Magneet die heimwee heet

Print
Magneet die heimwee heet

Afbeelding: Peter Schols

Carnaval is behalve een volksfeest ook een grote reünie. Limburgers die uit de provincie zijn vertrokken, zien vastelaovend vaak als dé gelegenheid om de banden met hun geboortegrond aan te halen. Banden die nooit helemaal verbroken zijn. Want voor veel tijdelijk repatriërende Limburgers is vastelaovend de magneet die eigenlijk heimwee heet. Al hoor en lees je dat vooral tussen de regels door...

Vastelaovesblues 
In 1991 ben ik vanuit mijn dorp Heel gaan studeren in Wageningen. Inmiddels woon ik al tien jaar met veel plezier in Almere. Maar ik móét rond carnaval een paar keer naar het zuiden. Als trouwe fan van het vasteloavesleedjeskonkoer in Heel begint het voor mij al rond de 11de van de 11de. Ik luister en kijk altijd naar de liedjes van het LVK, zodat ik op de hoogte blijf van de sfeermakers tijdens carnaval. Het hoogtepunt is wel de pekskesaovend op carnavalszaterdag in Heel. Daar ontmoet ik veel oude bekenden, die er altijd voor zorgen dat ik me weer direct thuis voel. Het is wel eens voorgekomen dat ik een jaar niet in de gelegenheid was om iets van carnaval mee te maken. Na een week voelde ik me dan chagrijnig worden. Een soort vasteloavesblues? Volgende week reis ik weer naar het zuiden...
Brigit Ruiter-Beurskens, Almere

‘CITOtes’ zorgt voor stemming
Wij zijn een groep van 10 à 15 carnavalsvierders die in de loop der jaren uit Maastricht vertrokken zijn maar elk jaar terugkomen. We wonen in Amsterdam, Breda, Eindhoven, Nijmegen, Utrecht... Omdat het lastig is om in de carnavalsstemming te komen als je niet in Maastricht woont, maken we elk jaar (nu voor de 17e keer) een CITOtes (Carnavals Inziech vaanoet Textueel Ougpunt), een quiz waarbij de antwoorden in Mestreechse carnavalsliedjes te vinden zijn (www.citotes. nl). Daarmee lukt het wel... 
Maud van den Hof, Nijmegen 

Gelouterd 
Op mijn dertiende (1972) verhuisden we van Kerkrade naar Lisse. Vanwege de geringe werkgelegenheid in Limburg zocht mijn vader een baan dao baove. Jarenlang heb ik me een soort ontheemde gevoeld. Toen ik dertig jaar later hoorde dat mijn jeugdvriendje Vian ernstig ziek was geweest, nam ik contact op. Dat is zo’n vijftien jaar geleden. Nu ben ik elk jaar welkom bij Vian en zijn vrouw Marja, en kom ik er twee dagen carnaval vieren. Ik ga, ondanks de hoeveelheden sjoes, weer helemaal gelouterd en opgeladen terug naar huis, nu in Leiden. Mijn man is Leidenaar, en mede doordat ze hier Leidens Ontzet vieren (3 oktober) is hij gewend aan volksfeesten met optochten en muziek in de cafés. Soms gaat hij mee naar Kerkrade, in het pak van mijn overleden heeroom. Ik heb intussen drie carnavalsliedjes in het Kerkraads geschreven. Dus als er nog een band is die een carnavalskraker zoekt voor volgend jaar...
Jos Delnoij, Leiden

Sjoen pekskes 
Ik ben geboren en getogen in het orthodoxe Ede op de Veluwe. Via de ouders van een schoolvriendje kwam ik in 1961 ( ik was toen 13) voor het eerst bij de Mestreechter vastelaovend terecht. Sindsdien ga ik elk jaar, mit vrunj of zelfs helemaal alleen, al duurde dat nooit lang! In 1991 werd ik deputé in Gelderland. Een paar jaar later ontdekte ik dat een collega-gedeputeerde met haar man en kinderen ook ieder jaar naar Mestreech gaat. Dus beleven we nu ieder jaar van vrijdag of zaterdag tot Aswoensdag een reünie in Mes-treech. Mijn oudcollega komt oorspronkelijk uit Hoensbroek, haar man uit Heerlen. Ze wonen nu in Nijmegen. Veel familie van hen uit onder meer Heerlen, Voerendaal en Hoensbroek en kennissen uit Cuijk, Nijmegen en Monnikendam voegden zich bij ons clubje, dat daardoor soms uitgroeit tot een man of twintig. Veer kinne de Mestreechter leedsjes en springe en danse oet volle krach mit. En netuurlik höbbe veer sjoen pekskes en sjoene schmink...
Johan de Bondt, Laren

