Raad Maastricht gaat niet over inrichten LVO

Print
Raad Maastricht gaat niet over inrichten LVO

Het Sint Maartenscollege in Maastricht. Afbeelding: De Limburger

De gemeenteraad van Maastricht heeft geen zeggenschap over de vraag hoe het voortgezet onderwijs in de gemeente precies wordt ingericht.

Het is aan het schoolbestuur LVO om beslissingen rond reorganisatie en leslocaties te nemen.

Inspraak
Tot dat oordeel komt de Nederlandse Arbitrage Commissie in een bindend advies. Scholenkoepel LVO (Stichting Limburgs Voortgezet Onderwijs) wilde in 2015 de instroom voor twee havo’s op de oostelijke Maasoever (Porta Mosana en Sint Maartenscollege) terugbrengen tot één. De gemeenteraad vond dat ze daar inspraak op had, LVO vond van niet. Uiteindelijk gingen de plannen niet door, maar besloten werd de zaak wel nog voor te leggen aan een scheidsrechter. 

Opheffing
De kwestie draait om één artikel in de statuten van LVO: ‘Besluiten tot verplaatsing, samenvoeging, omzetting, splitsing, wijziging van het openbaar karakter en opheffing van de school en besluiten tot opheffing van afdelingen daaraan’ moeten aan de gemeenteraad worden voorgelegd. De vraag was of het koppelen van de havo-instroom viel aan te merken als opheffing van een deel van de school. Nee, stelde LVO tijdens de procedure: de Porta-Mosana-havo zou niet worden opgeheven, alleen de leslocatie zou veranderen.

Onduidelijkheid
Nee, oordeelt nu ook het Nederlands Arbitrage Instituut: de gemeente gaat niet over een besluit als dit. De raad heeft er alleen wat over te zeggen als er een nieuwe nevenvestiging van een school wordt opgericht. De kosten van de het advies à 14.360,01 euro worden gedeeld door gemeente en LVO.

Wethouder Jongen meldt in een brief aan de raad ‘blij te zijn dat een einde is gekomen aan de onduidelijkheid over de interpretatie van het artikel’.

Het veelgeplaagde VMBO Maastricht, uitgebreid in het nieuws vanwege de perikelen rond de eindexamens, valt ook onder scholenkoepel LVO.