Eenzaam in het verpleeghuis: pijn en verdriet

Print
In wijkzorgcentrum Kapelhof in Kerkrade wonen 68 mensen. Ouderen voor wie het thuis alleen écht niet meer ging. Rik Bruinsma werkt er sinds twee jaar als verpleegkundige.

Hij kent de bewoners, hun pijn en verdriet. Het gemis van de vertrouwde omgeving, hun overleden partner of familieleden, het eigen huis.

"Eenzaamheid is heel persoonlijk", weet Rik. "Als je meer een band opbouwt met de mensen, hoor je de verhalen wel. We doen ons best met het organiseren van allerlei activiteiten, maar dat gemis kunnen we niet wegnemen. Dat blijft", zo ervaart de verpleegkundige dagelijks. "Soms kan een maatje of vrijwilliger  - iemand die een bewoner ‘onder de arm’ neemt - helpen. Wie dat wil, kan in gesprek met een pastoraal medewerker of psycholoog. Natuurlijk zou je graag meer willen doen. Meer persoonlijke aandacht, meer tijd, maar daar hebben we simpelweg het geld niet voor."

Gevoel
Eenzaamheid is een gevoel. Een gevoel waar niet iedereen even makkelijk over praat. Rik kent zeker vijf mensen in Kapelhof die ernstig eenzaam zijn en daar tegenover hem ook geen geheim van maken. Maar dat is nog wat anders dan de krant erover te woord staan, blijkt. "Ze vinden het te confronterend en ja, eenzaamheid is ook onder ouderen nog steeds een taboe."

Rieka Quadflieg (79) durft het wel aan. Haar man Frans is overleden, haar zoon Jos woont en werkt in Breda. Ze zou hem zo graag wat vaker zien, maar snapt het wel. Hij heeft zijn eigen leven en eigen gezin. Twee jonge kinderen. Een foto van die trots staat op haar nachtkastje. "Vroeger toen Frans nog leefde, gingen we regelmatig naar Breda. We hadden er zelfs een eigen kamer. Heel fijn. Maar nu gaat dat niet meer." De Kerkraadse wijst op de rollator naast de bank. Lopen gaat steeds slechter.

Vermagerd
De eenzaamheid overvalt haar met vlagen. Dan weer eens vermaakt ze zich eigenlijk prima: "Ik brei, ik lees en ik kijk televisie." Maar er zijn ook lastiger momenten. Als haar broer, die overigens trouw komt, weer vertrokken is en ze hier, in haar appartement van krap veertig vierkante meter weer alleen zit. "Er is niets meer", verzucht ze. "Vroeger hadden we samen veel vrienden, maar nadat Frans wegviel... Als ik ergens op bezoek ging en ik was niet altijd vrolijk, dan zaten ze je met een lang gezicht aan te kijken". Zo voelde dat in elk geval voor Rieka. "Dus bleef ik maar liever thuis. Alleen."

Rieka was ooit een struise vrouw. 90 kilo woog ze toen. Op de bank in wijkzorgcentrum Kapelhof zit een schim van die dame. "Ik was de hele dag alleen en had geen zin om te koken voor mezelf. Geen honger. Op zeker moment woog ik nog maar 35 kilo." Inmiddels is ze alweer een stuk aangesterkt.

Vreselijk
Vreselijk noemt ze die eenzaamheid. "Ik had ook nooit gedacht dat ik hier terecht zou komen. Mijn hele leven heb ik alles zelf kunnen doen en beslissen, nu moet ik alles vragen." Ze heeft wel al een groepje andere bewoners met wie ze, beneden, samen eet. Maar het is allemaal zo anders dan vroeger. Later in het gesprek blijkt dat zoon Jos toch vaker komt dat Rieka zich herinnert. Met carnaval was hij nog hier. Jos was ooit prins in Kerkrade, bewijst een foto aan de muur.

Van de circa 125.000 ouderen die in Nederland een zorginstelling wonen, krijgen bijna 10.000 mensen nooit bezoek, bleek enkele jaren geleden uit onderzoek van het Leger des Heils. Eén op de vijf bewoners komt minder dan eens per maand buiten, vooral door een gebrek aan vrijwilligers en de hoge werkdruk onder het vaste personeel.

