Terreurverdachte Aïsha in hoger beroep vrijgesproken van plannen aanslag

Print
Terreurverdachte Aïsha in hoger beroep vrijgesproken van plannen aanslag

Een vlag van IS in Syrië. Afbeelding: AFP

Wanssum / Noord-Limburg - Het gerechtshof in Den Bosch heeft terreurverdachte Aïsha (19) uit Wanssum maandagochtend in hoger beroep vrijgesproken voor het plan een bomaanslag te plegen op een overheidsgebouw in Nederland. De vrouw is wel veroordeeld tot een gevangenisstraf van 270 dagen, waarvan 228 dagen voorwaardelijk, met een proeftijd van 3 jaar voor het treffen van voorbereiding voor deelname aan de terroristische organisatie Islamitische Staat in Syrië.

Het hof legt de vrouw een zwaardere straf op dan de rechtbank Limburg maar een lagere straf dan het OM twee weken geleden eiste (30 maanden celstraf, waarvan 24 maanden voorwaardelijk). Hoewel de vrouw minderjarig was toen zij het strafbare feit beging, vindt het hof Aïsha’s voorbereiding om zich aan te sluiten bij de gewelddadige jihad zo ernstig dat zij niet volgens het jeugdstrafrecht, maar volgens het normale strafrecht wordt berecht.

Lees ook: 'Limburgse bekeerlinge Aïsha wilde sterven bij aanslag'

Aïsha wordt zowel door het hof als door de rechtbank vrijgesproken van strafbare samenspanning. Dit houdt, kort gezegd, in dat iemand met een of meerdere personen overeenkomt om een concreet misdrijf te plegen. De vrouw heeft een chatgesprek gevoerd waarin over een bomaanslag wordt gesproken. Het hof vindt deze conversatie, weliswaar buitengewoon zorgwekkend en schokkend maar onvoldoende om van samenspanning in de zin van het Wetboek van Strafrecht te spreken. De plannen – die ze met haar Zuidafrikaanse echtgenoot in een chat besprak – verkeerden nog in een te premature fase.

De rechtbank in Roermond oordeelde vorig jaar eveneens dat de plannen voor een martelaarsoperatie niet concreet, definitief en gemeend genoeg waren. Volgens het OM was de vrouw wel degelijk van plan een terroristische aanslag te plegen op een overheidsgebouw in Nederland.

Celstraf en taakstraf
De jonge vrouw heeft in 2016 voorbereidingen getroffen om via Istanbul naar Syrië uit te reizen.  Daarover heeft zij chatgesprekken gevoerd met een jihadist in een door de terroristische organisatie IS gecontroleerd gebied. Zij was van plan  de strijd van IS in Syrië te ondersteunen. Om haar reis te kunnen betalen heeft de vrouw een aantal bezittingen verkocht en vervolgens een vliegticket naar Turkije geboekt.

Het hof vindt dat het hier gaat om een zeer ernstig misdrijf dat zorgt voor grote onrust en angst in de maatschappij en rekent dit de vrouw zwaar aan. Terroristische organisaties als IS raken rechtstreeks de openbare orde, veiligheid en stabiliteit van een samenleving. In het bijzonder onschuldige burgers moeten tegen terroristisch geweld worden beschermd.

Vanwege de ernst van het feit vindt het hof een onvoorwaardelijke gevangenisstraf hier in principe gepast. De vrouw is onlangs bevallen van een dochtertje, daarom hoeft zij niet terug de cel in. Zij krijgt een gevangenisstraf opgelegd waarvan het onvoorwaardelijke deel niet langer is dan de tijd die zij al in voorarrest heeft gezeten, in combinatie met een forse voorwaardelijke gevangenisstraf en een onvoorwaardelijke taakstraf van 120 uur.

Bijzondere voorwaarden
Naast de celstraf en taakstraf legt het hof de vrouw een aantal bijzondere voorwaarden op. Zij heeft tijdens het proces zowel bij de rechtbank als bij het hof haar beweegredenen onvoldoende uitgelegd en geen inzicht getoond in de onjuistheid van haar handelen. Daarom moet zij gesprekken voeren met een Islamdeskundige, zodat zij meer kennis opdoet over het geloof, om de kans op een gezonde en evenwichtige identiteitsontwikkeling te vergroten. Verder moet zij contact houden met de reclassering en therapie volgen.

Het Openbaar Ministerie ging in hoger beroep en vond dat de vrouw opnieuw de cel in moet. De advocaat-generaal sprak over een serieuze en inmiddels volwassen vrouw die geheel toerekeningsvatbaar is. Ze voldoet bovendien aan risicoprofielen van de AIVD en NCTV van mensen die er niet in slaagden naar IS te reizen en daarom in staat worden geacht ‘thuis’ een aanslag te plegen uit frustratie. Volgens de advocaat-generaal is ze qua gedachtengoed niet van mening veranderd. 

Haar advocaat wees op het verschil tussen iets zeggen en iets doen en vond dat het OM niet aannemelijk maakte dat Aïsha daadwerkelijk wilde uitreizen of een aanslag plegen. 

Volg nieuws uit jouw gemeente via Facebook

De Limburger heeft voor alle 31 gemeenten een eigen Facebookgroep met het laatste plaatselijke nieuws.

> Neem een kijkje