Negen geboden voor veilig zwemplezier

Print
Negen geboden voor veilig zwemplezier

Afbeelding: Ramon Mangold

De zomervakantie is nog maar net begonnen en er zijn dit weekend zeker drie verdrinkingsdoden te betreuren. Mariska Hol, expert in zwemveiligheid, maakt zich zorgen. Haar negen geboden voor veilig zwemplezier.

Mariska Hol (nu kwaliteitsmanager Nationale Raad Zwemveiligheid, vroeger zwemonderwijzer en toezichthouder) wil, vóór ze van wal steekt, wel even gezegd hebben dat Nederlanders een zeer watertrappelvaardig volkje zijn. Zo'n 90 procent van de kids bezit een zwemdiploma: 'hartstikke veel'.

Maar in onze kracht schuilt ook onze zwakte. "Omdat we zo goed kunnen zwemmen, onderschatten we de situatie nogal eens. Mensen gaan zó, ongetraind, de koude zee in.'' En die overmoed slaat over op anderen. "Buitenlanders die hier nog maar kort zijn, zien Nederlanders overal te water gaan en denken: dat doe ik ook wel even. Daar komen elk jaar helaas ongelukken van.''

Mariska, die als badmeester minstens 150 kinderen én volwassenen uit het zwembad viste, zou willen dat we éven nadenken voor we het water induiken.

1) Doe niks in je uppie
Zelfs watervlugge volwassenen komen wel eens in de problemen als ze door kramp of andere pijntjes overrompeld worden. Mariska: "Ga je een eind het open water in, ga dan altijd samen.''

2) Verlies je kind geen seconde uit het oog
Wanneer de meeste ongelukken met kids gebeuren? Als pa en ma zich nog even omkleden en hun kroost alvast vooruit sturen. Mariska: "Voor ouders van kinderen zonder diploma geldt: laat ze geen seconde alleen. Het ene moment staat een kind op de kant, het andere moment ligt het in het water.''

3) Wantrouw de plastic eenhoorn (of flamingo)
Cool, al die geinige drijvende dieren, maar veilig? No sir. Mariska: "Een kind dat in zo'n band vastzit kan voorover kukelen en zichzelf niet meer loskrijgen: heel gevaarlijk.''

4) Gij zult niet zuipen én zwemmen
We vinden het heel normaal: met een propvolle koelbox vol bier richting kust, maar Mariska zegt: liever niet. "Wie met deze warmte met een beetje drank het koude water inspringt, kan last krijgen van 'hydrocutie' en snel bewusteloos raken.''

5) Toon respect voor de badmeester
Er wordt wat afgemopperd op die badmeesters die te pas en onpas hun fluitje hanteren. Zó onterecht, vindt Mariska. "In sommige baden met veel attracties schuilt echt gevaar en toezichthouders weten dat nu eenmaal beter dan de bezoekers.''

6) Dumpen is niet oké
Dat je kind al een diploma (of drie) heeft, betekent nog niet dat je hem/haar 's ochtends bij het zwembad kan achterlaten en pas 's avonds weer ophalen. "Kinderen doen gekke dingen en hebben, zeker tot hun twaalfde, ouderlijk toezicht nodig.''

7) Hang niet de held uit
Het is een hard advies, maar het móét worden gezegd: soms moet je een ander niet willen redden. Mariska: "Heel nobel als je voor een ander het water in springt, maar doe dat alleen als je echt weet hoe 'zwemmend redden' werkt. Anders breng je jezelf in gevaar. De drenkeling zal jou in paniek als ladder gebruiken en onder water duwen.'' Beter: HEEL HARD om hulp roepen.

8) Check die diploma's
Neem je de vriendjes van je kind een dagje mee uit zwemmen, check hun diploma's. "En check dat bij hun ouders, want kinderen hebben de neiging te zeggen dat ze alles kunnen.''

9) Niet minder, maar méér zwemmen
Het laatste wat Mariska wil is mensen afremmen. "Ik wil mensen aanmoedigen meer te zwemmen; ook in herfst en winter. Zo blijf je eraan gewend.''