De Grote Trek 
De Grote Trek naar het zuiden staat weer voor de deur. Ook ik, geboren en getogen in Houthem en al 23 jaar woonachtig in Utrecht, zal - zoals ieder jaar - op de vrijdag vóór vastelaovend afzakken naar het zuiden om daar bij mijn ouders de verkleed- en schminkspullen weer van zolder te halen. Ik heb het in de 42 jaar van mijn bestaan nog niet één keer overgeslagen. Drie volle dagen de hort op in Maastricht, de laatste trein of bus naar ‘huis’, daar de roes uitslapen, weer even goed eten (vaak friet mit zoervleisj) en dan weer de trein terug naar Maastricht. Het ergste vind ik dat ik mijn zoon van zeven niet alle dagen mee kan nemen in deze fantastische (familie)traditie. De scholen in het noorden houden geen rekening met carnaval. Dit jaar hebben we geluk; de vakanties van de regio’s midden en zuid vallen samen. Maar volgend jaar zal papa (unne Hollender) hem weer op zondagmiddag mee moeten nemen naar huis omdat hij de dag erna weer naar school moet.
Martine Paulissen, Utrecht

Voor mij alleen in ‘Mestreech...’
Ik ben 71 jaar geleden geboren in het centrum van Maastricht, en heb vastelaovend met de paplepel binnen gekregen. Al 45 jaar woon ik nu in Midden- Limburg, een tevreden mens, met drie kinderen, acht kleinkinderen, veel vrienden. Toch blijft de heimwee naar mijn dierbare Maastricht. Met vastelaovend ga ik terug naar mijn roots. Zelfgemaakt pèkske aan en dan drie dagen met mijn trommeltje door de binnenstad...  Vastelaovend vieren kan overal. Maar voor mij, op deze manier, alleen in Mestreech. 
Ria Wingen-Snel, St.-Odiliënberg 

Uitgevlogen 
Ik ben zo’n ‘uitgevlogen’ Limburgse die met vastelaavend altijd teruggaat naar Venlo om weer even echt Limburger te zijn. Sinds 1997 woon ik in Haarlem. Ik ben daar gaan wonen vanwege mijn baan als stewardess. Hoewel al mijn familie in Limburg woont, voel ik mij erg thuis in ‘Holland’. Ik kom regelmatig naar Venlo voor verjaardagen, en als ik dan weer naar huis rijd, voelt dat goed. Het westen is mijn thuis geworden. Maar rond de vastelaovend begint het te kriebelen. Ik hoor alle verhalen van mijn ouders over de vastelaovesbals, volg alles op Facebook van mijn Limburgse vrienden. En dan baal ik af en toe vreselijk! In mijn eentje zet ik dan hard de vastelaovesmuziek aan. Soms heb ik medelijden met mijn buren, maar ik kan er niks aan doen, ik word er altijd vrolijk van. Sinds een aantal jaren vier ik samen met een vriendin vastelaovend in Venlo. Ze is een echte Haarlemse, maar ook zij is aangestoken door het vastelaovesvirus. Drie dagen gaan we heerlijk los. We dansen,zingen, drinken bier en eten elke dag patat. Elk jaar kom ik weer oude vrienden en bekenden tegen. Geweldig! Maar dan komt de dag dat we weer naar huis moeten. Balen! Net op tijd zijn we weer in Haarlem om onze kinderen op te halen uit school. Ik knuffel ze en probeer wat te zeggen maar dat lukt niet. ‘Waar is je stem, mama?’ ‘Och lieverd, die ligt nog ergens in Venlo...’ Wat ben ik blij dat ik in Limburg geboren ben!
Katja Smits-Giesbertz, Haarlem

Lees hier ook de vorige aflevering.