Dit artikel is exclusief voor abonnees van De Limburger
Dit exclusieve artikel lezen? Doe het gratis >

Limburgs Dictee: wie spe(e)lt het beste met de taal?

Dit artikel krijg je gratis

Afbeelding: De Limburger

Nog even, en dan is het zover. Aanstaande dinsdag: de finale van het Groot Limburgs Dictee 2018, een initiatief van De Limburger en de dialectvereniging Veldeke.

Wie spe(e)lt het beste met de Limburgse taal? Dertig lezers en twintig prominenten strijden om de eer. En om de prijzen.

Op hoeveel deelnemers hoop je als je een Groot Limburgs Dictee op poten zet?

Optimist
De schattingen vooraf liepen uiteen, van uitermate optimistisch tot voorzichtig behoudend. Maar zelfs de grootste optimist bij de organisatoren – De Limburger en dialectvereniging Veldeke – kwam niet eens in de buurt van het uiteindelijke resultaat: 247 inzendingen.

Voor de liefhebbers van statistieken: onder die 247 inzenders waren 170 mannen en 77 vrouwen. De tekst die de deelnemers tijdens de voorronde moesten vertalen, bereikte de jury uiteindelijk in liefst 93 verschillende dialectvarianten.

De top 11 van de plaats die de meeste inzendingen leverde wordt aangevoerd door Mestreech (28 deelnemers), gevolgd door Sittard (14), Echt (12), Venlo (10), Kerkrade (10), Roermond (8), Heerlen (8), Swalmen (7), Heythuysen (5), Beek (5) en Neer (5).

Leeftijd
We hebben de deelnemers niet specifiek naar hun leeftijd gevraagd. Achteraf gezien is dat jammer, omdat we graag hadden geweten of daarin een bevestiging (de zoveelste) te vinden zou zijn van de niet-aflatende belangstelling voor de streektaal, ook onder jongeren. Soit. Gemiste kans. Nu moeten we het doen met de – ook heel mooie – constatering dat de oudste deelnemer, Mia Mertens, geboren en getogen in Hunsel, de gezegende leeftijd van 96 jaar heeft bereikt.

Genoeg gecijferd.

De buiten verwachting hoge deelname bezorgde de jury veel meer werk dan aanvankelijk was voorzien. Maar het was zeker geen onprettig werk. Vooral vanwege de vaak zeer enthousiaste reacties van de deelnemers. „Mien hart ging ope. Wat ’n leuk spelke!”, schreef Truus Plummen uit Ulestraten, een van de allereerste inzendsters. En Wim Gerards uit Brunssum liet weten het ‘een grote eer’ te vinden om aan dit dictee mee te mogen doen. „Ich vuil mich noe al winnaar, auch es ich neit in de prieze val. Eine pries hub ich al: ’t veurrech om plat te kalle en te sjrieve...”

Moodertaal
Mevrouw Klaassen-Denessen uit Oirsbeek – maar oorspronkelijk uit Steyl/Tegelen – vond het dictee ‘leuk um te doon’. Voor haar was het een test om te zien of ze na 72 jaar – ze was acht toen ze vanuit Steyl naar het zuiden verhuisde – haar moodertaal nog niet vergeten was.

Dat bleek dus hard mee te vallen...

Er waren meer inzenders die voor hun deelname aan het dictee de taal van hun kinderjaren opzochten. Zoals Frans Hendrix uit Meerssen, oorspronkelijk afkomstig uit Brunssum. „Ik woon al 43 jaar niet meer in Brunssum, maar ik merk dat ik het dialect zoals mijn pa en ma spraken nog steeds niet kwijt ben. Wel merk ik dat ik dan invloeden van andere Limburgse dialecten bewust moet uitbannen. Dit probleem heeft mijn zus, die al zo’n 40 jaar in Amerika woont, helemaal niet. Zij spreekt nog steeds onvervalst Broenssems, net als onze ouders destijds.”

Authentiek
Zijn alle inzendingen in een puur en authentiek plaatselijk dialect geschreven? Dat zeker niet. Er blijkt toch sprake te zijn van het ‘afvlakken’ – anderen zouden zeggen: verwateren – van heel plaatselijke dialecten ten koste van een wat algemener ‘regiolect’, een min of meer algemene streektaal die in een groter gebied gesproken en begrepen wordt.

Hoe dat werkt? De toelichting van Betty Scheffer-Knoben uit Oirsbeek bij haar inzending vertelt in het kort het hele verhaal. „U vraagt mij aan te geven in welk dialect ik de tekst vertaald heb, maar dat is erg moeilijk. Mijn dialect bestaat namelijk uit een mengsel van diverse dialecten, te weten: het Elsloos van mijn vader, het Geleens-Itters-Borgharens van mijn moeder, de invloed van het Heerlens (ik heb mijn hele jeugd in Heerlen doorgebracht), het Nieuwenhaagse dialect van mijn echtgenoot en de taal van Oirsbeek, waar ik sinds mijn 23ste woon. Dus u ziet, ik kan niet echt één zuiver dialect aangeven. Maar ik spreek wel echt Limburgs plat, en ik ben er trots op!” En is dat laatste eigenlijk niet waar het allemaal om gaat?

De regels
Eigenlijk wel… Maar aanstaande dinsdag even niet. Dan gaat het om ’t echie… (om bij wijze van contrast even een totaal niet Limburgse uitdrukking te gebruiken). Bij de finale van het Groot Limburgs Dictee tellen de regels voor één keer zwaarder dan alle goede bedoelingen. De regels van de Veldeke Spelling 2003. Regels waarover – net als over de Nederlandse spellingregels – bij tijd en wijle heftig gediscussieerd wordt. Maar we doen het ermee.

Zowel de dertig lezers die de voorronde doorstaan hebben, als de twintig prominenten die voor de finale zijn uitgenodigd, onder wie Limburgs buuttekampioen Bjorn Smits, LVK-winnaars Spik & Span, kunstenares Désirée Tonnaer, muzikant Ivo Rosbeek en burgemeester Christine van Basten van Beek (niet toevallig ook voorzitter van Veldeke).

Tijdens de voorronden hoefden de deelnemers de tekstopdracht ‘alleen maar’ in hun eigen thuistaal te vertalen. Om het wat spannender te maken, krijgen de finalisten de tekst van het dictee echter voorgeschoteld in zeven alinea’s, waarbij elke alinea in een ander dialect is geschreven.

Moeilijk? Zeker. Niet te doen? Mwahhh...

De finale van het Groot Limburgs Dictee vindt plaats op dinsdagavond 12 juni in het hoofdkantoor van De Limburger in Sittard. Van het verloop van de ‘taalstrijd’ worden ook video-opnamen gemaakt, die na afloop (vanaf ongeveer 22.30 uur) op deze site te zien zijn. Een interview met de winnaar verschijnt op donderdag 14 juni.