Breng je stem uit: wat is het meest inspirerende monument van Limburg?

Print
Breng je stem uit: wat is het meest inspirerende monument van Limburg?

Afbeelding: iStock

Fabriekspanden, godshuizen, kastelen, herenhuizen, een molen en een stoomtrein. Wat is het meest inspirerende monument van Limburg dat donderdag 1 november door gouverneur Theo Bovens beloond wordt met de Inspiratieprijs van het Prins Bernhard Cultuurfonds Limburg? Dat bepaal jij als lezer van De Limburger.

Genomineerden
De twaalf genomineerden zijn:

Sphinxcomplex MaastrichtContragewicht van de stad
Waar vroeger de sloophamer werd gehanteerd bij oude leegstaande gebouwen, is het Sphinxkwartier in Maastricht een voorbeeld van hoe deze gebouwen bij herbestemming een meerwaarde voor de stad kunnen opleveren. "We noemen het hier op de gemeente wel eens het contragewicht van de stad”, zegt communicatieadviseur Erwin Gerardu. "Waar Maastricht vooral bekendstaat om zijn vele monumentale panden uit de Middeleeuwen is dit net wat anders. Wat nieuwer, wat spannender en hét bewijs dat industriële gebouwen een langere levensduur kunnen hebben dan de oprichters ooit hadden kunnen bevroeden.

Daar waar ooit sanitair werd gemaakt kunnen mensen nu wonen en verblijven en genieten van popmuziek en film.” Waar Gerardu ook trots op is, is dat bij de verbouwing het verleden niet is weggeduwd. "Je hebt als ode aan het verleden de subtiele verwijzingen in de gebouwen, zoals de vele sfinxvarianten in The Student Hotel maar bijvoorbeeld ook het tegeltableau in de Sphinxpassage dat de geschiedenis van deze plek op kunstzinnige wijze vertelt en waar iedereen vrij  kan doorlopen. En we zijn er nog niet. Zo neemt woon- en lifestylewarenhuis Loods 5 de komende jaren nog zijn intrek in het oudste gebouwen van de fabriek uit 1870 en verhuist koffiebranderij Blanche Dael nog naar het voormalige briketgebouw. Zoals al gezegd; dit deel van de stad is net wat ruwer en rauwer en maakt  Maastricht straks compleet.”Breng voor 1 oktober jouw stem uit op een van de twaalf kandidaten. Let wel: je dient jouw stem inhoudelijk te motiveren. Zo wil de jury voorkomen dat degene die de grootste achterban heeft automatisch de winnaar wordt.


Foto: Erwin Gerardu bij het Eiffelgebouw van het Sphinxcomplex
Meer info: www.belvedere-maastricht.nl

Puddingfabriek Venlo - starterswoningen met vele historische elementen
De oude Puddingfabriek in Venlo dient volgens eigenaar Han Pasch en erfgoedambtenaar Roy Denessen van de gemeente Venlo als voorbeeld voor andere oude panden in de binnenstad die staan te wachten om opgeknapt te worden. "Heel lang leefde het idee dat de Venlose binnenstad nauwelijks nog oude, monumentale panden bezat omdat de stad in de Tweede Wereldoorlog gebombardeerd is. Onderzoek heeft echter uitgewezen dat er nog  zo’n zeventig middeleeuwse panden terug te vinden zijn.” Een van die voorbeelden is het pand van de oude Puddingfabriek dat stamt uit 1520 en door Pasch met medewerking van de gemeente en provincie in oude luister hersteld is.

