Grote verschillen in financiële steun aan statushouders

© Hollandse Hoogte

Een vluchteling die in Sittard komt wonen, kan een lening krijgen van 2000 euro om zijn huis in te richten. Het geld is bedoeld voor bijvoorbeeld witgoed en meubels en moet binnen drie jaar zijn terugbetaald. Diezelfde vluchteling mag in Beesel 3097 euro lenen, in Horst aan de Maas 3717 euro en in Leudal 3686 euro. Daar gaat het niet eens om een lening, maar krijgt hij het een inrichtingsvergoeding en hoeft dus geen cent terug te betalen.

Judith Janssen

De verschillen in de provincie zijn groot als het gaat om financiële bijstand aan statushouders, zo blijkt uit onderzoek. In vrijwel alle gemeenten kunnen vluchtelingen die een woning hebben toegewezen een inrichtingskrediet krijgen om hun huis in te richten, maar om hoeveel geld dat gaat, verschilt per gemeente. Bij een gezin met twee kinderen kan het verschil tussen gemeenten oplopen tot zo’n 4500 euro. Ook verschillen de voorwaarden per gemeenten. Leudal, Landgraaf en Maasgouw kennen helemaal geen inrichtingskrediet. Zij komen op kosten van de gemeente tegemoet in de inrichtingskosten.

VerschillenVluchtelingenWerk Limburg hekelt de enorme verschillen. “Het is niet uit te leggen dat je in de ene gemeente geld krijgt en in de andere gemeente geld moet lenen”, zegt directeur Chris Baltussen. Bovendien zijn de bedragen in veel gemeenten te laag. Baltussen pleit er overigens voor dat alle statushouders geld moeten lenen en geen geld moeten krijgen. “Een gift schept een verkeerd beeld. Mensen moeten merken dat ze ergens voor moeten betalen.”

In De Limburger van zaterdag een reportage van Judith Janssen over de financiële bijdragen aan statushouders.

Meer lezen?

Nieuwe actie: Één jaar toegang tot alle Plus-artikelen voor slechts 1,04 per week. Daarmee lees je dagelijks meer dan 100 nieuwe Plus-artikelen op onze site & app. Of kies voor een van onze andere abonnementen.

Ik word digitaal abonnee