De geest is uit de urn

© De Limburger

Het Vaticaan wil dat de as van overledenen niet langer wordt uitgestrooid of thuis in een urn of sieraad wordt bewaard. Maar de werkelijkheid van alledag leert dat de kerk weinig kans maakt: thuisurnen en verstrooiing zitten al vast in onze cultuur.

Wim Doesborgh

Bij het bisdom Roermond staan ze even met de mond vol tanden. Van de Congregatie voor de Geloofsleer in Rome, een soort ministerie van het Vaticaan, hebben ze vernomen dat de as van gecremeerde katholieken niet mee mag in een urn naar huis. Ook uitstrooien of in sieraden verwerken is taboe. Uit respect voor de dierbare moet de as op een gewijde plek blijven: een begraafplaats of een door de kerk aangewezen ruimte. „Dit is tamelijk nieuw voor ons” zegt woordvoerder Matheu Bemelmans. „We zijn hier nooit intensief mee bezig geweest. Voordat we reageren, zullen we toch eerst dat stuk goed moeten bestuderen”.

Hangertje

Ook de meeste priesters van het bisdom fronsen hun wenkbrauwen. „In de praktijk krijg ik daar nooit vragen over”, zegt deken Stef Nevelstein van Kerkrade. „Vroeger begeleidde je als priester een familie lang voordat iemand stierf. Dan wist je wat er leefde. Dan kon je ook praten over begraven of cremeren. Tegenwoordig word je als kerk pas op het laatste moment ingeschakeld. Maar dan heeft de familie alles al geregeld. Bijvoorbeeld dat alle kinderen een hangertje kopen om daar straks een beetje van de as van vader in te doen. Tja, dan ga je als priester niet meer alles overhoop halen. Eerlijk gezegd vind ik deze nieuwe instructie van het Vaticaan een beetje mosterd na de maaltijd. Je kunt de werkelijkheid niet meer terugdraaien.”

Die werkelijkheid, weet ook Nevelstein, is dat het grootste deel van de mensen kiest voor cremeren in plaats van begraven. Daarbij willen de meeste nabestaanden zelf bepalen wat er met de as gebeurt.

Uitstrooien

„De meeste mensen kiezen er voor de as in een urn mee naar huis te nemen” zegt Igor Peusen van Uitvaartzorg en Crematorium Peusen in Echt. „De gedachte is dat ze het stoffelijk overschot van de dierbare graag dicht bij zich willen hebben. Thuis op de schouw bijvoorbeeld. Pas later zie je vaak dat ze de as alsnog willen uitstrooien of de urn naar een urnenmuur- of graf op een begraafplaats brengen. Het feit dat de klanten dat zelf willen beslissen, dat is een onomkeerbaar proces.” Lies Oosterveld leidt een uitvaartverzorging in Venlo. Zij vindt de instructie van Rome ‘te zot voor woorden’. Vooral het respect voor het lichaam waar de kerk om vraagt, vindt Oosterveld een giller.

Misselijk

„Als ik lees hoe de kerk de lichamen van duizenden jongeren seksueel heeft misbruikt, moet zij me nu niet aankomen met dat respect. Ik vind eerder dat je respect moet hebben voor de wensen van de overledene en de familie. Al moet ik er bij zeggen dat de industrie daar wel erg dik bovenop springt. Ik word er een beetje misselijk van dat de hele familie, als moeder net gestorven is maar nog niet gecremeerd, al begint over welke sieraden ze willen aanschaffen om de as in te doen.”

Dat laatste zal juwelier Rob Leurs uit Panningen haar niet nazeggen. Leurs krijgt in zijn bedrijf 'See You' steeds meer klanten voor gedenksieraden waarin de as van de dierbare wordt gedaan. „Soms wel dertig, veertig per week” zegt Leurs. „Het zijn er zoveel dat ik me nu voor het eerst in 35 jaar helemaal op deze sieraden ga toeleggen. Het is gewoon de wens van een groot publiek en daar speelt de markt op in. De mensen zijn er heel blij mee. Dat bericht van het Vaticaan? Ach, je denkt toch niet dat iemand zich daardoor laat beïnvloeden?”

Ook andere manieren om de as te bewaren komen meer in zwang. Het verwerken van een beetje as in een tatoeage bijvoorbeeld. Zoals de vader van de Venrayse militair Kevin van de Rijdt deed die in Afghanistan sneuvelde. Het uitstrooien van de as op een plek die de overledene dierbaar was, is ook een maatschappelijke trend die je moeilijk nog kunt ombuigen, zeggen betrokkenen. Zoals Erik Cox die in Maastricht boottochtjes op de Maas organiseert voor mensen die over het water uitgestrooid willen worden. „Met de gedachte dat je nog één keer een reis door het mooie Limburg maakt, voordat je uiteindelijk in zee in het geheel van de natuur wordt opgenomen.”

Heelheid

Voor gelovigen is wel duidelijk: sinds crematie van de kerk mag, is voor haar de geest uit de fles, Of beter: uit de urn, want nabestaanden hebben de mogelijkheden om de as dicht bij zich te hebben allang massaal omarmd. Eeuwenlang gold in de katholieke kerk een verbod op cremeren. De ‘heelheid’ van het lichaam was belangrijk, omdat de kerk ‘de verrijzenis van het lichaam’ op de Jongste Dag belijdt. En dan mag je dat lichaam niet gaan verdelen. Pas in 1963 werd dit verbod schoorvoetend opgeheven en werd crematie toegestaan. Onder voorwaarde dat de as als geheel bijeen bleef (symbolische eenheid) op een gewijde plek en niet werd uitgestrooid. „Nabestaanden hadden dan een plek om naar toe te gaan en te bidden voor de overledene. Dat is toch wat anders dan als de urn thuis naast de televisie staat”, zegt het bisdom Roermond. Dat de kerk die heelheid van het lichaam zo benadrukt, verbaast deken Nevelstein van Kerkrade overigens. „Het gaat een beetje tegen mijn gevoel in. Want met heiligen bevordert de kerk nu juist de verspreiding van relieken van een mens. Dat zijn toch ook kleine deeltjes uit een heel lijf?”

Meer lezen?

Nieuwe actie: Één jaar toegang tot alle Plus-artikelen voor slechts 1,04 per week. Daarmee lees je dagelijks meer dan 100 nieuwe Plus-artikelen op onze site & app. Of kies voor een van onze andere abonnementen.

Ik word digitaal abonnee