"Vaak staan die panden, verscholen achter gevels en winkelpanden, te verkrotten omdat ze niet bewoond zijn. Datzelfde gold voor de puddingfabriek wat nu een prachtig middeleeuws complex geworden is dat onderdak biedt aan zeven starterswoningen en een commerciële ruimte op de begane grond waar nu een kunstenaar zijn intrek in heeft genomen.” Voor die starterswoningen was de vraag vele malen groter dan het aanbod. "We hadden er maar zeven te vergeven terwijl er dertig belangstellenden voor waren.” Denessen prijst ook de vele historische elementen die bewaard zijn gebleven. De trechters waar de pakjes pudding mee gevuld werden, oude zestiende-eeuwse balken in het plafond en zeldzame wandschilderingen op de bovenverdieping. "Hierdoor maak je in feite een reis door de tijd van alle bestemmingen die dit gebouw heeft gehad: onder meer als handelshuis, bank van lening en de laatste 75 jaar in de twintigste eeuw  als puddingfabriek. Hopelijk inspireert het eigenaren van andere oude panden nu ook om hun monument aan te pakken.”

Foto: Foto: Eigenaar Han Pasch in de voormalige puddingfabriek
Meer info: www.facebook.com/puddingfabriekvenlo


Miljoenenlijn ZLSM Simpelveld -  een scène uit het begin van de twintigste eeuw
"Als je een dag meerijdt of rondloopt op een station van de Miljoenenlijn waan je je terug in de tijd. Alsof ze een scène uit het begin van de twintigste eeuw zo in de 21ste eeuw hebben geplaatst. Want niet alleen de stoomlocomotieven zijn zo als vroeger, ook de stations, de koffers en fietsen op de perrons en de armseinen langs het tracé.” Roxanne Lenzen uit Klimmen woont tegenwoordig in Eindhoven maar is elke zaterdag te vinden in de werkplaats van de Zuid-Limburgse Stoomtrein Maatschappij in Simpelveld, waar ze de opleiding stoker wil gaan volgen. Opvallend voor een 34-jarige vrouw want op een collegaatje na zijn er geen andere vrouwelijke vrijwilligers in de werkplaats van de ZLSM te vinden. Zelf is Lenzen nu een jaar actief, haar vriend Dennis al veertien jaar. En was de aspirant-stoker  in het begin bevreesd dat ze geen vrije zaterdag meer over had, nu vindt ze het jammer als ze een zaterdag niét naar Simpelveld kan. Waar ze ook van geniet zijn de bezoekers die met open mond van verbazing door het vijfsterrenlandschap reizen.

"Wij als Zuid-Limburgers zijn natuurlijk super verwend dat we hier wonen, maar mensen van boven de rivieren kijken hier hun ogen uit.” Bestaat haar werk nu nog vooral uit het schoonkrabben, primeren en schilderen van onderdelen, en het helpen opstoken van locomotieven, ze verheugt zich nu al op volgend seizoen als ze mee de baan op mag. "We zijn nu bezig met een Duitse loc op te knappen, de 52 532. Als je ziet wat voor een precisiewerk dat is. Stukje voor stukje wordt hij uit elkaar gehaald en weer in elkaar gezet waardoor je het langzaam  weer een loc ziet worden. Het lijkt me zo gaaf als die straks op de Miljoenenlijn rijdt en ik daar deel van heb uitgemaakt.”

Foto: Roxanne Lenzen voor een stoomlocomotief van de ZLSM 
Meer info: www.zlsm.nl


Kasteel Montfort - de kracht van eigenwijsheid
"Landelijk gold lange tijd de opvatting dat een ruïne een dood gebouw is waar je verantwoord stervensbegeleiding bij moet toepassen”, zegt stichtingsvoorzitter Fedor Coenen van Kasteel Montfort  "Maar Montfortenaren zijn eigenwijs. Waarom zou je een gebouw dat na verwoestingen in de vijftiende en achttiende-eeuw wel herbouwd is in de 21ste eeuw niet opnieuw laten verrijzen?” Volgens Coenen begon zijn stichting in 2002 met welgeteld 18 euro in de kast. "We hebben eerst  in kaart laten brengen hoe de ruïne erbij lag. Consolideren van de bakstenen toren zou een ton kosten met het risico dat je twintig of dertig jaar later weer van voor af aan moest beginnen. Tenzij je er een dak op zette en ramen en deuren in zou plaatsen. Bijkomend voordeel was dat we dan ook een ontvangstruimte voor bezoekers zouden hebben. Dus hebben we die toren nieuw leven ingeblazen, hetgeen al met al bijna acht ton kostte.”

