Abellio-directeur zei ‘nee’ tegen De Beer

Print
Abellio-directeur zei ‘nee’ tegen De Beer

Afbeelding: De Limburger/Roger Dohmen

Een medewerker in dienst nemen die nog vast zit aan een concurrentiebeding bij een ander bedrijf? Dat zou Jeff Hoogesteger in zijn tijd als directeur van NS-dochter Abellio Holding nooit geaccepteerd hebben, zo pleitte zijn advocate Petra van Kampen woensdagochtend.

Justitie wil Hoogesteger voor tien maanden achter tralies zien omdat hij feitelijk leiding zou hebben gegeven toen directeur René de Beer van Veolia Limburg door de NS in dienst werd genomen.

Aanbesteding
De Beer had een concurrentiebeding bij Veolia. Dat werd omzeild door hem bij een adviesbureau in dienst te laten treden en vervolgens door NS-dochter Qbuzz als adviseur in te laten huren. De Beer nam vervolgens een groot aantal Veoliastukken mee. Die zouden gebruikt zijn om de aanbesteding van het openbaar vervoer in Limburg te winnen. Volgens justitie is er sprake van het lekken van bedrijfsgeheimen, valsheid in geschrifte en omkoping. Dinsdag werden in dat verband hoge straffen geëist.

Omzeild
Qbuzz viel onder de holding waar Hoogesteger directeur van was. Hoogesteger wist ook dat De Beer werd aangetrokken. Maar volgens zijn advocate wist Hoogesteger niet dat het concurrentiebeding van De Beer werd omzeild. Hoogesteger was verantwoordelijk voor commerciële activiteiten van de NS in het buitenland. In die hoedanigheid had hij vaker te maken gehad met medewerkers die aan een concurrentiebeding vast zaten. Daar had hij volgens Van Kampen altijd maar één reactie op: niet mee in zee gaan.

Problemen
Uit het dossier van justitie blijkt ook dat Hoogesteger een soortgelijke reactie gaf toen hij hoorde dat De Beer aan een concurrentiebeding was gebonden. Toen hij later hoorde dat De Beer toch voor Qbuzz en Abellio Nederland werkte, ging hij er vanuit dat het concurrentiebeding geen problemen had opgeleverd. De verantwoordelijkheid voor het aanstellen van De Beer lag niet bij hem, maar bij dochterbedrijven Qbuzz en Abellio Nederland zelf, aldus Hoogestegers advocate.

Met het pleidooi van Hoogesteger is de vierde dag ingegaan van het proces tegen vijf oud-directeuren van de NS en NS-dochters. Voor het proces zijn maximaal acht dagen uitgetrokken.

Gerommeld
Dinsdag werd al duidelijk dat de politie in Maastricht mogelijk heeft gerommeld met een aangifte in de NS-zaak. Iemand kan alleen strafrechtelijk vervolgd worden voor het lekken van bedrijfsgeheimen als het slachtoffer daar een klacht over indient. Veolia deed wel aangifte, maar diende geen klacht in. Dat werd later door een hoofdagente van de politie in Maastricht aangepast in het proces verbaal, zonder dat Veolia daarover werd ingelicht. Volgens de NS is justitie daardoor niet ontvankelijk op dit punt. Hoogesteger sluit zich daar bij aan.

Omdat Hoogesteger niet op de hoogte was van het omzeilen van het concurrentiebeding en het delen van mogelijke bedrijfsgeheimen, kan hem ook niet verweten worden dat hij niet heeft ingegrepen, aldus de advocate.