Weinig animo bij jeugd voor maatschappelijke diensttijd

Print
Weinig animo bij jeugd voor maatschappelijke diensttijd

Suzan Huizinga (l) en Anaïs Bourgeois (r), leerlingen van Guido, vlechten een hekwerk bij de buurtmoestuin in de Geitenkamp in Arnhem. Op de achtergrond, in blauw overhemd, steekt secretaris-generaal Erik Gerritsen van het ministerie van VWS ook de handen Afbeelding: Gerard Burgers

Maatschappelijke diensttijd. Het kabinet heeft nog een jaar om de jeugd er voor wam te maken. Dat is nodig, want de jongeren zijn bezorgd en de animo voor deelname is klein.

Lang niet alle jongeren hebben trek om zich maandenlang vrijwillig tegen een kleine vergoeding in te zetten voor de samenleving. Ongeveer de helft van alle jongeren tussen de 15 en 25 jaar zet zich wel eens als vrijwilliger in. Maar dat is heel wat anders dan een ‘diensttijd’. Daar ziet een groot deel van de jeugd niet veel brood in.

Prestatiedruk
Toch gaat de maatschappelijke diensttijd volgend jaar zomer al van start, blijkt uit een brief van staatssecretaris Paul Blokhuis (CU, Welzijn). Na gesprekken met honderden jongeren begin dit jaar, luidt de conclusie: "Lang niet iedereen is gemotiveerd om deel te nemen. Het is voor jongeren nog onduidelijk wat het betekent. Zij maken zich zorgen over prestatiedruk en zeggen dat er al veel speelt in hun leven."

Massaal 
Als er een diensttijd komt, dan moet die volgens de jongeren flexibel zijn, aansluiten bij hun interesses, leerzaam zijn en erkenning opleveren. De staatssecretaris ziet het als een ‘heel mooie uitdaging’ om jongeren over de streep te trekken. "Ze zijn heel eerlijk en hebben zoiets van: ‘Wat is dit?’ Maar tegelijk wil de jeugd massaal meedenken over hoe je zo’n periode kan inrichten. Dat heeft me verrast. Zij hebben ook de leiding bij de uitwerking."

Goed idee
Het idee van maatschappelijke diensttijd staat in het regeerakkoord. Vanaf donderdag kunnen organisaties met een goed idee zich inschrijven voor financiële ondersteuning bij oefenprojecten. Daarin kunnen jongeren vanaf deze zomer actief zijn. Hiervoor is dit jaar 25 miljoen euro vrijgemaakt.

Concreet moet de jeugd straks kunnen deelnemen aan allerlei soorten dienstverlening: of het nou gaat om een bestuursfunctie bij een voetbalclub, senioren begeleiden in een tehuis of helpen bij het plaatselijke poppodium.