Toen vervolgens het Limburgs Landschap elf hectare land aankocht om de oude tuin te reconstrueren begon het weer te kriebelen. "We wisten dat er achter de muren resten van een middeleeuwse kelder moesten zitten maar waar? Dus hebben we de stoute schoenen aangetrokken en zijn we zonder toestemming beginnen te graven. Dat heeft ons een boze brief van de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed opgeleverd, al kregen we later het compliment dat ze zelden zo’n mooi en goed gedocumenteerd rapport van een vrijwilligersstichting hadden ontvangen. We vonden kolommen en aanzetten van gewelven en kwamen tot de conclusie dat die te restaureren waren. In 2014 was het bouwkundig- en archeologisch onderzoek afgerond, in 2015 zijn we begonnen met restaureren en in 2017 was het project klaar en dus beschikken we nu over een middeleeuwse kelder van 600m2 . De kosten werden gedrukt doordat we de 50.000 mergelstenen die we nodig hadden uit een oud slooppand in Lanaken gehaald hebben. Waardoor we met 2000 euro klaar waren. Tachtigduizend bakstenen die normaal 1,50 euro per stuk kosten, vonden we in Oost-Europa voor tachtig cent per stuk. En de vloerisolatie en de leidingen trekken hebben we zelf gedaan.” Daarmee is de klus afgerond. "Niet alles wat vervallen is, hoeft hersteld te worden. Ik vind het ook wel mooi als een 750-jarig gebouw een litteken uit de tijd draagt. De kelder biedt vele mogelijkheden voor bruiloften, lezingen, wijnproeverijen en diners en is inmiddels al gebruikt voor de sleuteloverdracht met carnaval, een koffietafel bij een uitvaart en als overnachtingsplekje voor de kinderen van het Kindervakantiewerk. Daardoor voelen ook steeds meer inwoners  zich betrokken bij de ruïne en worden donateur. Wat eens niet meer was dan een schapenwei met een hoop stenen is nu een plek geworden die het waard is om te bezoeken.”

Foto: Fedor Coenen bij Kasteel Montfort
Meer info: www.kasteelmontfort.eu


Catharinakapel Oud-LemiersCultuurshock bij binnenkomst
Het is het contrast van een eeuwenoud kerkje en de moderne beschilderingen van Hans Truijen (1928-2005) die de Sint Catharinakapel in Oud-Lemiers zo bijzonder maken, zegt Peter Bodelier (89) . "De bezoekers krijgen bij binnenkomst een cultuurshock. Daar waarschuw ik ze ook altijd voor. Voor velen horen de in Cobra-stijl gemaakte wand- en plafondschilderingen niet in het oudste zaalkerkje van het land  thuis, maar ik vind het oude en het moderne hier juist heel goed samengaan.”

Het kerkje stamt met zekerheid uit de elfde of begin van de twaalfde eeuw, maar de ligging langs de vroegere Romeinse weg van Keulen naar Maastricht en de fundamentsresten uit de Karolingische tijd doen vermoeden dat deze kapel al uit de achtste eeuw na Christus stamt en mogelijk dienst heeft gedaan als jachtkapel voor Karel de Grote. Bodelier: "Echte bewijzen daarvoor - op papier - ontbreken. Maar of het nu om een kerkje uit de achtste of twaalfde eeuw gaat, als je ons gastenboek bekijkt zie je dat bezoekers, of ze nu uit Limburg, Brabant, België of Duitsland komen, stuk voor stuk onder de indruk zijn van de wijze waarop Truijen in 1978 het scheppingsverhaal heeft verbeeld.” Ook prijst hij  de vaklieden van de Stichting Restauratie Atelier Limburg die de schilderingen hebben opgeknapt waardoor ze nog steeds in goede staat verkeren. "Een klus die eigenlijk om de een of twee jaar moet worden bijgehouden omdat we ondanks maatregelen nog steeds met een vochtprobleem kampen.”


