'Dodenwegen' gaan op de schop

Print
'Dodenwegen' gaan op de schop

Afbeelding: iStock

Het kabinet steekt 50 miljoen euro in de aanpak van gevaarlijke wegen buiten de bebouwde kom. In de volksmond staan ze bekend als ‘dodenwegen’.

Minister Cora van Nieuwenhuizen (Infrastructuur en Waterstaat) maakt dit dinsdag bekend. Ongeveer 85 procent van alle verkeersdoden valt op provinciale en gemeentelijke wegen. Bij de wegen die op de schop gaan, geldt vaak een maximumsnelheid van 80 kilometer per uur.

Berm
De 50 miljoen euro wordt vooral gebruikt om de bermen van deze zogeheten N-wegen (niet-autosnelwegen) veiliger te maken, zegt Van Nieuwenhuizen (VVD). Zo kunnen obstakels als bomen worden weggehaald. Ook het plaatsen van geleiderails is een optie. "Dat kan het verschil maken of je levend van een ongeluk afkomt of niet."

Van het beschikbare geld gaat 25 miljoen euro naar het verkeersveiliger maken van N-wegen van het rijk. De andere 25 miljoen is voor verbetering van de provinciale wegen. De provincies leggen daar 75 miljoen euro bij, is afgesproken. 

Ambitie
Van Nieuwenhuizen: "Ik zou ook de hele som aan onze rijkswegen kunnen spenderen, maar ik vind het juist belangrijk om de andere overheden aan te sporen." Zij roept lokale bestuurders op geld vrij te maken voor investeringen in verkeersveiligheid. Over haar ambities zegt de minister dat ze niets heeft met de oude doelstelling om het aantal verkeersdoden terug te brengen naar 500 per jaar. Het laatste cijfer is van 2016: toen vielen er 629 doden in het verkeer. 

"Het voelt heel raar om 500 als ambitie te hebben. Ik heb daar nooit een goed gevoel bij gehad”, aldus de minister. "De ambitie moet gewoon nul zijn, ook al weet je dat je dat nooit kunt halen. Dus voortaan geldt zero tolerance. Die omslag gaan we nu met zijn allen maken."