RUBRIEK: Vier de zomer in Noord-Limburg

Theo Clevers: toveren met ijs

Print
Theo Clevers: toveren met ijs

Meester ijs-bereider Theo Clevers. Afbeelding: Clevers IJs BV

Grubbenvorst -

Aan de muur van het kantoor hangt een schilderij van de hand van kunstenaar Paul Megens. Het is een vrolijk portret in zomerse tinten van een kalende man met een gouden kroon op zijn hoofd. Het is onmiskenbaar Theo Clevers, de ijskoning uit Grubbenvorst. Als Theo begint te vertellen over ijs, dan loopt het water je als vanzelfsprekend in de mond.

De ambachtelijke ijsmakerij staat aan de rand van het dorp. De ijssalon waar het ooit begon ligt enkele honderden meters zuidwaarts aan het met bomen omzoomde Pastoor Vullinghsplein. Enkele decennia geleden was er nog de frituur met een tapmachine voor softijs van Theo’s vader in gevestigd. „Ik werkte in Venlo, bij een groente- en fruitwinkel toen mijn vader ziek werd. Ineens stond ik friet te bakken. Maar ik had niks met friet. 33 jaar geleden waagde ik daarom de gok om met ijs te beginnen. Dat was een hele stap. Het werd in die tijd bij wijze van spreken een schande gevonden om op een doodgewone dinsdagmiddag ergens op een terras te zitten.”

De tijden veranderden. Het toerisme nam toe en ijs wordt tegenwoordig gedurende alle seizoenen geconsumeerd.

Eigen hazelnoten

„Inmiddels zijn we afgestapt van het inkopen van halffabricaten. Kijk, een hazelnotenpasta kan iedereen inkopen. Dus zijn we op zoek gegaan naar voor ons geschikte hazelnoten. Die vonden we in Piëmont, een streek in het noordwesten van Italië. Een andere partner brandt ze vervolgens volgens onze wensen. Daar wordt de pasta van gemaakt, met of zonder stukjes noot.”

Vernieuwen

Theo Clevers en zijn team toveren zogezegd met ijs. Voortdurend zijn ze bezig met het vernieuwen van smaken. „Er is niets zo veranderlijk als smaak. Ons ijs van dertig jaar geleden was veel zoeter dan dat van nu. Het suikergehalte is lager geworden. We verwerken zo veel mogelijk vers fruit en geen jamachtige sauzen meer in onze producten. De aardbeien zijn van een heel oud ras en gaan zo van het veld los gevroren in de vriezer, waardoor de geur en de smaak behouden blijven. Het moet lekker zijn, dat is ons hoofddoel, maar het moet wel in de mindset van onze gasten passen. IJs hoeft niet per definitie zoet te zijn. In de donkere dagen zijn de donkere ijssoorten populair. Zo presenteren we in november voor het eerst een pepernotenijs. Met Vastenavond hebben we een kruidenijs met een Schrobbelèr-achtige smaak in gedachte. Natuurlijk krijgen we ook weleens te maken met varianten die niet aansloegen. Zo hebben we eens met Koningsdag een ijs van de oranje duindoornbes geprobeerd, maar de mensen wilden het niet.”

Blijven innoveren

Theo is één van de 22 meester-ijsbereiders die Nederland telt. „Het streven is om het vak groot te maken en te houden. De slechtste reclame is immers een slecht presterende collega.”

IJssalon Clevers is een franchiseformule met zes vestigingen in Noord- en Midden-Limburg en één in Brabants. De naamsbekendheid is ongekend hoog. „Er heerst een groot familiegevoel onder de franchisenemers en de medewerkers. Bijna iedereen is bij ons ooit begonnen als afwashulp. Door dat saamhorigheidsgevoel kunnen we nog steeds groeien in kwaliteit. Omdat ik word omringd door goede en gemotiveerde mensen kan ik ook dingen met een vertrouwd gevoel loslaten. Zo zwerft René Verschueren, ja die van de Toddezèk, twee dagen in de week in de ijssalons om de formule te bewaken. René is al 27 jaar bij ons in dienst. Hij is onze wandelende encyclopedie. We blijven alsmaar innoveren. Want daar gaat het om…”

Kortom, Theo en zijn mensen blijven toveren met ijs!