Kartonnen koeien om de vijand te misleidden

Print
Kartonnen koeien om de vijand te misleidden

Afbeelding: John Peters Fotografie

Je zou het niet zeggen, maar tijdens de Tweede Wereldoorlog lag op de Groote Heide in Venlo een van de grootste oorlogsvliegvelden van Europa. Wie goed kijkt, ontdekt in het landschap nog tal van sporen die herinneren aan het militaire verleden van dit natuurgebied.

Het was niet zo maar een vliegveldje dat de Duitsers na de inval in 1940 aanlegden op de Groote Heide en de aangrenzende Venloosche Heide. Op het 1800 hectare grote terrein stonden 99 hangars, die verbonden werden door een straten- en rolbanennetwerk van 48 kilometer lang. Over die rolbanen werden de vliegtuigen naar hun plek geleid om op te stijgen. In maart 1941 was vliegveld Fliegerhorst operationeel. “Aarden wallen in het landschap geven nu nog de contouren van de startbanen aan”, vertelt Henk Heijligers, voorlichtingsmedewerker van Het Limburgs Landschap.  “Vanaf de grond valt het niet zo op, maar vanuit de lucht zie je duidelijk de twee kruiselings gerichte banen.”

Thermiek
De Duitsers kozen voor de Groote Heide, omdat het gebied relatief hoog ligt ten opzichte van het Maasdal. Daarnaast is er een goede thermiek, waardoor vliegtuigen makkelijk en snel konden opstijgen om de Britse aanvallers van het Roergebied te bevechten. Om de vijand te misleiden, deden de Duitse militairen er alles aan om het oorlogsvliegveld te camoufleren. Ze schilderden ramen op de bunkers in het landschap, legden namaakpaden van mergel aan en zetten kartonnen koeien in de ‘wei’. Alles om de Fliegerhorst vanuit de lucht te laten uitzien als een boerenlandschap.

In september 1944 kwam er een einde aan het oorlogsvliegveld. Vanwege de vele Engelse bombardementen besloten de Duitsers om de Fliegerhorst op te blazen en te verlaten. Toch bleef de Groote Heide nog jaren na de Tweede Wereldoorlog in gebruik voor militaire doeleinden. Zo leerden militairen van de Frederik Hendrikkazerne er onder meer schuttersputjes graven. Ze oefenden er ook met schieten. Daaraan herinneren nu nog de kogelvangers, grote zandbulten in het landschap, met houten muren erbij waarachter de militairen zich konden verschuilen.

Ontmanteling
Pas in de jaren tachtig werd begonnen met de definitieve ontmanteling van het vliegveld. Verrassend genoeg heeft het huidige landschap geprofiteerd van de militaire invloed. Heijligers: “De landingsbanen zijn destijds aangelegd met voedselrijke kleigrond uit het Maasdal. Dat heeft gezorgd voor meer variatie in plantensoorten. Later heeft ook het graven van de schuttersputjes dit gebied verrijkt, waardoor er nu bijzondere dieren en planten voorkomen.”

Het Limburgs Landschap voert op de Groote Heide niet alleen natuurbeheer uit, maar probeert ook de sporen van het verleden zichtbaar te houden. Door de noodzakelijke sanering is een groot deel van de sporen uit de Tweede Wereldoorlog uitgewist. Overgebleven zijn Tor 1, destijds de entree van het vliegveld, een tot kapel omgebouwd wachthuisje en de toenmalige commandobunker, die nu fungeert als klimtoren. Op de grens met Duitsland herinnert een in 2008 opgericht monument aan de oorlogsgeschiedenis.

Tijdens het erfgoedweekend op 8 en 9 juni organiseert Het Limburgs Landschap vanaf de recent geopende Gasterij Groote Heide twee gratis excursies. Meer info: www.facebook.com/erfgoedagendalimburg 

www.limburgslandschap.nl

Tekst: Meyke Houben
Beeld: John Peters Fotografie