'Misselijk, pijn in de rug, buikkramp... dat wordt plassen op een testje'

Print
'Misselijk, pijn in de rug, buikkramp... dat wordt plassen op een testje'

Afbeelding: iStock

BLOG - L-Magazine verslaggeefster Kristel Schreurs blogt wekelijks over wat haar de afgelopen week heeft beziggehouden. Dit keer gaat het over dat felbegeerde bruine kleurtje in de zomer.

Ik heb een zwangerschapstest gekocht. Niet dat dit zo uitzonderlijk is hoor. In mijn bakvissentijd was ik panisch zwanger te raken en op mijn twintigste was ik nog steeds bang tienermoeder te worden. Zelfs nu, op mijn achtentwintigste, breekt het zweet me uit als ik over een strookje pis. Het zal toch niet?

Waar veel vrouwen langdurig hopen op dat tweede streepje en vriendinnen één voor één besmet raken, krijg ik koudwatervrees als het om kinderen gaat. Ik probeer (nee, niet wij; mijn vriend krijgt geen dikke buik van onbeschermde seks) niet zwanger te worden. Althans nog niet.

Het is niet dat ik ze niet wil, de eenjarige bandiet van mijn zus is alles voor me. Als peettante ben ik net zo erg als al die moeders die hun timelime bevuilen met babymeuk. Want, eerlijk is eerlijk, stond die draak in de Wehkampgids, dan bestelde ik met de express-service meteen een exemplaar of tien. Ik mis niks van die dreumes en heb meer foto’s van hem dan van mijn vriend.

Toen hij afgelopen week met een virusinfectie in het ziekenhuis lag, bezocht ik hem iedere dag. Zijn ouders waren oersterk, maar ik beet op mijn lip in de hoop dat de sluizen gesloten bleven. Het lukte aardig, tot de slagbomen bij het ziekenhuis openden.

Enfin, die zwangerschapstest dus. Ik ben al twee dagen misselijk, heb buikkrampen en ook mijn rug doet zeer. Rende ik zaterdag nog twaalf kilometer, zondag ren ik enkel naar het kleinste kamertje.

Op maandag besluit ik de huisarts te bezoeken. Nadat hij mijn klaagzang heeft aangehoord, vraagt hij of ik zwanger ben. De koorts die net gezakt was, begint weer op te spelen. Ik zeg nee - ik vrij beschermd meneer - maar twijfel. Het tienermoedersyndroom speelt weer op.

Bij een drogisterij in Duitsland koop ik een test. Nadat ik in stilte een schatting heb gemaakt van het geld dat ik verspild heb aan zwangerschapstesten, rijd ik in mijn autootje naar huis. Thuis ga ik meteen naar het toilet en plas ik over het strookje. In afwachting van het moment suprême denk ik aan het liedje van Bløf. Wat zou ik doen als er dadelijk twee streepjes staan? Lachen, schelden, zeggen dat mijn vriend een klootzak is?

Na twee minuten driftig wapperen - alsof ik de zwangerschap eraf zou kunnen schudden - kijk ik naar het testvenster. Eén blauw streepje. De aanbevolen vijf minuten later zie ik nog steeds één blauw streepje. Ik kijk voor de zekerheid op de bijsluiter. Gelukkig is de gebruiksaanwijzing van de Duitse test hetzelfde als die in Nederland. Ik ben niet zwanger.

Ik ben opgelucht, maar tegelijk schaam ik me. Lach ik nog steeds als ik er wél klaar voor ben en het niet lukt? Ik parkeer die gedachte als mijn telefoon gaat. Mijn zus belt. Haar dreumes is weer beter, maar haar vriend heeft dezelfde ziekteverschijnselen; misselijk, braken en niet nader te omschrijven ontlasting. Een en ander wordt duidelijk. Ik ben nog niet besmet met het zwangerschapsvirus, maar het virus van mijn neefje heeft me wel bereikt.

 

Wil je niets missen van L-magazine?

Volg ons dan ook op Facebook en Instagram!