Even voorstellen: LVK-finalisten Noord-Limburg

Print

Afbeelding: Johannes Timmermans

Vijf Noord-Limburgse deelnemers treden vrijdag aan in de finale van het Limburgs Vastelaovesleedjes Konkoer (LVK). Wat is de kracht van hun liedje en welk nummer is de beste LVK-winnaar aller tijden? De finalisten aan het woord voordat ze vrijdag het podium in Heerlen betreden.

Pim van Wylick - Kessel 

Pim van Wylick uit Kessel heeft in het verleden met de groep Vet! al eens geprobeerd tot de halve finale van het LVK door te dringen, maar pas sinds hij alleen op het podium staat is dat ook gelukt. Voor de derde keer in de finale morgen, dit jaar met het nummer Vastelaoveshertejage. „Het thema is nooit eerder gebruikt in een liedje, terwijl je er alle kanten mee op kan door de vele betekenissen. 
Het verwijst naar een kaartspel maar ook naar de jacht, op mensen met een vastelaoveshart bijvoorbeeld. Marijke Gijsen (die recent heeft aangegeven te stoppen met carnavalsliedjes, red.) heeft de tekst leuk in elkaar gestoken.”

Voor de muziek heeft hij een bandvorm gekozen in plaats van een joekskapel. Van Wylick: „W-Dreej is destijds begonnen met het introduceren van een ander thema muziek dan de gebruikelijke marsen en walsen. Het is leuk dat sindsdien het LVK gevarieerder is geworden. Daarom is voor mij het nummer Ein Jaor van Christel en Bart de ultieme LVK-topper. Voor het eerst een ballad in de finale.” In zijn agenda zijn nog plaatsjes vrij met 15 geplande optredens met carnaval. „Sinds dit jaar ook in Midden-Limburg en Gulpen. De bekendheid neemt dus toe maar niet tot heel diep in Limburg.” 

W-Dreej - Venlo

De meest ervaren artiesten uit Noord-Limburg zijn Hay Wilders, Christel van Rijn en Quinn Warmerdam van W-Dreej uit Venlo. Het trio doet al voor de elfde keer aan de LVK-finale mee dus podiumvrees kennen ze niet meer. „Het podium heeft voor ons vooral aantrekkingskracht maar er blijft altijd spanning bestaan over factoren waar je geen invloed op hebt, zoals het functioneren van de microfoons”, zegt Warmerdam. Een vaste fanclub hebben ze niet en afgezien van een oproep op Facebook gaan ze geen stemmen ronselen.

Warmerdam: „Venlo is een stad waar het LVK niet zo leeft. Mensen kennen ons van alle optredens en hopelijk stemmen ze daardoor op ons. We hebben een lekker vlot liedje met leuke woordspelingen. Het belangrijkste is hoe dat straks klikt met het publiek.” Met al drie winnende LVK-liedjes op zak is W-Dreej al twee jaar vooruit volgeboekt. Warmerdam: „Het is soms passen en meten om er nog een optreden tussen te krijgen. Wat dat betreft hebben we jaren profijt na het winnen van het LVK, daarom is het prachtig als je wint.” Minse wie weej uit 1988 (tekst van Frans Boermans) is volgens Warmerdam het beste LVK-lied ooit, met als goede tweede het meer recente Heej blief ik plekke van De Toddezek uit 2007. 

Bjorn & Mieke - Venray

Vanuit Venray vertrekken morgen vier bussen vol fans naar Heerlen voor het optreden van Bjorn Poels en Mieke Janssen tijdens de LVKfinale. „Verder zijn onze fans verdeeld over de hele provincie, dat merken we aan de aanvragen voor onze sjaals”, zegt Poels. Sterke kant van het nummer 1000 Sterre van het Venrays duo Bjorn & Mieke, dat voor de derde keer in de finale staat, is volgens Poels dat de tekst uit het hart gegrepen is. „Een maand of zes geleden is de vader van tekstschrijver Roel Gommans overleden en zijn tekst over het missen van naasten met wie je carnaval vierde, is mede hierdoor voor iedereen heel herkenbaar. We hebben veel emotionele reacties van mensen gekregen, het heeft blijkbaar veel impact. 

