Megafoto's van insecten zijn het resultaat van 'digitaal beeldhouwen'

Print

Wat begon als een leuk project voor thuis, Afbeelding: Levin Biss

Maastricht / Itteren -

Een mug letterlijk zo groot als een olifant. De foto-expositie Microsculpture in Maastricht toont de schoonheid van de insectenwereld in megaformaat.

Wespen, vliegen, torren of wantsen. Meestal zien we ze pas van wat dichterbij als ze geplet op de achterkant van een vliegenmepper of een oude krant plakken. Want morsdood is hoe veel mensen insecten het allerliefst zien. Ok, voor een vlinder krijg je de handen misschien nog wel op elkaar. „Maar voor de rest vinden we insecten vooral irritant en eng”, stelt woordvoerster Zelinda Meli van het Natuurhistorisch Museum in Maastricht over de zoemers, zwevers en stekers die ons op zomerse terrassen en in slaapkamers plegen te teisteren.

Metersgroot
Dat insecten een belangrijke schakel vormen in ons ecosysteem wordt nogal eens vergeten. Net als hoe uitzonderlijk mooi en gevarieerd de grootste groep organismen uit het dierenrijk bij nadere beschouwing kan zijn. Ook de Britse portret- en sportfotograaf Levon Biss had daar tot enkele jaren geleden geen benul van. Totdat zijn zoontje met een kevertje uit de tuin kwam en ze het beestje samen onder de microscoop legden.

De indrukwekkende resultaten van wat er daarna gebeurde hangen metersgroot in het Natuurhistorisch Museum in Maastricht. „Toen we het eerste paneel uit het bubbeltjesfolie haalden, ging het hier echt van: wauw!”, vertelt tentoonstellingsmaker Johan Strijckers van het museum. En ‘wauw’ is ook wat er als toeschouwer als eerste in je opkomt als je de gele stippen op de vlammend rode dekschilden van de tondelkever ziet. Of het metallic groen en de gedetailleerde voelsprieten van de behaarde kruiper. In werkelijkheid zijn het kevertjes van nog geen centimeter groot, maar voor de expositie Microsculpture is hun beeltenis opgeblazen tot een formaat van twee bij drie meter. „Opgeblazen is overigens niet het goede woord”, verbetert Strijckers, zelf hobbyfotograaf. Want dan waren nooit al die haarscherpe details zo fraai te zien geweest, tot de kleinste putjes en haartjes aan toe. „Dat je zoiets kleins zó in beeld kunt brengen, dat is echt heel bijzonder.”

Beeldhouwen
Fotograaf Biss ontwikkelde er eigenhandig een speciale techniek voor. Van poot tot achterlijf lichtte hij elk onderdeeltje van de insecten apart uit en zette het millimeter voor millimeter honderden keren op de plaat. „Voor één insect praat je daardoor over zo’n achtduizend foto’s in totaal”, weet Strijckers. Alle onderdelen van het diertje zijn vervolgens per computer zo natuurgetrouw mogelijk weer in elkaar gepast. „Digitaal beeldhouwen als het ware”, vult Zelinda Meli aan. Met unieke foto’s van de driekleurenprachtkever of de bochelcicade als resultaat. Ruim een maand was Biss er per insect zoet mee. „Ik zocht iets wat ik tussendoor thuis kon doen”, vertelt Biss in een filmpje over hoe hij in zijn bijzondere fotoproject rolde. „Als fotograaf reisde ik voor opdrachten de hele wereld over. Ik wilde thuis iets hebben waaraan ik kon werken als ik weer terug was. Niet te groot, want ik beschik niet over een grote studio. Insecten bleken ideaal.”

Toen hij met de eerste resultaten van zijn project aanklopte bij het Oxford University Museum was de conservator daar zo onder de indruk dat Biss toestemming kreeg om diverse bijzondere insecten uit de collectie te lenen en in zijn studio te fotograferen. „Daar zitten exemplaren tussen die nog door Darwin van zijn expedities zijn meegebracht”, weet Zelinda Meli. Al is dat in dit geval van ondergeschikt belang. De soorten zijn vooral geselecteerd vanwege hun bijzondere vormen of in het oog springende kleuren. „Het gaat in dit geval vooral om de schoonheid en de details die zichtbaar gemaakt zijn”, zegt Strijckers. „Niet per se om welke kever het precies gaat. Wat dat betreft, is dit misschien wel meer een expositie over macrofotografie als kunstvorm dan over insecten.”

Om die reden zijn in het museum ook puur en alleen de foto’s te zien. Zelfs de soortnamen of de herkomst van de insecten worden bewust niet bij de panelen vermeld om te voorkomen dat de bezoeker afgeleid wordt van het bijzondere beeldmateriaal. „Een expositie zonder vitrines”, lacht Strijckers. „Dat was voor ons als museum wel even wennen.” Voor wie toch wil weten met welke kever of vlieg hij nou precies van doen heeft, staat er in de hal van het museum overigens een console met computerscherm waarop handmatig tot bijna in het oneindige op de insecten kan worden ingezoomd. Daar kunnen bezoekers ook informatie over het betreffende beestje vinden en waar het vandaan komt.

Job
Voor fotograaf Levon Biss is zijn ‘hobbyproject’ inmiddels uitgegroeid tot een serieuze job. Sinds de première in Oxford een kleine twee jaar geleden, trekt Microsculpture de hele wereld over. Van Houston en Kopenhagen tot Darmstadt en Edinburgh. Als vervolg op Microsculpture is de Brit al doende om met zijn gedetailleerde techniek een serie van in barnsteen gevangen insecten op eenzelfde wijze vast te leggen.

Aan de vooravond van de opening van Microsculpture in Maastricht komt Biss vrijdag persoonlijk naar het Natuurhistorisch Museum om de tentoonstelling van zijn werk te aanschouwen. De expositie betreft een primeur voor de Benelux. Gekoppeld aan de tentoonstelling verzorgt het museum een aantal workshops en masterclasses over macrofotografie. Voor kinderen is er een speurtocht met insecten als thema.

Expo gratis toegankelijk

De expositie ‘Microsculpture’ in het Natuurhistorische Museum in Maastricht is op de dag van de opening gratis te bezoeken. Aanstaande zaterdag (8 december) mogen belangstellenden tussen 13 en 17 uur zonder te betalen naar binnen. De foto-expositie is tot 21 april 2019 te zien in Maastricht.

Voor meer info: www.microsculpture.net of www.nhmmaastricht.nl