Foto: Peter Bodelier bij de schilderingen van Hans Truijen in de Catharinakapel
Meer info: www.catharinakapel-lemiers.nl

Kasteel Borgharen - Doornroosjekasteel bij aankoop
"Als je kijkt naar de omvang van deze restauratie en dat die feitelijk  volledig door vrijwilligers met hele beperkte middelen wordt uitgevoerd, dan weet je eigenlijk al waarom Kasteel Borgharen het meest inspirerende monument van Limburg is”, zegt eigenaar Ronny Bessems. "Nog los van het feit dat het met zeventig tot honderd kamers een van de mooiste en grootste kastelen van het land is. Het staat in de top-6 van Maastrichtse rijksmonumenten en in de top-200 van de 16.000 Nederlandse rijksmonumenten. Met name door het interieur van Mathias Soiron (1748-1834) dat, ondanks dat er 35 appartementen in het kasteel zijn ondergebracht, grotendeels  bewaard is gebleven.

Dit is niet alleen een restauratieproject maar ook een sociaal project. Als je bekijkt dat we eigenlijk met niks zijn begonnen. Ik heb het kasteel voor één euro kunnen kopen en vervolgens een vrijwilligersoproepje op Facebook geplaatst waarop 25 vrijwilligers reageerden. De eerste  was mijn oom van tachtig, die inmiddels vijfentachtig is. Dit kasteel, waarvan de bewaarde donjon uit de elfde eeuw stamt, was eigenlijk een Doornroosjekasteel toen we begonnen. We hebben ons echt een weg moeten kappen door een muur van groen.” Als Bessems moet schatten, zitten er na vier jaar  al zo’n  vijftienduizend vrijwilligersuren in dit project.  "Wanneer het af moet zijn? Het liefst voor mijn dood.” Hij lacht: " Als dat morgen is gaat het niet lukken, maar als ik nog vijfentwintig jaar te gaan heb wel. We zijn nu net begonnen met de restauratie van de gracht en de grachtmuren. Als we er nog eens zestien jaar bij tellen moeten we toch een heel stuk opgeschoten zijn.”


Foto: Ronny en Amal Bessems voor de poort van het kasteel
Meer info: www.behoudkasteelborgharen.com

Kloosterruïne Hoogcruts - Gebouw dat zich voegt naar de tijdsgeest
Kapel, klooster, landhuis, schuur en inrichting voor mensen met een geestelijke beperking. De kloosterruïne van Hoogcruts heeft vele gedaantes en gedaanteverwisselingen gekend en dat  is volgens kunstenaar Jonathan Wanders het meest kenmerkend aan dit gebouw uit de vijftiende eeuw dat van bovenaf gezien centraal in de Euregio ligt. Precies op het snijpunt van wegen van Maastricht naar Aken en Heerlen naar Keulen.

"Het heeft zich altijd aangepast aan de tijdsgeest. Het is na de brand van 1976 heel lang ruïne geweest. Inmiddels is het geconsolideerd en nu werken we er onder de noemer HX Hoogcruts aan om deze plek weer tot leven te laten komen. We willen er geen museum van maken waar vooral het verleden wordt gekopieerd en gekoesterd maar een gebouw dat zich voegt naar de inhoud. Of er nu een tentoonstelling, een theatervoorstelling, een dansuitvoering of een documentaire wordt vertoond. De oudere generatie herinnert zich vooral de brand van 1976, maar heeft er bijvoorbeeld geen weet van dat dit gebouw ook al eeuwen eerder door de Spanjaarden en de troepen van Willem van Oranje in brand is gestoken maar telkens als een feniks uit de as herrezen is. Daarbij willen we de mensen meenemen in de nieuwe transformatie. Hoogcruts is ook nog lang niet af. Sinds vier, vijf weken zijn we officieel open, maar er ligt nog een zeil over de vloer, de horeca bestaat nog uit een koelkast en er staat nog een bouwkeet op het terrein. Maar er is wel al een expositie van Stefan Cools te zien over de evolutie van rups naar vlinder. Een prachtige metafoor voor deze plek."


