Vastelaovend in het dorp: Optocht zonder ezels in Oost-Maarland

Print
Vastelaovend in het dorp: Optocht zonder ezels in Oost-Maarland

Twee weken geleden gingen ‘De Aèzele’ nog één keer uit hun dak. Na 31 jaar is er een einde gekomen aan de carnavalsvereniging uit Oost. Afbeelding: De Limburger/Harry Heuts

De optocht door Oost-Maarland zal zondag dubbel zo lang zijn als in voorgaande jaren, maar dat betekent zeker niet dat het er crescendo gaat met het carnaval. De vervreemding vreet namelijk aan het Eijsdense kerkdorp.

Ze vloeiden zeker niet zo rijkelijk als het bier, maar de tranen waren er wel degelijk. Twee weken geleden werd na 31 jaar officieel de stekker getrokken uit carnavalsvereniging De Aèzele (De Ezels) uit Oost. Omdat het hier om een nogal apart dorp draait, even een korte uitleg. 

Oost-Maarland wordt officieel als één dorp beschouwd, dat deel uitmaakt van de gemeente Eijsden- Margraten. Maar feitelijk betreft het nog steeds twee aparte kernen, met een eigen identiteit en een eigen jonkheid die verantwoordelijk is voor de organisatie van de jaarlijkse Bronk. De ene in Oêsj (Oost, de roden, de ezels, café Du Commerce), de andere in Moarend (Maarland, de blauwen, de ossen, café De Sjmiëd). De rivaliteit tussen beide kernen is in de loop der jaren weliswaar afgenomen, maar zeker niet verdwenen. 

Vooral in de aanloop naar en tijdens de Bronk, het dagen durende feest rondom de sacramentsprocessie, wil die links en rechts nog wel eens flink oplaaien. Desondanks kent Oost-Maarland al 58 jaar een overkoepelende carnavalsvereniging: De Krubbebieters. Verantwoordelijk voor het carnaval in Oost én Maarland, maar sinds 31 jaar ‘terzijde’ gestaan door CV De Aèzele, ontstaan nadat een groep vrienden in de kroeg tot de conclusie was gekomen dat carnaval in hun Oesj beter kon. De mannen beseften daarbij wel dat er natuurlijk maar één prins in Oost-Maarland - die van De Krubbebieters - kon zijn en besloten daarom om jaarlijks geen prins, maar een hertog uit te roepen. 

Animositeit
De oprichting van de nieuwe club leidde desondanks, zeker in de beginjaren, tot behoorlijk wat animositeit tussen De Krubbebieters en De Aèzele, maar na verloop van tijd konden beide verenigingen prima naast elkaar bestaan. Konden. Want De Aèzele bestaan sinds twee weken dus niet meer. Emotioneel werd op vrijdagavond afscheid genomen van de laatste hertog Michael Kiechelaar en diens hertogin Ashley. In plaats van een opvolger uit te roepen, werden na een heuse dodenmars de steken én de mascotte - een ezel uiteraard - symbolisch in een kast geplaatst. Einde verhaal.

"We hadden nog maar tien leden over, van wie de helft bestuurslid was”, verklaart voorzitter en moelejaan Danny Voorst (44). "Als we ergens naartoe gingen, waren er vaak nog maar vier man om de hertog te vergezellen. Een hertog die we ook steeds vaker in de eigen geledingen moesten zoeken. Er was geen animo, geen aanwas meer voor de vereniging.” Roger Kloos (31), die Voorst als voorzitter voorging en wiens vader aan de wieg stond van de vereniging, vult aan. "We hadden graag de drie keer elf jaar willen halen, maar we wilden de vereniging per se niet kapot laten gaan. We wilden zelf het moment kiezen om ermee te stoppen. Dat moment was nu gekomen.” 

Vervreemding
Wie zijn oor goed te luister legt, komt al snel achter één van de belangrijkste oorzaken van het verval van carnaval in het dorp. De vervreemding slaat er keihard toe, beamen ook Patrick Liebens (50), sinds 2002 lid van De Krubbebieters, waarvan twaalf jaar als secretaris, en Roger Meijs (45), sinds vijftien jaar kastelein in café De Sjmiëd. Ouderen sterven of trekken door een gebrek aan voorzieningen - Oost- Maarland telt geen enkele winkel, laat staan een bank - massaal weg uit het dorp.

En doordat de huizen in Oost-Maarland veel te duur zijn en er voor starters ook niks wordt gebouwd, trekt ook de jeugd naar elders. 
Het gevolg is dat het dorp wordt overspoeld door ‘vreemden’, die geen enkele culturele of sociale binding voelen. "Dat is bijvoorbeeld die man uit Amstelveen, die tijdens de optocht vanachter het gordijn in zijn badjas toekijkt, en zich vertwijfeld afvraagt wat er in vredesnaam gaande is”, schetst Danny Voorst de situatie gechargeerd. "Die ontwikkeling raakt het carnaval, maar zeker ook de leefbaarheid in het algemeen”, stelt Liebens vast. "Dat is absoluut een punt van zorg.” 

Op slot
Roger Meijs gooit de tent tijdens carnaval in elk geval op slot. "Waarom? Laat ik het zo zeggen: vroeger had ik 150 haringen op Aswoensdag. De laatste jaren 25 en nóg bleven er haringen over. Carnaval leeft hier niet of nauwelijks meer. Dan ga ik liever een paar dagen op vakantie.” Zonder De Aèzele trekt morgen dus de optocht door Oost-Maarland. De stoet is met zo’n twintig groepen weliswaar dubbel zo lang als normaal, maar de reden daarvan is eigenlijk veelzeggend. Die extra deelnemers zijn er, omdat de zondagse optocht in Eijsden wegens gebrek aan belangstelling is geschrapt.