Algerijn Nanou Medjadji ergert zich aan klagende immigranten

Print
Het interview moet nog beginnen maar Nanou Medjadji neemt gelijk het woord. Hij is zwaar geërgerd.

Op zijn computerscherm staat het verhaal ‘De boze brief van Hassan Es-Sadki’.

Ondankbaar

"Hoe dúrft deze meneer te zeggen dat wij als immigranten niet goed zijn geholpen hier in Nederland?! Of dat we worden gediscrimineerd? Ik ben héél goed geholpen in dit land en nog nooit gediscrimineerd! Deze Hassan is ondankbaar. Hij bijt de hand die hem voedt."

Harde woorden. "Maar ik, als migrant, mag dat zeggen. Als Algerijn ben ik in een betere positie om deze meneer de waarheid te zeggen dan u als autochtone Nederlander."

Boos
Want Algerijnen en Marokkanen, het zijn allebei Noord-Afrikanen, Maghrebijnen. Buurlanden, verwante culturen. "We zijn in feite neefjes. Van hetzelfde laken een pak, zeg maar", grijnst Nanou.

Hij is oprecht boos over de uitspraken van Hassan. "Ik wil hem zeggen: wat denk je dat je had bereikt als je in Marokko was gebleven? Hier ben je raadslid geworden, dat is een mooie positie! Dus hoezo ‘migranten bereiken hier niets omdat ze niet goed worden geholpen’?"

Liefde
Het zijn bepaald niet de enige harde noten die Nanou wenst te kraken. De 77-jarige inwoner van Maastricht heeft zichzelf aangemeld om te worden geïnterviewd binnen dit project Allochtonen in Limburg. Het artikel met Hassan is dan nog niet verschenen.

Nanou is sinds 1966 in Nederland. Vanwege de liefde: op vakantie aan de Belgische kust in de zomer van 1965 trof hij zijn huidige Maastrichtse vrouw. In Algerije was hij onderwijzer. In Nederland werkte hij als inkoper/verkoper, nachtportier en tolk.

Geïnteresseerd
Het gesprek met hem volgt grotendeels de lijn van het gesprek met Hassan. Eén voor één pakt Nanou dezelfde thema’s bij de kop en geeft zijn eigen, volkomen tegengestelde visie.

"Hassan zegt dus dat Marokkaanse jongens mede ontsporen omdat de onderwijzers hier niet genoeg hun best doen. Ik ken het onderwijs in Noord-Afrika. Toen ik net in Nederland was dacht ik: dit kán toch niet, zo geïnteresseerd als onderwijzers hier zijn?"

Onderwijzersloopbaan
Hij verhaalt een anekdote uit zijn eigen onderwijzersloopbaan. "Ik had een hele goede leerling, Ali. Die kwam ineens niet meer opdagen dus ik vroeg zijn vriendjes: vraag eens bij hem thuis wat er gaande is. Het bleek dat Ali gewoon geen zin had gehad, liever wilde spelen. De volgende ochtend kwam de vader naar school. Hij had Ali bij zich, met handen en voeten als een lammetje aan een stok gebonden, bont en blauw geslagen. ‘Thuis ben ik de vader, op school ben jij de vader’, zei pa tegen mij. En hij gaf me een bijl. ‘De volgende keer hak je zijn hand of voet maar af!’. Ik kreeg volledig carte blanche. Zo is de mentaliteit daar."

Ondenkbaar in Nederland, zegt Nanou. "Hier krijg je al een proces aan je broek als je lelijk naar een leerling kijkt." Hij wil maar zeggen: de macht van leerkrachten is in Nederland beperkt, het is dus niet fair om hen de schuld te geven van ontsporende jongeren.

Opvoeding
"Bovendien: opvoeding begint thuis! Een leraar is docent, geen politieagent. Ouders moeten hun kinderen zelf het voorbeeld geven. En dát is de oorzaak van die Marokkaanse jongeren die op het verkeerde pad belanden: de opvoeding thuis." Hij vertaalt een Frans gezegde: ‘honden baren geen katten’.

"Die Noord-Afrikaanse immigranten waren voor 99 procent analfabeet. Ze wilden werken, geld verdienen en terug. Taal en integreren kwam op de tweede plaats. Dat soort mensen, laagopgeleide analfabeten met weinig geestelijke bagage, die krijgen geen intellectuele kinderen".