Foto: Jonathan Wanders voor de al deels gerestaureerde kloosterruïne.
Meer info: www.hxhoogcruts.eu


Fatima Huis en Franciscus HuisSchaatsen in godshuis
De familie Hendrix uit Ospel kon de leegstand en dreigende teloorgang van de Franciscus- en Fatimakerk niet langer aanzien en besloot ze in 2014 aan te kopen.   Rian Schonkeren-Hendrix: "Voor beide gebouwen gold dat het om zo’n prachtig erfgoed ging met zulke mooie kunstobjecten erin dat wij als familie besloten de handdoek op te pakken, beide gebouwen op te knappen en ze terug te geven aan de wijk door ze open te stellen voor culturele, educatieve en maatschappelijke activiteiten.”  Zo diende de Franciscuskerk drie jaar lang als het decor van de ijsbaan in Weert die met hulp van 120 vrijwilligers tijdens de eerste editie in december 2014 al meteen 20.000 bezoekers trok.

Schutterij, koor, harmonie en carnavalsvereniging hebben de afgelopen jaren ook al de weg naar de nieuwe ontmoetingsplek gevonden.  "In het Fatima Huis maken de kerkbanken onderdeel uit van het ontwerp van architect Pierre Weegels , dus die kun je er niet uithalen, terwijl je ze bij het Franciscushuis wel kunt verplaatsen waardoor je een grote vrije ruimte kunt creëren. Toch hebben we daar ook al diverse bijzondere muziekuitvoeringen gehad.” Misschien wel het mooiste compliment dat haar familie kreeg voor het opknappen van beide momenten was het dankwoordje van een kind in het gastenboek van de ijsbaan. ‘Dank je wel god dat ik hier mocht schaatsen.’ "Maar ook wijkbewoners die niet zo veel op hadden met het geloof en nog nooit in de kerk bij hen om de hoek waren geweest stonden versteld van het prachtige bewaard gebleven  glas-in-lood van Charles Eyck en Daan Wildschut en het imposante kerkorgel.”  Schonkeren looft vooral bij het Fatima Huis het samen optrekken met provincie en gemeente. "Dat heeft zijn vruchten afgeworpen. Je ziet dat beide gebouwen weer samenhang creëren onder bewoners in de wijk.  En het inspireert ook mensen. Zo wordt het Franciscus Huis ook het nieuwe Huis van Nicolaas. Prachtig toch?”


Foto: Rian Schonkeren-Hendrix voor het glas-in-loodraam van Daan Wildschut in het Franciscus Huis


Foto: Rian Schonkeren-Hendrix in het Fatima Huis tussen de kerkbanken van Pierre Weegels
Meer info: www.fatimahuis.nl en www.franciscushuisweert.nl

Clemensdomein Merkelbeek - Plek waar heel wat afgehuild en –gelachen is
"Deze plek was al een ontmoetingsplaats ten tijde van de Romeinen. Hier lag letterlijk een kruispunt van wegen waar informatie en goederen werden uitgewisseld. Vlakbij de Merkelbeker beek. En feitelijk is dat nog zo", zegt Peter Kleuers van het Clemensdomein in oud-Merkelbeek. Een inspirerende plek in drievoud als we hem mogen geloven. Daarmee doelt hij op het voormalige parochiekerkje uit 1234, de Lourdesgrot en het bezoekerspaviljoen.

