Het harde leven in wijk met meeste eenzamen: 'Ik lig stijf in bed'

Print
Rolduckerveld. Met een percentage van 30,1 procent van de bewoners die zich (zeer) ernstig eenzaam voelen, voert deze Kerkraadse de provinciale lijst met afstand aan. Dat blijkt uit cijfers van de GGD Zuid-Limburg. We peilden de stemming en zochten de eenzamen.

De flats aan de Hertogenlaan in dit oostelijke deel van Kerkrade werden gebouwd in de jaren zestig. Inmiddels maken ze een troosteloze indruk. Meerdere etages zijn met een staalconstructie gestut. Betonrot, aldus een groep bewoners die buiten staat te praten in de vroege lentezon.

Geconfronteerd met de zo hoge eenzaamheidscijfers beklagen ze zich vooral over hoe hun wijk, sinds zij er lang geleden kwamen wonen, achteruit is gehold. Hun flat is een carrousel, de bewoners komen en gaan. Mensen met lagere inkomens, of vaker nog een sociale uitkering. Werkloze jongeren die "hier ’s avonds de boel onveilig maken. Ze staan voor de deur te dealen. Als je er iets van zegt, krijg je een grote mond of zoals laatst een steen door je raam. Mensen zijn bang. Vooral ouderen.” Niemand doet wat, corporatie HEEMWonen niet en de politie niet.

Paaseieren
"Hebben wij een wijkagent? Ik heb hem nog nooit gezien”, aldus Maria Debets. "Vroeger werd nog wel eens wat georganiseerd in de buurt. Dan stond op het veld achter een tent of lieten ze kinderen paaseieren zoeken. Dat is al lang niet meer”.

Mensen hebben weinig contact met elkaar en veel ouderen durven niet meer de straat op, zeker niet in het donker; zo horen we. Hoewel niet van die ouderen zelf, want de senioren die we wel op straat spreken zijn positiever gestemd. Niemand die er vooruit komt dat ie eenzaam is. Het is een taboe. Schaamte. De verpaupering onderschrijven ze wel.

Stijf in bed
Zoals Helene Leers (76). Al vijftig jaar woont ze in de flat aan de Hertogenlaan, de laatste tijd duidelijk met minder plezier. "Toen ik hier kwam, moest ik een bewijs van goed gedrag overleggen. Kijk nu eens. Het is een zootje aan het worden, een achterstandswijk. Ik lig soms stijf in bed, wat hier ’s nachts gebeurt.”

Leers kan zich heel goed voorstellen dat de eenzaamheid heerst hier, ook in haar flat. Maar nee, zelf heeft ze er, ook sinds het overlijden van haar man, geen last van. "Eenzaamheid is een gevoel. Elk mens zal het in andere mate ervaren. Maar je moet en kunt er ook zelf iets aan doen. Als je thuis blijft zitten met de armen over elkaar, dat helpt je niet. Ik doe veel vrijwilligerswerk, trek erop uit.”

Geklaagd wordt er ook over "al die kleurlingen”. Maar er zijn uitzonderingen, blijkt zodra Emilse Mercelina thuis komt. Ze wordt bij de groep flatbewoners geroepen. Mercelina kent de eenzaamheid van dichtbij in haar werk. Ze is verpleegkundige bij Envida. Toch schrikt ze van het hoge percentage eenzamen in haar eigen woonomgeving. "Veel mensen leven hier op zichzelf”, constateert ook zij. "Natuurlijk help ik een handje als ik een oudere met zware boodschappen zie sleuren of met een zak naar de vuilcontainer lopen.”

Vul hier een omschrijving van de foto in.

Mijnverleden
De flats van Rolduckerveld staan in een wijk die qua straatnamen herinnert aan het roemruchte mijnverleden en de wat verderop gelegen abdij Rolduc. Maar van de clerici hier geen spoor. De kerk in de wijk is jaren geleden al gesloten. Ooit vonden hier tallozen emplooi in de Doma­niale Mijn. Ook die tijd verstreek.

De huismeester van HEEMWonen - "nee ik zeg mijn naam niet” - loopt toevallig langs. Of hij de kritiek van de bewoners herkent? En het beeld van de, kennelijk, hier alom aanwezige eenzaamheid? "Ik ben ook huismeester in Bleijerheide en hoor niet dat het probleem, naar verhouding, hier zo groot is. Het ligt, volgens mij, ook deels aan mensen zelf. We organiseren wel degelijk van alles, maar er is geen interesse. Als ik bij huurders binnen kom waar je duidelijk ziet dat ze erg eenzaam zijn, schakel ik onze sociaal consulent in.”

Geen koekje
Maria Debets heeft wel de oplossing in de strijd tegen eenzaamheid. Het is allemaal mooi wat minister Hugo de Jonge van Volksgezondheid vorige week zei over zijn plan tegen eenzaamheid: we moeten betere buren zijn, vindt ze. "Maar laat die man gewoon de beurs trekken, er moet veel meer geld komen voor de ouderen. Als ik hoor dat in het verpleeghuis mensen geen koekje meer bij de koffie krijgen: te duur. Waar ben je dan mee bezig? En intussen vullen al die hoge heren hun diepe zakken.”

Bemoeizucht, noemt Helene Leers het op zich sympathiek lijkende eenzaamheidsplan. "Laat mensen toch, de overheid bemoeit zich al met veel te veel dingen. Nogmaals, eenzaamheid is een gevoel. Je hebt mensen die trekken zich totaal in hun schulp terug, die krijg je met tien paarden nog niet uit hun huis. Ook de minister niet. Ik ben nu zeven jaar alleen, je kunt niet bij de pakken neer blijven zitten. Je moet door. Dat is niet makkelijk, maar zo is het leven.”

Vergrijzing
Ook bij de supermarkt even verderop schrikken wijkbewoners van het hoge eenzaamheidscijfer. Weinigen herkennen het uit hun eigen omgeving. Het woord vergrijzing valt. Er wonen hier inderdaad bovengemiddeld veel ouderen.

"Het kabinet heeft, om fors te bezuinigen op de zorgkosten, bedacht dat ouderen steeds langer thuis moeten wonen. Kinderen die, met een eigen drukke baan, geen tijd hebben om elke dag bij hun alleen achtergebleven vader of moeder langs te gaan. Niet zo gek dus dat mensen vereenzamen”, zo vindt Ria van Nunspeet-Geilenkirchen (74). Zelf heeft ze het, nog, te druk om zich überhaupt eenzaam te voelen. Ze springt bij in de mannenmodezaak die haar vader in 1936 begon. Ze ondersteunt mantelzorgers, ze bridget en heeft een lieve kleindochter. "Die belt 's zondags wel eens: oma zullen we wat leuks gaan doen. Dan denkt ze: die zit zo alleen. Dat valt reuze mee, ik ben blij als ik eens rustig de krant kan lezen.”

Terug naar Wat beweegt Limburg