Rekenkamer: Harde Brexit kost Nederland miljarden

Print
Rekenkamer: Harde Brexit kost Nederland miljarden

Afbeelding: EPA

Een Brexit zonder deal tussen het Verenigd Koninkrijk en de Europese Unie kost Nederland miljarden. Als het Britse parlement de overeenkomst bij de stemming morgen afwijst, kost Nederland dat tot 2023 minimaal 2,3 miljard euro. Dat stelt de Algemene Rekenkamer, die onderzoek deed naar de gevolgen van een no-deal Brexit en naar de Nederlandse voorbereidingen op dat rampscenario.

Bij een no-deal is ons land de komende twee jaar 1,6 miljard euro kwijt aan de directe gevolgen van de vechtscheiding. Maar het kabinet investeert in dat geval ook zo’n 700 miljard euro in overheidsdiensten die meer taken krijgen door de Brexit.

Daar blijft het niet bij: ook de Nederlandse afdracht aan de EU stijgt. Dat zou hoe dan ook al het geval zijn, maar door de Brexit loopt dat bedrag op tot 1,25 miljard in 2021. Vanaf 2026 draagt Nederland tussen de 2,5 en 3 miljard euro extra bij.

Douane

De dienst die na een (harde) Brexit de meeste taken extra krijgt, is de douane. Zij krijgen 400 miljoen euro om zich voor te bereiden. Zelf becijferde de douane eerder op 29 maart 2019 928 fulltime-collega’s extra nodig te hebben voor de controle van goederen die ons land verlaten en die ons land binnen komen. Volgens de Rekenkamer zijn er volgend jaar maart 300 extra douaniers bij, maar hebben die nog niet allemaal hun opleiding afgerond waardoor ze niet alle 300 inzetbaar zijn.

In een reactie op het Rekenkameronderzoek stelt minister Stef Blok van Buitenlandse Zaken dat de 300 douaniers wél volledig operationeel zijn, omdat er inmiddels 500 extra fulltimers zijn geworven. ,,De douane ligt op koers om per 29 maart 2019 alle voorbereidingen te hebben getroffen om de continuïteit van alle douaneprocessen te borgen en oponthoud in de logistiek zo veel mogelijk te voorkomen dan wel te beperken’’, stelt Blok.

Ook de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA) krijgt extra geld voor brexitvoorbereidingen (132 miljoen euro), het ministerie Justitie en Veiligheid krijgt 109 miljoen euro en het ministerie van Volksgezondheid krijgt 11 miljoen.