"Hier is heel wat afgehuild en – gelachen." Tegenwoordig wordt het kerkje, waar de Benedictijnse geschiedenis letterlijk van de muren af valt te lezen, gebruikt voor concerten, lezingen en burgerlijke huwelijken. Het grote paviljoen doet dienst als vergaderruimte en als vertrekpunt voor wandelingen van de heemkundevereniging en ZijActief. "En de Lourdesgrot die in 1882, 24 jaar na de Mariaverschijningen in Frankrijk, werd opgericht,  heeft heel wat bedevaartgangers naar deze plek gelokt en steun en troost geboden bij ziekte en overlijden."

Kleuters is er dan ook maar wat trots op dat omroep KRO/RKK het Clemensdomein in november 2014 uitriep tot meest spirituele plek van Nederland. "Vorig jaar zijn we ook beginnen met jongeren te boeien en te binden aan deze plek. In samenwerking met het Centrum voor Natuur en Milieu Educatie. Zo hebben we onder meer een meteostation opgericht en vogeltellingen gehouden. Want als je de kinderen niet erbij betrekt, dan is deze plek uiteindelijk ten dode opgeschreven. Deze plek moet in je hart gaan zitten. Want wat het hart raakt, inspireert en zorgt ervoor dat je naar deze plek terugkomt. Net zoals de Romeinen 2.000 jaar geleden."


Foto: Peter Kleuters en Ward Vlasveld van het Clemensdomein.
Meer info: www.clemensdomein.nl


Huize Loreto Simpelveld  - Ongeëvenaarde borduurkunst
Toen de laatste zusters van het Arme Kind Jezus Simpelveld in 2012 verlieten en Huize Loreto na 125 jaar kwam leeg te staan, besloot de congregatie zelf het gebouwencomplex een nieuwe bestemming te geven. Al gauw werd besloten bezoekers een kijkje in het kloosterleven te geven en tevens de door de zusters gemaakte kunstschatten tentoon te stellen in een museum. "De zusters hebben zich altijd gericht op de opvang en zorg voor kinderen", zegt kwartiermaker Thomas Vriens van de Schat van Simpelveld.

"Zorg die ze met eigen gemaakte kunst bekostigden. Beelden en schilderijen, al is het met name de borduurkunst uit de periode tussen 1850 en 1950 die van een ongeëvenaarde kwaliteit is en eruit springt." Van kelkdoekjes tot koormantels en kazuifels; tienduizenden stuks in totaal. "Er zat zelfs een tafelkleed tussen dat de Duitse keizer Wilhelm en zijn vrouw Augusta ooit cadeau hebben gekregen. Wat we gedaan hebben is geprobeerd om zo veel mogelijk van die kunstschatten terug naar Simpelveld te halen. Doordat deze zusters in die tijd een interne kunstopleiding volgden bezitten deze werken een gevoel voor esthetiek dat je niet in veel kloosters tegenkomt. Daarbij zorgt het natuurlijk voor een enorm toegevoegde waarde als je die kunstwerken ook nog eens kunt bekijken in het gebouw waar ze ooit gemaakt zijn." Omdat een museum geen geldfabriek is, zetelt op de helft van de eerste etage en de gehele tweede etage een zorginstelling. Vriens: "Daarmee is de cirkel rond."


Foto: Kwartiermaker Thomas Vriens van de Schat van Simpelveld.
Meer info: www.deschatvansimpelveld.nl


Hompesche Molen Stevensweert  - Droge keel van de rondleidingen
Een molen waar je niet omheen kunt. Zo omschrijft molenaar Geert Wiermans de Hompesche Molen in Stevensweert. Met 37 meter de hoogste molen van Nederlands-Limburg en heel België. In 1722 gebouwd door graaf Reinaert Vincent de Hompesch als verplicht te gebruiken banmolen om je graan te laten malen. Wiermans wordt haast lyrisch als hij het over de molen heeft.