Bijna 125.000 keer is ons filmpje op YouTube al bekeken en dat is ongekend veel, daar zijn we supertrots op.” Wie Bjorn & Mieke nog wil boeken na vrijdag zal er snel bij moeten zijn. Poels: „We hebben alleen voor de zaterdag tijdens carnaval tussen 10.00 en 14.00 uur nog een gaatje in de agenda, voor de Zoepkoel in Venlo misschien? Al twintig optredens staan gepland. In Venray natuurlijk, maar ook veel in Midden-Limburg, maar ook in Meerssen en Gulpen.” LVK-topper aller tijden? Poels: „Vandaag! van W-Dreej.” 

Björn van Berkel - Grubbenvorst 

Met zijn D’n tel kwiet staat Björn van Berkel uit Grubbenvorst vrijdag voor de vierde keer in de LVK-finale. Hierdoor is zijn bekendheid groeiende en staat hij in het carnavalsseizoen op veel podia zoals in Maastricht op de 11de van de 11de en in de Venlose Zoepkoel. Dit jaar zelfs op zijn verjaardag nu carnaval zo laat valt en daardoor ook op schrikkeldag (28 februari) wordt gevierd. „Die carnavalsdinsdag sta ik in Gulpen en wie me nog wil boeken is volgend jaar aan de beurt. Ik vier zelf namelijk ook nog carnaval tussen mijn volle agenda in.”

Zijn nummer D’n tel kwiet gaat over herkenbare dingen van Van Berkel zelf. „Elf, antwoordde ik een keer aan de keukentafel toen mijn dochtertje vroeg hoeveel één plus één is. Dat is door componist Martijn de Jong in het liedje verwerkt.” De kracht van het nummer zit volgens Van Berkel in de herkenbaarheid van de melodie. „Een vlot walsje met een rustmoment zodat mensen even op adem komen om daarna weer gas kunnen geven. Feest voert immers de boventoon. Mijn voorkeur voor Nedelandstalige levensliederen klinkt er vast ook in door.” Zijn absolute LVKfavoriet? „Wie d’r Herrgot Limburg hat gemakt van Frans Kronenberg. Daarmee is bij mij het vuurtje om mee te doen echt opgestookt.” 

De Breurkes - Panningen

De gemeente Peel en Maas is de laatste jaren goed vertegenwoordigd in de finale van het LVK, stelt Ludgard Scheres, samen met broer René De Breurkes uit Panningen. Dit jaar zijn ze samen met Pim van Wylick uit Kessel vertegenwoordigd. „Telkens één of twee finalisten en een aantal tekstschrijvers die in deze gemeente wonen zoals Robert Janssen, Marijke Gijsen en Mark van Mullekom. Een fanclub hebben wij niet, maar het aantal stemmen uit de gemeente valt nooit tegen.” De kracht van het nummer zit volgens Ludgard Scheres in de meezingbaarheid van het vlotte nummer.

„Vorig jaar hadden we een wals en dat is ook prachtig. Maar met name bij de jeugd zijn de wat snellere nummers populair en dat merken we nu ook. Zing! hakt er vanaf de eerste seconde in.” In 2013 stonden De Breurkes voor het eerst in de finale en werden ze zevende. „Sindsdien zijn onze liedjes ook in het zuiden van de provincie bekend en dat merk je ook aan de boekingen. We mogen nu niet klagen en zitten tot aswoensdag al best vol.” Voor Ludgard Scheres is Josefien uit 2000, gezongen door Wiel Vestjens en Gé Deenen, de LVK-topper aller tijden. „Maar Vandaag! van W-Dreej (winnaar in 2010, red.) is natuurlijk ook een kneiter van een hit.”