Recordomzet VDL Groep omgeven met zorgen

Print
Recordomzet VDL Groep omgeven met zorgen

VDL-topman Willem van der Leegte. Afbeelding: Laurens Eggen

De 102 bedrijven van het industrieel conglomeraat VDL Groep draaiden vorig jaar een gezamenlijke omzet van 5,973 miljard euro. Een plus van 18 procent ten opzichte van de vijf miljard een jaar eerder. De nettowinst van de gehele groep steeg met 16 procent van 153 naar 178 miljoen euro.

Dat maakte VDL-president-directeur Willem van der Leegte vrijdag bekend bij de presentatie van de jaarcijfers over 2018. VDL Nedcar heeft uiteraard fors bijgedragen aan die omzet. Die groeide in Born met 28 procent van 2,8 naar 3,6 miljard euro. Dit als gevolg van een fors groter aantal geproduceerde auto’s. In 2017 waren er dat 168.969.

Grens

Afgelopen jaar werden ruim 200.000 auto’s (BMW’s X1 en Mini’s Countryman en Cabrio) gemaakt. Het was voor de vierde keer in het vijftig jarig bestaan van de fabriek dat die grens werd overschreden. Onvermeld bleef wat de nettowinst bij VDL Nedcar was. Dat cijfer wordt pas later vrijgegeven. In 2016 bedroeg de nettowinst 25 miljoen en in 2017 ruim 31 miljoen euro.

Van der Leegte blikte terug op een bijzonder jaar. „Inspannend en uitdagend. Over het algemeen ben ik zeer tevreden. 2018 stond ook in het teken van bijzondere activiteiten. Zo zijn er bijvoorbeeld 936 ondersteuningsstructuren gemaakt voor de spiegel van ’s werelds grootste telescoop in Chili. Successen zijn er ook op het gebied van elektrische bussen en de samenwerking met DAF wat betreft de ontwikkeling van een elektrische truck.”

Verduurzaming

VDL heeft sinds november 2016 aan veertien steden zo’n 400 elektrische bussen geleverd. Die zijn samen goed voor 22 miljoen ‘schone’ kilometers op de teller. „En dat heeft een schat aan data opgeleverd, die kan worden gebruikt voor de doorontwikkeling. Dit jaar gaan wij 500 elektrische bussen leveren. Daarmee zijn wij koploper in de verduurzaming van het openbaar vervoer in Nederland.”

Cao-schade

VDL-topman Willem van der Leegte meldde verder dat de talrijke cao-stakingen het concern hebben geschaad voor zo’n tien tot vijftien miljoen euro. De schade alleen al bij VDL Nedcar is eerder becijferd op 9,3 miljoen euro. Het betreft bijvoorbeeld kosten voor overwerk et cetera. „Ik begrijp niet dat het zo lang heeft moeten duren voordat er een cao-akkoord lag tussen werkgevers en vakvereniging. Nagenoeg dezelfde deal had volgens mij al in juni gesloten kunnen worden. Dat zou ons en veel andere bedrijven een hoop narigheid hebben bespaard.”

Van der Leegte gunt alle medewerkers een goede beloning. Wel vindt hij de cao-verhoging duur. „Niet te duur”, voegt hij eraan toe. „De deal is voor de werkgever behoorlijk kostenverhogend. Gemiddeld 8 procent wat betreft loon over een looptijd van 30 maanden. Daarnaast is er een verhoging van ziekte- en ww-premies, kost het ons 1 procent aan extra’s wat betreft jaarschalen, gaat het vaderschapsverlof van één naar vijf dagen en wordt een studiedag ingevoerd. Al met al worden wij geconfronteerd met een verhoging van de lasten met zo’n 10 tot 13 procent over de gehele cao-looptijd.”

Maakindustrie

„Zijn wij straks op middellange termijn als Nederlandse maakindustrie niet te duur?”, vraagt Van der Leegte zich af. „Wij berekenen de kosten door aan onze klanten. Dan loop je het risico dat die zeggen: het wordt te duur, wij gaan ergens anders kijken. De vraag is ook: hoe komen we nog aan goede vakmensen? Er komt een enorme vergrijzingsgolf op ons af. We zullen meer moeten gaan robotiseren en digitaliseren. Mensen moeten omscholen. Nieuwe medewerkers aantrekken ook. En is er voor die groep straks genoeg betaalbare huisvesting? De verhouding tussen woonlasten en lonen dreigt scheef te groeien. En wat als we de mensen niet meer vinden? Dan rest ons weinig anders dan een deel van het werk naar het buitenland te verplaatsen.”