Tussen tradities en de nieuwe tijd

Print
Tussen tradities en de nieuwe tijd

Prins Har II in de Tegelse optocht van 1966. Afbeelding: Archief d'n Oeles

De vastelaovend is veranderd. Daar weten ze in Tegelen alles van. Het Tegelse jubilerende carnavalsgezelschap D’n Oeles (6 x 11 jaar) laveert tussen aloude tradities en de nieuwe tijd. Vanaf 17 november start de feestweek met activiteiten voor alle Tegelenaren.

De eerste Tegelse prins Theej I (Smeets) had in 1952 een optocht waar het volk rijendik aan de kant stond en veertig kroegen in het dorp waar hij met het Tegelse carnavalsgezelschap D’n Oeles zijn opwachting kon maken. De nieuwe Tegelse prins in 2018 heeft een nog drukker programma dat twee weken voor carnaval begint. Maar tijdens het feest zelf is het in Tegelen rustiger geworden. Weg zijn de veertig kroegen, carnaval wordt gevierd in de tent ’t Witte Hoes. Tijden veranderen, ook in Tegelen. „Het massale volksfeest dat carnaval ooit was, is niet meer. Dat is zeker niet uniek voor Tegelen. In 1952 was er niet veel meer naast het carnaval en de kermis. Dat is nu wel anders. Daar moet je als vereniging op inspelen, zoals D’n Oeles in de afgelopen 66 jaar zich constant heeft moeten aanpassen”, spreekt oudvorst Toën Smeets die is begonnen als nar in 1964 en via de Raad van Elf in 1991 vorst werd. De huidige vorst Gé Cornet beaamt dat. 

Protocol 
Cornet: „Draaiboeken die dertig jaar meegaan bestaan niet meer. Je moet veranderen. Omdat de tijden en mensen veranderen. De jeugd is veel mobieler. Het is geen vanzelfsprekendheid dat ze het carnaval in eigen dorp viert.” Dat is zeker geen exclusief Tegels probleem, D’n Oeles gaat er wel op een geheel eigen wijze mee om. Houdt niet krampachtig vast aan oude ideeën. Al blijven de tradities binnen de vereniging fier overeind staan. „Net als bij andere grote carnavalsgezelschappen heeft D’n Oeles bij sommige mensen daardoor een bepaald imago. Trekken wij er als gezelschap op uit presenteren we ons met klatergold en parelwien. Als vereniging staan we echter midden in de samenleving”, zegt Cornet. Smeets: „Vroeger bestond het gezelschap vooral uit ondernemers. Dat is al lang niet meer. En dat zie je ook terug in de prinsenkeuze.” 

Sambal
De vereniging groeide met een jeugdafdeling en drie dansgardes. Maar het animo voor de liedjesmatinee liep terug. „Hoe spijtig ook, maar we moesten ermee stoppen. Er waren gewoonweg te weinig mensen die aan de wedstrijd wilden meedoen. Natuurlijk hoop je op een doorstart, maar je weet ook dat het heel moeilijk is om zaken die eenmaal weg zijn weer terug te krijgen”, zegt Cornet. „Daar staat tegenover dat het prinsenbal nog altijd goed wordt bezocht, we met het Sambal een populair evenement voor de jeugd hebben en we met de twee buutteavonden voorafgaand aan carnaval twee keer ’t Witte Hoes uitverkopen.” Carnaval draait al lang niet meer louter om die drie dolle dagen. „Het begint tegenwoordig al in januari. Dat merk je met carnaval zelf. Met de eigen optocht op maandag is het nog altijd volle bak, de dinsdag loopt terug. Daar zijn we mee bezig.” Maar eerst is het feest met evenementen in november en een Oelesmuseum in de Kerkstraat. Niet om te zien dat vroeger alles beter was, maar wel om aan te tonen dat carnaval in Tegelen nog altijd volop in beweging is.