'Vastelaovend moet blijven vernieuwen'

Print
'Vastelaovend moet blijven vernieuwen'
Carnavalsprofessor, dat was de titel die Theo Fransen verwierf met zijn boek Alaaf uit 1984. Zaterdag werd de opvolger gepresenteerd: Hét Carnavalsboek. Fransen schreef het samen met medecarnavalsgek Sander Mattheijssen. Ze mogen dan bijna vijftig jaar in leeftijd schelen - Theo Fransen is 81, terwijl Sander Mattheijssen volgende maand 33 wordt - over één ding zijn ze het roerend eens: carnaval moet een uniek feest blijven. Lastig, want je ziet tegenwoordig steeds vaker carnavalsartiesten op zomerse tentfeesten, festivalgangers die verkleed zijn en steeds meer Oktoberfeesten die veel weg hebben van carnaval. -Het spreekwoord -Lekker is maar één vinger lang- geldt ook voor carnaval-?, meent Fransen. Er zijn buiten het carnavalsseizoen zo veel andere feesten met een carnavalskarakter, dat het volksfeest zijn status van kortstondige uitzonderingstoestand dreigt te verliezen, vreest hij. Aan het einde van Hét Carnavalsboek blikken de auteurs kort op de toekomst. Niet de overdosering van andere feesten moet worden bestreden, stellen ze, maar het unieke karakter van carnaval moet zo veel mogelijk worden vastgehouden. Zowel Theo Fransen als Sander Mattheijssen denkt dat ongeïnteresseerde mensen een grotere bedreiging vormen voor carnaval dan tegenstanders van het volksfeest. -Tegenstanders mobiliseren de krachten-?, zegt Fransen. Mattheijssen: -Vastelaovend heeft nieuwe initiatieven nodig. Het is belangrijk dat er nieuwe verenigingen komen die wagens bouwen en dat er nieuwe liedjesschrijvers opstaan. Veel carnavalsverenigingen bestaan grotendeels uit leden van één generatie. Mensen zouden eerder plaats moeten maken. Je moet blijven vernieuwen, maar wel binnen het kader. De verenigingen moeten zorgen dat de mensen blijven komen, dat het een volksfeest blijft.-? Cover CarnavalsboekOver de onderkop van het boek (Van lentefeest tot festival) heeft het tweetal nog wel wat discussie gevoerd. Fransen is namelijk een groot tegenstander van de festivalisering van -de carnaval-, zoals hij het feest consequent noemt. Maar Mattheijssen (-Ik deel Theo-s afkeer-?) heeft de carnavalsprofessor er toch van kunnen overtuigen dat je die ontwikkeling in dit boek, dat pretendeert hét carnavalsboek voor Nederland en Vlaanderen te zijn, niet kunt negeren. Het boek dat de twee hebben afgeleverd, is niet zomaar een update van Alaaf. Voor Theo Fransen stond ook vanaf het begin vast dat een nieuw boek volledig anders moest worden. -Er is zoveel veranderd de afgelopen 30 jaar-?, zegt de gepensioneerde gemeente-ambtenaar. Bijna alle van de ruim 1300 aangeschreven verenigingen -met een prins en een optocht- in Nederland en Vlaanderen reageerden op de enquête voor het boek. Daaruit blijkt onder meer dat één op de drie optochten in Nederland in plaatsen trekt met minder dan 2000 inwoners. Die optocht is de jaarlijkse uitroep: -Wij zijn er ook nog!- In heel Nederland is het aantal carnavalsverenigingen de afgelopen dertig jaar gedaald, behalve in Brabant en Limburg. En wist u dat er een carnavalsvereniging bestaat met de voeten in de Waddenzee? Als een sterfgeval geen roet in het eten had gegooid, was ze er zaterdag bij de presentatie van Hét Carnavalsboek in Venlo bij geweest. Zoals er uit alle provincies vertegenwoordigers waren. De carnavalisten uit Wijk bij Duurstede bezochten zaterdagavond de zitting van de Venlose carnavalsvereniging De Vaegers en liepen zondag mee in de BCL-optocht in Panningen. -Nu willen ze daar een jaarlijks terugkerend ritueel van maken-?, vertelt Mattheijssen. Het schrijversduo heeft niet willen wachten tot anderen hun boek tot carnavalsbijbel zouden bestempelen, zoals bij Alaaf gebeurde. Zelfbewust noemden ze hun werk Hét Carnavalsboek. Dat mag misschien ook wel als je het carnavalsfeest in heel Nederland en Vlaanderen in kaart brengt. -Omdat we zo veel info hebben, wisten we tot drie weken geleden nog niet eens hoe dik het boek precies zou worden-?, vertelt Mattheijssen.