'Ik ben aangevallen om wie ik ben'

© MGL

De kwinkslag waarmee de politie een opstootje in de Maastrichtse binnenstad oploste, is verkeerd gevallen. Dragqueens vrágen niet om lastig gevallen te worden, roept het COC. En velen delen die verontwaardiging.

René Willems

Hij valt nu eenmaal op als hij over straat loopt, zegt John Niessen. „Ik ben van mezelf één meter negentig. Dan zien mensen je niet snel over het hoofd.” Als hij zich optut en als dragqueen Delicious naar buiten loopt, komen daar nog eens twintig centimeter bij; tien centimeter van de pruik, en tien centimeter van zijn naaldhakken.Niessen is eraan gewend dat mensen hem nakijken als hij in vol ornaat de stad in gaat. Maar wat hij in de nacht van zaterdag op zondag meemaakte in de binnenstad van Maastricht, na een optreden met twee andere dragqueens in COC-café Rosé, gaat te ver. Een groep van tien, vijftien aangeschoten jongeren beschimpte het drietal luidkeels. ‘Kankerflikker. ‘Raak me niet aan, straks heb ik aids.’ „Twee van die jongens bespuugden me zelfs.”Hij liet het tamelijk gelaten over zich heen komen. Sander den Baas, alias dragqueen Lady Galore, gaf de belagers echter antwoord. „Sander komt uit Amsterdam”, legt Niessen uit, „die is wel wat meer gewend dan wij en laat zich niet zo maar verrot schelden door wildvreemden.” Het leidde tot wat geduw en getrek, over en weer, waarbij Niessen een flinke klap tegen zijn schouder kreeg.PolitieTwee surveillerende agenten grepen daarop in. Zij haalden de ruziënde partijen uit elkaar en stuurden de drie dragqueens weg. Dat was de eerste fout, vindt Niessen: „Waarom stuurden ze ons weg, en niet die agressieve jongeren? Wij hadden toch niets gedaan. Wij waren slachtoffer, de politie had ons juist in bescherming moeten nemen tegen die jongeren.”Je zou dat nog kunnen uitleggen als een praktische oplossing. In zo’n agressieve sfeer - het was niet het enige opstootje in het uitgaanscentrum van Maastricht - was het voor twee dienstdoende agenten wellicht makkelijker om hen drieën een andere kant uit te sturen dan een steeds groter wordende groep van inmiddels twintig, vijfentwintig halfdronken jongeren.Maar het was vooral die ene, stigmatiserende opmerking van een van de twee agenten die Niessen en de andere dragqueens - Den Baas en Pieters Roberts alias Patty Pam- Pam - in het verkeerde keelgat schoot. ‘Wat verwacht je als je zó gekleed de straat op gaat’, zou hij gezegd hebben. „Op dat moment werd ik heel erg boos”, zegt Niessen.Het is een opmerking van het niveau ‘meisjes met korte rokjes vragen zelf om verkracht te worden’, constateert het COC Limburg. Het zegt iets over de manier waarop agenten blijkbaar aankijken tegen homo’s, lesbiennes, biseksuelen en transgenders (LHBT), vindt bestuurslid Odin Westen: „Die agent had blijkbaar niet door waar het om ging bij die ruzie op de Markt.”Niessen voelt zich aangetast in zijn identiteit, legt hij uit: „Ik ben niet aangevallen omdat mijn gezicht hen niet aanstond, maar om wie ik ben. Dat is voor mij onacceptabel. Zeker in een stad als Maastricht, die zich sterk zegt te maken over diversiteit in de samenleving. In zo’n stad mag dit absoluut niet gebeuren.”Vol trots heeft Maastricht vorig jaar nog een regenboog-zebrapad gemaakt op de hoek van het Vrijthof, als symbool van de tolerantie en verdraagzaamheid. Diezelfde stad mag niet toelaten dat mensen die anders zijn slachtoffer worden van discriminatie en agressie, benadrukt COC-bestuurslid Philippe Courbois.Het COC staat op dat punt niet alleen. Het incident rond de dragqueens op de Markt heeft op allerlei plaatsen tot politieke reacties geleid. In de gemeenteraad van Maastricht heeft GroenLinks gisteren vragen gesteld. Landelijk heeft de PvdA de kwestie aangekaart via vragen in de Tweede Kamer.OnderzoekDe politie neemt de zaak serieus op, benadrukt woordvoerder Hub Haenen. Wijkagenten zijn gisteren naar café Rosé gekomen om met het COC te praten over de zaak.Over het incident rond de drie dragqueens zelf wil de politie in dit stadium niet veel kwijt. Dat zaak wordt grondig onderzocht, zegt Haenen, zodat een helder beeld ontstaat van wat die nacht concreet is gebeurd in Maastricht. „Daarna bekijken we hoe we daarop reageren.”Los van dit concrete geval wil de politie echter ook kijken naar de manier waarop agenten in de praktijk omgaan met groepen die anders zijn. ‘De politie is er vierentwintig uur per dag, zeven dagen per week voor iedereen’, aldus een verklaring die de politie gisteren heeft bekendgemaakt naar aanleiding van de gebeurtenissen in Maastricht, ‘waarbij het niet uitmaakt wat je seksuele voorkeur is of je politieke kleur‘.Op dat punt moet ook de politie nog veel leren, erkent Ruud Bik, plaatsvervangend korpschef bij de Nationale Politie. Op Radio 1 reageert hij op de beschuldiging dat mensen met een donkere huidskleur bij verkeerscontroles vaker staande worden gehouden dan andere automobilisten: iedereen laat zich voor een deel leiden door stereotyperingen, aldus Bik, en dat geldt volgens hem dus ook voor agenten.ProfessionaliteitOm te voorkomen dat agenten zich in hun handelen - onbewust en onbedoeld - laten beïnvloeden door vooroordelen moet de politie haar professionaliteit op dat punt vergroten, vindt Bik. Als het gaat om seksuele geaardheid laat de politie zich daarbij graag adviseren door het COC. In Maastricht hebben COC en politie inmiddels afgesproken dat ze naar aanleiding van het incident rond de dragqueens rond de tafel gaan zitten, om te kijken hoe de politie in voorkomende gevallen beter kan reageren.

Wil je alle Plus-artikelen lezen?

Dagelijks publiceren we meer dan 100 Plus-artikelen op onze site & app. Nieuws, achtergronden, analyses, reportages, interviews en columns. Word nu digitaal abonnee en kies voor een jaar lang korting of maandelijkse flexibiliteit.

Kies digitaal