"Dat uitzicht, dat robuuste, het feit dat dit bouwwerk letterlijk stormen heeft doorstaan en de Tweede Wereldoorlog - weliswaar geschonden - heeft overleefd. Dat maakt deze molen zo fascinerend. En uiteraard de vele anekdotes. Zo is deze molen in bijna drie eeuwen tijd niet één keer door de bliksem getroffen omdat volgens de overlevering bij onweer de molenaarsknecht met een gewijd belletje de zes verdiepingen op werd gestuurd om de bliksem buiten de deur te houden." 

Zelf is Wiermans nu vijf jaar lid van het molenaarsteam dat de molen elke tweede en elke laatste zaterdag van de maand openstelt voor publiek. Wat hij nog steeds een godsgeschenk noemt. "Als je naar boven gaat en die luiken opendoet, het gevoel van vrijheid dat je dan ervaart, fantastisch. Bij goed weer kijk je tot de kerk van Maaseik en de windturbines in Duitsland." Dat de Hompesche molen ook bij vreemdelingen beklijft, bewijst het logboek dat zelfs lovende teksten in het Chinees, Pakistaans en Spaans herbergt. "Er zitten zaterdagen tussen dat je met een droge keel naar huis gaat omdat je de ene na de andere rondleiding hebt gegeven. Ook omdat een fietsroute letterlijk langs de molen voert. En misschien is nog wel het allermooiste dat een van de twee molenaars in opleiding pas zestien jaar oud is. Een jongen die blaakt van energie. Dat houdt de boel levendig."


Foto: Geert Wiermans voor de molen in Stevensweert.
Meer info: www.hompeschemolen.nl


Cuypershuis in Roermond - Huis van de troon-ontwerper
"Dit huis is zo inspirerend omdat Pierre Cuypers zo inspirerend is.” Conservator  Jeannine Hövelings van het Cuypershuis houdt een vurig pleidooi voor deze Remunjse jóng en zijn vroegere woon- en werkplek. "Omdat er in zijn jonge jaren nog geen fotografie was, denkt iedereen dat Pierre Cuypers een oude man met grijs haar in een grijze jas was met een grote gaapfactor omdat hij alleen maar kerkgebouwen ontwierp. " Als ze er dan achter komen dat hij ook het Centraal Station in Amsterdam en het Rijksmuseum heeft getekend, groeit de bewondering al een beetje. Maar als je vervolgens zegt dat ook de troon waar Willem-Alexander elk jaar de troonrede op voorleest ook van zijn hand is, valt de mond pas echt open van verbazing.

Zeker als ze beseffen dat dit een gewone Roermondse jongen is, die in Antwerpen is gaan studeren en daarna geheel op eigen kracht zijn plekje in de bouwwereld heeft weten te  veroveren. Iemand die zijn tijd ver vooruit was en de juiste mensen wist te bereiken. Een innovatief persoon die nieuwe opkomende technieken zoals fotografie omarmde. Inzag dat een foto maken vier dagen schetsen scheelde.” Volgens Hövelings kun je twisten over of hij een wel of niet een goeie architect was. "Maar hij heeft in de negentiende eeuw wel een groot deel van de horizon van Nederland bepaald.  Ik vind hem echt ongelofelijk.” Vandaar dat ze ook zo blij is dat de Roermondse architect  na de heropening van het Rijksmuseum in 2013 weer in zwang is geraakt. Een gegeven waar de stad Roermond twee jaar eerder al op vooruitliep door het vroegere Stedelijk Museum - dat in feite een allegaartje was – her in te richten en om te dopen tot het Cuypershuis waar in exposities met name innovatieve ontwerpers en ontwerpen centraal komen te staan. Net als de naamgever van het huis.” 


Foto: Conservator Jeannine Hövelings bij het Cuypershuis in Roermond
Meer info: www.cuypershuisroermond.nl


Lees ook: Wat is het meest inspirerende monument van Limburg?

Breng je stem uit: