.

Bekijk de aanbieding →