Verkeerd streng
Tot een jaar of vier, vijf zijn kinderen nog wel in het gareel te houden met streng opvoeden. "Marokkaanse vaders zijn streng, maar verkeerd streng. Barbaars. Met slaan bereik je niet veel. En vanaf een jaar of vijf snappen die kinderen heel goed dat hun ouders het zelf allemaal niet begrijpen en geen Nederlands spreken. Dus zeggen ze dat ze buiten de deur bij vriendjes hun huiswerk gaan maken omdat dat zogenaamd beter is voor hun Nederlands. Dan zijn ze weg, vrij, en van het een komt het ander."

Kerk
Dan snijdt Nanou, op eigen houtje, een volgend thema aan. "De godsdienst, die is zó belangrijk! Ikzelf ben atheïst, altijd geweest. Maar bij moslims bepaalt Allah alles. Wat je eet, wat je draagt, hoe je je thuis gedraagt. En de Koran is zó ontzettend streng…. Ze zeggen wel dat de islam tolerant is. Dan denk ik: tja…. Hier willen moslims steeds meer moskeeën en dan klagen ze dat het zo moeilijk is om die te mogen bouwen. Moet je eens proberen één kerk te bouwen in Saoedi-Arabië. Dan wordt je gestenigd."

Of, ander voorbeeld: "Probeer als christen in Marokko op straat tijdens de ramadan eens te eten of te roken. Dan kom je niet levend thuis. En Algerije is ook een ontzettend intolerant land geworden."

Beu
Nederland ‘begint nu ook intolerant te worden’, zegt Nanou. "En dat is logisch. Nederlanders zijn het gewoon beu. Ze waren altijd zó tolerant, maar ze zien dat dieven, drugsdealers, criminelen vaak moslims zijn. Liquidatie? Vast weer een Marokkaan. En zodra moslims ergens in de meerderheid zijn ontstaat er een intolerante no go area. Kijk naar de Schilderswijk in Den Haag, of Molenbeek in Brussel."

Het valt Nanou op dat moslims in Europa vaak traditioneler, strenger zijn dan hun geloofsgenoten in de herkomstlanden. "In mijn tijd droeg in Algerije niemand een chador. Maar als ze hier komen gaat ineens de sluier om. Ze vallen terug op de orthodoxe versie van het geloof, ze gaan op zoek naar hun roots."

Maastreechter Staar
Nanou heeft maar weinig contact met moslims in Maastricht. "Toen ik kwam was mijn eerste zorg de taal leren. En er was nog niet op elke hoek van de straat taalles. Je wilt niet weten hoeveel moeite ik heb moeten doen. Zo ben ik in 1967 bij de Maastreechter Staar gegaan, niet omdat ik z’n mooie stem had, maar om beter Nederlands te leren."

Hij wil maar zeggen: de taal leren is allerbelangrijkst en dat lukt niet als je alleen omgaat met landgenoten. "Ik heb de fout niet gemaakt die de meeste migranten maken, namelijk bij elkaar blijven zitten omdát ze de taal van het land niet spreken. Dan stagneert het dus. Al begrijp ik het wel hoor, dat je mensen opzoekt die je snappen, met wie je kunt praten over je geboorteland."

Dubbele paspoorten
Hij windt zich zichtbaar op over het gebrek aan integratie van sommige bevolkingsgroepen. "Neem nou dubbele paspoorten. Waar heb je die voor nodig? Als je toch Nederlander bent met alle rechten. Zelf heb ik alleen een Nederlands paspoort. Mijn Algerijnse kon ik eigenlijk niet inleveren, ze zeiden: je blijft Algerijn tot je dood. Ik heb gezegd: weet je waar je dat Algerijnse paspoort kunt steken?"

Wilders heeft gelijk
Hij houdt zich nog in, zegt hij zelf. "Wilders heeft voor negentig procent gewoon gelijk. Hij zegt wat anderen niet durven te zeggen. Als ik de baas was hier dan gingen de grenzen dicht en vrijwel alle migranten eruit. De Marokkaanse gemeenschap moet de eigen problemen oplossen, in plaats van zeggen dat ze hier niet getolereerd worden. Dank je de koekoek! Maar zoals een Frans spreekwoord luidt: de worm zit al in het fruit. Ofwel: het is misschien al te laat."

Hij wil de mensen die klagen over Nederland nog iets meegeven. "Als je niet tevreden bent en het gevoel hebt dat je hier niet wordt geaccepteerd, waarom blijf je dan? Probeer het gerust in een ander land!"

En hij herhaalt het nog maar eens: "Ik ben in een positie om dit allemaal te zeggen. Want ik ben zelf migrant."

Wilt u uw visie ook kwijt over integratie, allochtonen, acceptatie door Nederland en aanverwante thema’s?

Mail naar sjors.vanbeek@delimburger.nl

Terug naar Wat beweegt Limburg