Mooiste straatje van Venray

Print
Mooiste straatje van Venray

De bewoners van in hun eigen woorden „het mooiste straatje van Venray”. In het midden achter de tafel, met spijkerjack, Yvonne Gommans, rechtsvoor in de stoel haar man Ludo. Afbeelding: Stefan Koopmans

Steevast vindt na carnaval een evaluatie plaats. Zo krijgt wrevel geen kans bij het buurtclubje van Melisse, een straat in de Venrayse wijk Landweert. De gezelligheid blijft niet beperkt tot de carnavalsperiode. „In de zomer drinken we spontaan een borrel.”

Het is volle bak in de woonstee van het echtpaar Ludo en Yvonne Gommans. Behalve de bewoners zijn ook Monique Vullings (man Jules heeft verplichtingen bij carnavalsvereniging De Piëlhaas), Monique Oomen (echtgenoot Ronny sluit later op de avond aan), Mariëlle en Peter Jacobs en Karin van de Sluis aanwezig. Allemaal wonen ze in hetzelfde straatje, Melisse. „Het mooiste straatje van Venray”, vinden ze unaniem. Dat ze niet al te ver uit elkaar wonen, bewijst de babyfoon op tafel. Als het heel lang stil blijft, gaat Monique Vullings voor de zekerheid toch maar even kijken of alles nog goed is met Mijke en Fenne. Op tafel staan twee naaimachines en de gastvrouw zorgt dat iedereen aan de koffie en taart („Kun je gerust nemen, is maar een klein stukje”) zit. Twee naaimachines, vijf vrouwen. Hoe zit dat? „In het begin naaide iedereen, maar er werden te veel fouten gemaakt. Nu naaien alleen nog Mariëlle en ik. De anderen zorgen voor de catering”, vertelt Yvonne. Toen vorig jaar voor het eerst pakken werden gekocht, hebben de twee naaisters geen leuke tijd gekend. „Voor ons is het pakjes naaien relaxen. Kopen, dat doen we niet meer.” 

Straatbarbecue
Tussen de naaimachines enkele hoeden en handschoenen, van brons lijkt het wel. De hoeden zijn gemaakt van foam en de handschoenen zijn met dat materiaal bekleed en kunstig beschilderd. „De hoeden maakt iedereen zelf, al dan niet met hulp van anderen”, aldus nogmaals Yvonne. Alle kostuums zijn klaar, maar mogen per se niet op de foto. Ze willen hun creatie niet openbaren voor aanvang van de optocht. Melisse blijkt een hecht buurtje te zijn, als we de bewoners mogen geloven. „Dat ontstond meteen toen we hier kwamen wonen, eigenlijk al daarvoor. Al tijdens de bouw werden tuinen, schuttingen en opritten in gezamenlijkheid aangelegd. Dus toen we hier kwamen wonen, kende iedereen elkaar al. Al heel snel werd een straatbarbecue gehouden, waar die contacten werden uitgediept”, vertelt Ludo Gommans. Daarna werd deelgenomen aan de destijds beroemde zeskamp in Venray. Na een avond met veel drank ging de bups met een kater de zeskamp in. „Zo is dat hechte ontstaan. En dat gaat over op iedereen die er bijkomt”, aldus Ludo. Monique Vullings beaamt dat: „Het is net een warm bad. We hadden net de sleutel gekregen en meteen al vier, vijf welkomstkaartjes.” De andere Monique kreeg een uitnodiging voor de barbecue, terwijl ze nog niet was ingetrokken. In plaats van elkaar een cadeau te geven met een verjaardag gaan ze samen naar Concert at Sea, bij een trouwerij gaan de vlaggen uit en verder zien ze elkaar bij het Oktoberfest, het bierpongen en de oudejaarsborrel. Wat zeker bijdraagt aan de goede sfeer in Melisse is het minieme verloop. „Er woonden hier militairen, die zijn dat carnaval vieren niet zo gewend. Nu woont er nog één gepensioneerde en die vraagt altijd of we weer meedoen aan de optocht en of de pakjes klaar zijn. Andere bewoners doen wel mee aan het straatfeest, maar de borrels die we zelf organiseren zijn en blijven van ons alleen”, vertelt Yvonne. 

Kinderoptocht
De oerleden van de groep hebben elkaar als carnavalist leren kennen tijdens de kinderoptocht, waarin ze meeliepen met een grote groep van een man of zesentwintig. „Dat was zó leuk, dat we besloten vaker in de kinder- en grote optocht mee te lopen”, vertelt Mariëlle. De twee Moniques en hun gezin sloten later aan. Maar in welk jaar precies? Dat weten ze niet. 
Ze denken dan ook niet in jaartallen, maar in pakken. „Zijn jullie er nou bij gekomen met de kikkerpakken, de koksoutfit of waren het de gouden kostuums? Monique en Jules sinds 2008 en Monique en Ronny sinds 2013”, rekent Yvonne uit. 
Wat doen de mannen eigenlijk aan het optochtgebeuren? Ludo: „Voornamelijk de techniek. We hebben namelijk elk jaar iets dat rijdt.” Na een korte pauze: „En het wordt elk jaar groter.” Dat blijkt later op de avond als hij ons meetroont naar een manshoge wijzerplaat in zijn garage. Die moet voor op een stoomlocomotief worden gemonteerd. Het rollend materieel is dit jaar voor het eerst zo groot dat een hulpkracht moet worden ingehuurd. Koen Jacobs, zoon van Mariëlle en Peter Jacobs, zal als machinist fungeren. 
Voordat het zover is dat de optocht trekt, werkt het Melissegroepje een uitputtend programma af. Op de elfde van de elfde reist het gezelschap af naar Maastricht. Handig is dan dat de oudere kinderen Gommans en Jacobs kunnen babysitten bij Vullings en Oomen. Daarna blijft het doordenderen: Prinsenproclamatie, Circus Mök, Afterparty Mök, Vorstenbal (waar de groepen zich presenteren), de Kèlsmiddag (de kerelsmiddag) en het Nakse Dakrame Festival (bonte middag op zondag voor carnaval), de hazinneavond, de Roetsj en het Kinderhosse. 
Op optochtdag maandag gaat om half zeven de wekker bij Yvonne en Marielle. 
Om zeven uur begint het duo met schminken, dat om half negen even wordt onderbroken als er een ontbijt wordt bezorgd. Tussen half een en half twee stelt de optocht zich op. „Het tweede jaar dat we meededen, waren we bijna te laat, want toen moesten er wel erg veel worden geschminkt”, aldus Ludo. Om dat een volgende keer voor te zijn, wordt er elk jaar geëvalueerd. „We zijn open en eerlijk. Daarom gaat het zo goed met elkaar.”