Drie Limburgse families in top tien groothuizenbezitters

Print
Drie Limburgse families in top tien groothuizenbezitters

Corporatie Wonen Horst bouwt jaarlijks tientallen nieuwe huurhuizen zoals hier bij het Ericaplein in Grubbenvorst. Afbeelding: Le Giesen

Heerlen / Hoensbroek / Maastricht / Itteren -

De Limburgse families Grouwels, Stienstra en Daelmans staan in de top tien van grootste particuliere woningeigenaren. Samen bezitten ze ruim 11.000 huurhuizen met een geschatte gezamenlijke waarde van ruim twee miljard euro.

Dat blijkt uit onderzoek van de Volkskrant naar de 300 grootste eigenaren van huurwoningen in Nederland. Commerciële beleggers drukken volgens de onderzoekers een steeds groter stempel op het aanbod en de prijs van huurwoningen in de vrije sector. Woningcorporaties zijn nog verreweg de grootste speler op de huurmarkt, maar mede door druk van de overheid slinkt hun bezit.

De familie Grouwels uit Maastricht staat derde op de ranglijst van groothuizenbezitters met zo’n 5200 woningen (waarde ruim 1 miljard). De erven van de onlangs overleden Henk Stienstra uit Heerlen beheren ruim 4000 woningen en komen op plek vier. Andre Daelmans uit Maastricht staat met iets meer dan 2000 woningen op plaats zeven. De ranglijst wordt aangevoerd door Aat van Herk met bijna 6000 woningen, die een waarde vertegenwoordigen van naar schatting 1,2 miljard euro.

Piet Grouwels, wijlen Henk Stienstra en Andre Daelmans zijn selfmade-vastgoedmannen. Henk Stienstra was zelfs heel even de grootste particuliere huisbaas van Nederland met 9000 huurwoningen. Kort voor de uitbraak van de financiële crisis in 2008 deed hij zowat de helft van de hand. De Limburgers kochten soms hele blokken huurhuizen op. Piet Grouwels leerde het vak overigens bij Henk Stienstra. In 1984 begon hij met Andre Daelmans een eigen bedrijf dat huurwoningen opkocht. Zo’n vijftien jaar geleden besloten ze om hun eigen weg te gaan.

Gewone beleggers

Investeren in vastgoed loont, zeker nu het geld op spaarrekeningen niet meer rendeert. Steeds meer ‘gewone’ mensen beleggen met hun spaarcenten in stenen in ruil voor een stabiel rendement. Vooral de middeninkomens voor wie koopwoningen net te duur zijn, zijn aangewezen op de huurwoningen met een vanaf prijs van 720 euro per maand. De grote vraag en het beperkte aanbod hebben de huurprijzen in de afgelopen jaren stevig opgedreven.

Klem

Veel mensen zitten daardoor klem op de woningmarkt. Ze verdienen te veel voor een sociale huurwoning en net te weinig om een huis te kunnen kopen. Vaak moeten ze ook eigen spaargeld voor een hypotheek inbrengen. Regelmatig moeten ook moeten ze bieden op een koopwoning. Niet zelden worden ze in die strijd afgetroefd door een kapitaalkrachtigere belegger, die de woning daarna gaat verhuren.

Middenhuur

De overheid roept grote beleggers op om vooral in nieuwbouw te investeren; bij voorkeur huizen met een zogeheten middenhuur tussen de 720 en 1000 euro per maand. Speculanten zouden vooral moeten worden geweerd. Vooralsnog wordt echter hoofdzakelijk belegd in bestaand woningbezit. In woondeals per regio, zo schrijft de Volkskrant, en in andere convenanten proberen gemeenten, bouwbedrijven en beleggers nu afspraken te maken voor uitbreiding van de huursector. Maar dat is een taai gevecht over kosten en opbrengsten.

.