Vergeten
"Het is hier niet allemaal zonneschijn", weet Rieka. "Die verhalen van mensen die nooit bezoek krijgen, die verlaten of vergeten zijn door hun eigen familie. Vreselijk. Ik hoop maar dat mij dat nooit overkomt."

Eenzaamheid is van alle leeftijdsgroepen, maar vanaf 75 jaar zien we het aantal eenzamen sterk groeien. In die categorie voelt 57 procent zich eenzaam. Onder mensen van 85 jaar en ouder stijgt dit percentage verder tot 66,4.

Eén op de acht ouderen in die leeftijdsgroep wordt, in een onderzoek van de Limburgse GGD’en, gekwalificeerd als ernstig tot zeer ernstig eenzaam. Van alle 75-plussers woont zo’n 65 procent alleen, turfde het Centraal Bureau voor de Statistiek. Het eenzaamst zijn ouderen die gescheiden zijn of wiens partner is overleden en die weinig sociale relaties hebben. Zo’n tien procent van alle ouderen (dat zijn circa 200.000 mensen) zit ook tijdens de feestdagen alleen thuis.

Anna Wobma wordt volgende maand 92 jaar. Ook zij wil wel wat vertellen over eenzaamheid, al zegt ze zichzelf beslist niet eenzaam te voelen. "Ik zit hier dan wel vaak alleen op mijn kamer, maar vermaak me prima. Ik kijk televisie en puzzel graag". Voor die laatste hobby heeft ze een speciale vergrootglasbril.

Alleen
Ook Anna is alleen sinds de dood van haar man Otto, alweer twintig jaar geleden. Otto was mijnwerker en nadat de mijnen dicht gingen waard in een café. Tot kanker hem uit het leven nam. Vijftig jaar waren ze getrouwd. Vijf kinderen kregen ze samen. "Ik heb een dochter in Frankrijk", vertelt Anna. Ze verheugt zich op haar verjaardag, over twee weken, want dan komt zij ook. "Natuurlijk vind ik het jammer dat ze zo ver weg woont, maar ik verwijt niemand iets. De kinderen hebben hun eigen leven."

Over bezoek heeft Anna niet te klagen, vindt ze. Haar oudste zoon komt iedere dag even kijken. In het weekend komen de andere kinderen. "Het huis hier organiseert allerlei activiteiten, ik heb er niet altijd evenveel trek in, maar ze doen hun best. We worden goed verzorgd, ik heb ook niet zoveel nodig."

Niet buiten
Tot ze zich ineens laat ontvallen dat ze al twee jaar niet buiten is geweest. "Ja, een keer in de rolstoel een ritje over de Markt hier, maar écht buiten. Nee." Ze wil er het personeel ook niet mee belasten, die hebben het al zo druk. "Als ik hier het raam open zet, heb ik ook frisse lucht." Maar stiekem droomt ze wel van eens een dagje weg of een avond naar het theater.


Ze kijkt nog eens naar de foto van haar Otto, boven het bed. "We hadden het goed samen. Zeker mis ik hem. Nog altijd. Vorige week was het exact twintig jaar geleden dat hij stierf. Nee, ik ben nooit opnieuw getrouwd. Dat doe je niet na zo’n lange tijd." Ze vertelt over Hanneke, haar dochter die ze op te jonge leeftijd verloor na een ongeluk in de instelling waar zij verbleef. En over hoe haar vader een arm en een half been verloor bij een treinongeluk op de mijn. Herinneringen die het leven hebben getekend.

In je hoofd
"Eenzaamheid is iets wat in je hoofd gaat zitten", zegt Anna. Ze denkt aan de schoonmoeder van een van haar zoons. "Die ligt hier beneden in hetzelfde tehuis. Ze heeft iedere dag bezoek, maar voelt zich toch enorm eenzaam, zegt ze. Het is heel persoonlijk. En je zult er zelf mee moeten leren omgaan, een ander lost het niet voor je op."