Dag 11: ‘Kinderen raken hun onbevangenheid kwijt’

Print
Kinderen uit arme gezinnen hebben een gezondheidsachterstand. Ze hebben vaker astma, ADHD en leven ongezonder dan rijkere kinderen, zo meldde het Centraal Bureau voor de Statistiek woensdag. En dat niet alleen, zegt jeugdarts Rianne Reijs. “Ze raken hun onbevangenheid kwijt."

“Dagelijks zie ik ze tijdens mijn spreekuur. Kinderen en hun ouders die in armoede leven. Ik zie het vaak niet aan ze en ze beginnen er ook zelf niet over. Voor hen is armoede gewoon altijd daar. Het is een feit. Als  ik vraag ‘hoe gaat het?’ zeggen ze nooit ‘niet zo goed, want ik ben arm’. Maar het is er wel. En het is een probleem.

Een van de belangrijkste gevolgen van kinderarmoede die ik tegenkom, is uitsluiting. Kinderen kunnen niet meedoen. Het is een cliché, je hoort het vaak. Maar dat komt omdat het gewoon zo is. Ik zie hier pubers die na school niet even mee kunnen gaan naar de stad met vrienden, want stel dat die even wat bij de Mac willen halen en jij hebt het geld niet. Die jongeren zeggen dan ‘ik ben te druk, ik kan niet mee’. Maar ze durven niet te zeggen dat er geen geld is.

Ik zie kinderen die liever niet naar een kinderfeest gaan omdat ze een cadeautje van een paar cent kunnen kopen en niet iets voor zeven euro. Kinderen die niet meekunnen op schoolreis en dan ook nog van de leraar horen ‘zeg even tegen je ouders dat ze het schoolgeld nog moeten betalen’.  Of kinderen die thuis niemand durven uitnodigen omdat ze alleen maar water kunnen schenken of de appelsap die er is, niet meer kunnen delen. Dan hoor je er niet bij.

Lichamelijk klachten. Zie ik hier ook. Buikpijn. Hoofdpijn. Slapeloosheid. Obstipatie. Allemaal klachten die stress gerelateerd zijn. Hun ouders (of vaak de moeder) hebben continu financiële stress, maar hun kinderen ook. Sommigen meer dan anderen, maar er is altijd een mate van stress aanwezig. En de ene reageert daarop door agressief gedrag te vertonen, de ander is sneller afgeleid of krijgt hoofdpijn.

Armoede kan al in de eerste kinderjaren aan de kinderen gaan kleven. Ze snappen het misschien niet precies als ze vier, vijf jaar oud zijn, maar ze lezen toch al wel snel de lichaamstaal van hun ouders.  Hun grondhouding kan ook op die leeftijd al veranderen in een wantrouwende houding - naar voorbeeld van een (begrijpelijke) houding van hun ouders. 'Voorzichtig zijn met zomaar ja zeggen op leuke dingen'. En zo gaat onbevangenheid verloren. 

En dat sluipt er al heel vroeg in. En het heeft allemaal effect op de manier waarop ze naar zichzelf kijken. Kinderen geven zichzelf vaak de schuld. ‘Gisteren vroeg ik mijn moeder of ik mee mocht op schoolreis, en vandaag is ze uit haar doen. Dat komt door mij’. En ze zijn vaak meer verlegen, meer timide en hebben een gebrek aan toekomstdromen.

De vrijheid en onbevangenheid die zo belangrijk is voor een kind, raken zij kwijt. Terwijl kinderen zich tot hun 23e jaar ontwikkelen. Ze moeten kunnen uitproberen, nieuwsgierig kunnen zijn, kunnen vallen en weer opstaan. 

Armoede staat zelden op zichelf. Vaker is er meer aan de hand. Alleenstaand ouderschap bijvoorbeeld. Komt ontzettend vaak voor. Dat zijn vaak al geen vrolijke omstandigheden met veel ruzies en irritaties. Maar ook ouders die chronisch ziek zijn bijvoorbeeld. Stress (ook over geld) is een risicofactor voor huiselijk geweld, voor verwaarlozing. Je wil niet stigmatiseren, en die ouders nog een slechter gevoel geven, maar je moet er natuurlijk wel wat mee doen.Je wilt het voorkomen.

De laatste jaren maak ik armoede bespreekbaar tijdens mijn spreekuur. Ik stel dan twee vragen. Zijn er financiële problemen? En, is geld wel eens een beperking om je kind te kunnen geven wat je hem eigenlijk zou willen geven? Dan hebben we het niet over een Xbox, maar over een matrasje, een bed, een feestje of een sport.  Ik probeer de kale werkelijkheid bespreekbaar te maken.

 

Als jeugdarts ga ik ook in gesprek met gemeenten en denk ik mee over armoedebestrijding, waarbij we nadrukkelijk kijken naar de omgeving van gezinnen en kinderen. Ik verwijs dan door naar bijvoorbeeld het Jeugdcultuurfonds of het Jeugdsportfonds, of we doen dit via de scholen of het maatschappelijk werk. Vaak zijn mensen dan heel blij en enthousiast, maar het komt toch ook wel voor dat ze uiteindelijk niet naar die sportclub gaan. Wat armoede met zich meebrengt, kan ouders beperken los van het geld. Kinderen moeten gebracht naar de club en de zaken moeten geregeld worden.

Financiële stress zorgt dat mensen niet meer in staat zijn om gestructureerd te handelen. Ze gaan langzamer denken, ze raken gefrustreerd omdat dingen niet meer lukken. Het legt beslag op je werkgeheugen en de gevoelsbandbreedte wordt kleiner. Wist je dat stress zeker 10 iq-punten kost? Dat als jij normaal een hbo-denkniveau hebt, je  door armoede op mbo-niveau kan gaan denken? Alle ouders proberen goede ouders te zijn, proberen de stress te onderdrukken zodat hun kinderen het niet merken. Maar dan loopt toch de emmer weer over aan het einde van de dag. Het is continu brandjes blussen en er geen ruimte meer in hun hoofd.

Iedereen heeft periodes met stress. Van het werk of gedoe in de familie, of je neemt te veel hooi op je vork. Je bent wat achter geraakt door een paar dagen ziek zijn. Ook dan moet je brandjes blussen en ben je niet altijd even vriendelijk thuis.Het verschil met armoede, is dat het over gaat en je er soms letterlijk vakantie van hebt. Armoede kun je nooit stop zetten. Daar kun je geen vakantie van nemen.

Het kan iedereen gebeuren. Echt iedereen. In armoede verzeild raken is makkelijk, eruit komen is enorm moeilijk."

Rianne Reijs is jeugdarts bij de GGD Zuid Limburg en stafarts bij Jeugdgezondheidszorg van Envida in Maastricht.

Terug naar Wat beweegt Limburg