Brightlands Campus neemt CO2-project over

Print
Brightlands Campus neemt CO2-project over

Afbeelding: iStock

Hoe kun je de uitstoot van het broeikasgas CO2 verminderen én een methode ontwikkelen om energie die duurzaam is opgewekt op te slaan? De Brightlands Chemelot Campus in Geleen probeert met het project EnOp een antwoord te vinden op die vraag.

Het EnOp-project was oorspronkelijk een initiatief van kennismakelaar NanoHouse. Het bedrijf uit Elsloo­ wist 2 miljoen euro aan Europese subsidie binnen te halen en draagt het project nu over aan de chemiecampus in Geleen.

Doel is om een oplossing te vinden voor een van de grote nadelen van het opwekken van energie via wind en zon. Energie uit die duurzame bronnen is lang niet altijd in dezelfde mate beschikbaar. Om dat probleem te ondervangen, wordt al jaren onderzoek gedaan naar opslag van de ‘groene’ energie.

Chemisch proces
EnOp zoekt het daarbij in de richting van energieopslag door middel van kooldioxide (CO2). Kort door de bocht komt het erop neer dat CO2 in een chemisch proces wordt omgezet in speciale koolstofverbindingen, die op hun beurt weer kunnen worden gebruikt als duurzame brandstof. Die doen dan vervolgens dienst als vervangers van kolen, gas en aardolie. Ook is het mogelijk om ze te gebruiken als grondstof voor de productie van kunststoffen. Bijkomend voordeel: de CO2 die ervoor wordt gebruikt, komt niet terecht in het milieu.

Volgens een woordvoerder is het een logische stap dat het EnOp-project nu verhuist naar Chemelot. "De campus is bij uitstek de plaats waar nieuwe technologieën worden ontwikkeld. Hier zijn ook faciliteiten, zoals proeffabrieken, om na het onderzoek de uitkomsten naar de praktijk te kunnen brengen."

Praktijk
Zo ver is het nog niet. De omzettingstechnologieën van EnOp verkeren nog in een "embryonaal stadium", zegt Chemelot. Dit maakt het op dit moment nog moeilijk voor bedrijven om in te stappen en te investeren. Op de chemiecampus moeten de komende tijd dan ook technologieën worden doorontwikkeld die uiteindelijk in de praktijk toepasbaar zijn. Om die ontwikkeling beter af te stemmen op de behoefte van de industrie wordt een businessteam met mensen uit het bedrijfsleven opgezet.

EnOp beschikt over een budget van 4 miljoen euro. De helft komt van de EU, de rest wordt opgebracht door de deelnemende partijen. Dat zijn onder meer TNO, de TU Eindhoven, vier Belgische universiteiten en de RWTH in Aken.