Dit artikel is exclusief voor abonnees van De Limburger
Dit exclusieve artikel lezen? Doe het gratis >

Griekse smaakmaker vreest de kou

Griekse smaakmaker vreest de kou

Lamprou: „In Griekenland houden de mensen zo ontzettend veel van voetbal dat ze soms gekke dingen gaan doen.” Afbeelding: Bas Quaedvlieg

Sittard -

Na een paar maanden is Lazaros Lamprou (20) al niet meer weg te denken bij Fortuna Sittard. Een gesprek met de revelatie van het seizoen over Griekenland, alleen zijn en de naderende winter. „Ik heb alles gekocht wat ik kon vinden om klaar te zijn voor de kou.”

Branislav Ninaj schiet de ballen na de training de lucht in. Zo hard als hij kan. Boos bijna, alsof hij het niet kan bevatten. Wanneer de kanonskogels weer naar beneden komen, legt Lazaros Lamprou ze lachend stil op zijn voet. Schijnbaar zonder moeite. Mark Diemers kijkt van een afstandje toe, bewonderend. Want voetballers weten het meteen wanneer iemand erbovenuit steekt. Lamprou doet dat en iedereen bij Fortuna weet dat. De Griek is pas een paar maanden in Sittard te bewonderen, maar nu al niet meer weg te denken uit het team van Fortuna.

Lang heeft het niet geduurd voordat hij zich aanpaste in Nederland en de basis daarvoor ligt vermoedelijk in Griekenland. Als vierjarig mannetje begon Lamprou met voetballen onder zijn vaders hoede. „Hij schreeuwde te veel naar me”, lacht de Griek als hem gevraagd wordt of zijn vader (net als zijn moeder en broer gymleraar, zijn zusje studeert nog) een goede coach was. Het talent van Lamprou werd al snel gezien en op zijn dertiende ging hij weg van huis om bij de hoog aangeprezen jeugdopleiding van Panathinaikos aan te sluiten.

Ongeruste ouders

De vleugelaanvaller, die zaterdag zijn derde treffer voor Fortuna maakte, was dus al vroeg op zichzelf aangewezen. Maar moeilijk heeft hij het er nooit mee gehad. „Ik was gek van voetbal. Voor mijn familie was het moeilijker, die waren heel ongerust in het begin. Mijn ouders belden iedere dag. Ik was zelf nog zo jong, ik was daar totaal niet mee bezig. Pas na een jaar of twee begon ik af en toe te merken dat ik mijn familie miste.” Bovendien plukt hij er nu de vruchten van. „Ik pas me heel makkelijk aan. Ik ben eraan gewend om alleen te zijn.”

Al is het wel wat rustig in zijn woonplaats Brunssum. Vooral als je het vergelijkt met zijn thuisstad Thessaloniki waar de verleidingen op de loer liggen. „In Thessaloniki zijn de mensen 24 uur per dag buiten. Het is een stad met veel universiteiten en jonge mensen. Iedere dag genieten de mensen daar van het leven. Ik weet natuurlijk niet hoe het hier in de grote steden is, maar Brunssum is rustig. Er zijn weinig mensen en je hebt veel tijd om te relaxen.” Maar wat heeft zijn voorkeur? „Om te voetballen is dit beter”, zegt hij lachend.

En er zijn meer verschillen als het gaat om sportbeleving. Er was begin maart het krankzinnige verhaal van de voorzitter van zijn club PAOK Saloniki – Lamprou werd door die club verhuurd aan Fortuna – die met een geweer het veld op liep toen een doelpunt van PAOK werd afgekeurd vanwege buitenspel. Lamprou heeft niets met dergelijk gedrag, maar hij heeft er wel een verklaring voor. „In Griekenland houden de mensen zo ontzettend veel van voetbal dat ze soms gekke dingen gaan doen. Maar wat er het afgelopen jaar allemaal is gebeurd, is niet goed voor het Griekse voetbal.” Hij doelt daarmee ook op de fans die nogal eens doorslaan in hun adoratie waardoor wedstrijden gestaakt worden. „Veel punten worden in Griekenland verdeeld door de rechter, terwijl ik vind dat je er voor moet strijden op het veld.”

Griekse inborst

Toch heeft dat fanatisme ook wel zijn charme. De supporters van PAOK noemt hij zelfs de beste die hij ooit zag. En stiekem mist Lamprou zijn thuisland ook wel, want zelfs tijdens de economische crisis die Griekenland waarschijnlijk het allerhardst trof, was het prima vertoeven in het land van Homerus en de sirtaki. „De Grieken weten hoe ze daarmee om moeten gaan”, meent Lamprou. „Wij blijven niet thuiszitten om te huilen, maar zorgen ervoor dat we het ook leuk hebben tijdens een crisis. Ons land is prachtig, we hebben heel goed weer. Nee, wij hebben niet heel veel geld nodig om ons te redden.”

En dus kijkt hij uit naar Kerst, wanneer hij voor het eerst in maanden weer thuis is. Al is het maar om de kou te ontvluchten. Want zelfs de huidige temperaturen zijn al nauwelijks aan hem besteed, getuige de handschoentjes van afgelopen zaterdag. „Ik heb alles gekocht wat ik kon vinden om klaar te zijn voor de kou”, lacht hij, om er aan toe te voegen: „In Griekenland was het twee weken geleden nog 23 graden.”

De komende maanden zal Lamprou echter ook zijn mannetje moeten staan in de Hollandse winter. Als Fortuna hem nodig heeft in de strijd om lijfsbehoud. Lamprou is er zeker van dat het gaat lukken. En daarna? Alsnog slagen bij PAOK? „Dat is niet het ultieme doel. Het doel is het beste uit mezelf halen. Dat kan bij PAOK, maar ook ergens anders.”

Bij Fortuna zullen ze ongetwijfeld hopen dat dat zo lang mogelijk in Sittard is.