Kweekvlees: zijn we er klaar voor?

© Bas Quaedvlieg

Diervriendelijke foie gras, salade van vleesfruit, labzwezerik en dodonuggets: sinds deze week zijn ze te zien in Cube design museum in Kerkrade. Helaas zijn ze niet te proeven op de expositie ‘Meat the Future’, die bedoeld is om de discussie over kweekvlees verder aan te zwengelen. Vlees maken zonder daarvoor dieren te fokken en te slachten: het kan, maar in hoeverre zijn we ook bereid het te eten?

Annelies Hendrikx

Voor het laatste, experimentele deel van de tentoonstelling Meat the Future in het Cube design museum in Kerkrade, hebben kunstenaars en designers van Next Nature Network ideeen uit de diepste krochten van hun brein opgetakeld. Neem bijvoorbeeld de ‘beroemde blokjes’, gekweekt uit stamcellen van Usain Bolt, Albert Einstein of Lady Gaga, gedoopt in een eenvoudige glazuur van whisky. Mmm, smullen maar!

De ene ster bij dit gerecht geeft eerlijk aan dat de eventuele haalbaarheid hiervan ver in de toekomst ligt. Maar dat is niet het geval bij het ernaast vertoonde ‘kweek me’-medaillon, dat met vier sterren (van maximaal vijf) binnen handbereik is. Het is een persoonlijke bioreactor in de vorm van een hanger tussen je eigen sleutelbeenderen, waarin een klein, uit je eigen cellen gekweekt medaillon groeit. Wouter van Dillen ziet het zo voor zich: „Serveer een stukje van jezelf aan je geliefde tijdens een romantisch diner. Waarschijnlijk kan het binnen afzienbare tijd.

Maar willen we dat? Vinden we het eng? Designers hebben het bedacht, het is nieuw en vooral bedoeld om het debat over kweekvlees op gang te brengen.” De tentoonstellingsbouwer en projectleider van Meat the Future legt zo in één adem uit wat een expositie over kweekvlees eigenlijk doet in een Limburgs designmuseum. „Designers denken out of the box. Ook bij eten, dat zie je hier wel. Daar komt nog bij dat Limburg een beetje het centrum van de wereld is als het om kweekvlees gaat.”

Het was immers ‘onze’ Mark Post die de allereerste kweekhamburger fabriceerde uit enkele cellen van een rund. De hoogleraar vasculaire fysiologie aan de Universiteit Maastricht presenteerde deze burger in 2013 en de hele wereld dook erop. Die burger kostte 250.000 euro en was ook nog eens niet echt lekker. Sindsdien werken Post en de zijnen hard aan een betere en betaalbare versie. En volgens hen moet die over vier jaar in de winkels kunnen liggen.

Dat is hard nodig, want op de huidige schaal – of op nog grotere vanwege de groeiende wereldbevolking - dieren blijven fokken is simpelweg onmogelijk, weten deskundigen. Dat trekt moeder Aarde niet. In 2050 hebben we drie keer haar oppervlakte nodig om aan de behoefte aan vlees te kunnen voldoen.

Hoe zie je dat als vegetariër?

De aantallen dieren die nu al jaarlijks worden gedood voor menselijke consumptie zijn duizelingwekkend: 44,5 miljard kippen, 1,1 miljard varkens en 280 miljoen koeien. „Dat kan zo niet doorgaan, dat ziet een leek ook”, zegt Wouter van Dillen. „Wat eten we dan in 2050? Insecten? Rijst en groenten? Of kweekvlees? Hoe denken mensen daarover? Dat willen we de tentoonstellingsbezoekers vragen. We gaan ook straatinterviewtjes doen. Hoe zie je dat als vegetariër? Er is dan immers geen bewustzijn dat is dood gemaakt.”

Van Dillen verwijst naar een filmpje van tv-maker Frans Bromet uit 1998 waarin hij mensen op straat vraagt hoe ze denken over mobiele telefonie. „Ronduit hilarisch als je dat nu ziet. Niemand, maar dan ook werkelijk niemand, vond een mobiele telefoon nodig.”

Als we vlees willen blijven consumeren, is een andere manier van produceren wel noodzakelijk, is de boodschap van wetenschappers als Mark Post. Bij het binnengaan van de expositieruimte in Cube wordt de bezoeker allereerst geconfronteerd met een ‘vleesfabriekje’ van nu, met vier schattige kuikentjes in een bescheiden kooi - „meer ruimte dan ze ooit in de bio-industrie zouden hebben”, zegt Wouter van Dillen - en een mogelijk toekomstig vleesfabriekje (een kweekreactor). Van Dillen verzekert lachend dat de kuikens, die na zes weken worden vervangen door ‘verse’ diertjes, ook hierna een goed leven krijgen bij een pluimveeliefhebber.

Het volgende item is de kweekburger van Post. Daarna treft de bezoeker onder meer ‘labparels’, gevuld met gekweekt dierlijk vet. De structuur lijkt op die van kaviaar. Vijf sterren: het kan al worden gemaakt. Net als labzwezerik, 100 procent kweekvlees, maar met een weke, op de tong smeltende structuur als echte zwezerik (de schildklier van kistkalveren die na een paar weken worden geslacht). Transparante sashimi kan ook bijna (vier sterren).

Vleespoeder krijgt eveneens vier sterren en kan worden gebruikt in soepen, shakes en gebak of, zoals hier, als basis voor een vleesfond. Dat is een uitkomst voor arme landen, zegt Van Dillen. Van de uitgestorven dodo is dna bewaard gebleven en dus behoren dodo-nuggets tot de mogelijkheden: vier sterren. Spaghetti met gekleurde ‘tovervleesballen’ kunnen kinderen spelenderwijs vertrouwd maken met kweekvlees: vijf sterren. Het kweekvleesijsje doet eerlijk gezegd niet meteen het water in de mond lopen, maar kom: het combineert de zachte textuur van ijs met de smaak van vlees, geef het een kans. Proeven kan helaas niet: alle geëxposeerde gerechten zijn gemaakt van rubber en polyester. „Dit museum wil graag design laten zien dat is ontwikkeld vanuit de behoefte van de mens”, vertelt Van Dillen. „Eten heeft de mens in elk geval nodig. Designers hebben deze oplossingen bedacht met kweekvlees om een mogelijke toekomst te laten zien. Het zijn eigenlijk een soort studiemodellen. Dit is een debat-tentoonstelling. En wie weet vinden we kweekvlees over twintig jaar net zo gewoon als een mobiele telefoon nu.”

Reageren? annelies.hendrikx@delimburger.nl

Meer lezen?

Nieuwe actie: Één jaar toegang tot alle Plus-artikelen voor slechts 1,04 per week. Daarmee lees je dagelijks meer dan 100 nieuwe Plus-artikelen op onze site & app. Of kies voor een van onze andere abonnementen.

Ik word digitaal abonnee