Dit artikel is exclusief voor jou als abonnee van De Limburger te lezen
Plus-artikelen zijn exclusief voor abonnees van De Limburger. Verder lezen?

Deze linzenvlaai past bij elke gelegenheid

Bon appétit

Deze linzenvlaai past bij elke gelegenheid

Het papiertje waarop het recept staat, is inmiddels vergeeld en zit vol vlekken. Deze linzenvlaai is dan ook al tientallen jaren een klassieker. Afbeelding: Rein Bollen

Maastricht / Itteren -

Recepten gaan vaak over van moeder op dochter. Zo ook de linzenvlaai van Anita Raemakers (56) uit Maastricht. Het recept van deze klassieker komt van haar moeder, die het weer kreeg van haar moeder.

Het recept van moeders ouderwetse linzenvlaai staat op een papiertje, inmiddels vergeeld met vlekken. Anita verzamelt alle familierecepten in een oud blikje. „Pas als een recept écht niet meer te lezen is, schrijf ik het over. Maar ik vind die viezige papiertjes eigenlijk juist wel leuk. De meeste gerechten heb ik zo vaak gemaakt, dat ik de recepten wel uit mijn hoofd ken.” Dat geldt in ieder geval voor de linzenvlaai. Het geheim van een goede vlaai? Zorg er altijd voor dat er een goede laag vulling tussen het deeg zit. Anita: „De abrikozenspijs moet goed van smeren zijn. Te weinig vulling is armoede.”

Deze linzenvlaai past bij elke gelegenheid
Anita Raemakers. Foto: Rein Bollen

Kermis

Linzenvlaai is het gebak uit Anita’s kindertijd. Als er kermis in het dorp was, of een feestdag werd gevierd, werd gebakken. Linzenvlaai snijd je niet in punten, maar in vierkante stukken. Dus er was genoeg voor de hele familie. Een ander voordeel: „Linzenvlaai houdt zich goed. Hoe langer je hem laat staan, hoe lekkerder hij wordt.”

Ideaal dus voor kraambezoek wanneer er een baby was geboren. „Mam bakte een linzenvlaai voor alle kersverse ouders”, vertelt Anita. Haar moeder is inmiddels negentig en met bakpensioen. Maar Anita heeft het gebruik overgenomen. „Elke keer als er in de buurt een geboortebord in de tuin verschijnt, begin ik te bakken. Maar ook als ik op ziekenbezoek ga, neem ik een linzenvlaai mee. Tijdens het bereiden, denk ik de hele tijd aan diegene. Mooi vind ik dat.”

Ook voor verjaardagen, staat Anita in de keuken. „Verjaardagsvlaai maak ik altijd zelf. Kersen, pruimen, greumele-pudding. Meestal gaat het op bestelling. ‘Mam, maak nog eens een rijstevlaai’, zeggen ze dan thuis. Mijn drie zonen zijn echte slókkers.” De jongens dagen haar wel eens uit: ‘Dat kan je zeker niet maken, hè mam?’ Dan staat ze binnen vijf minuten in de keuken om het tegendeel te bewijzen. Hoewel ze graag proeven, zijn haar zonen zelf niet zo’n bakkers. Schoondochter Belinda heeft die hobby wel overgenomen. „Leuk dat ik het toch nog kan doorgeven.” Zelfs kleinzoon Quin van tweeënhalf jaar bakt al koekjes met oma.

Heel Holland Bakt

Behalve de klassieke recepten uit het oude blikje, worden er ook nieuwe gerechten uitgeprobeerd. Inspiratie haalt ze uit magazines en kookboeken en van 24Kitchen. Al geeft ze altijd wel een eigen draai aan een gerecht. Heel Holland Bakt is ook favoriet. Na elke uitzending duikt ze in de keuken om de baksels zelf uit te proberen. „Enig programma om naar te kijken. Meedoen? Nee, ik hou niet van die tijdsdruk. Bakken is voor mij pure ontspanning.” Maar soms gaat het wel tussen het koken en de was door. De enige uitzondering is zondagochtend. „Ik sta dan graag vroeg op om te bakken. Het huis ruikt dan de hele dag naar vers gebak. Heerlijk!”

De KitchenAid op het aanrecht draait soms overuren. Op de keukenmachine na, vind je weinig design in Anita’s keuken. De vlaaischotels en gebaksbordjes komen rechtstreeks uit de kast van haar moeder. Als de vlaai uit de oven komt, schuift ze die op een ouderwets rooster. Ook uit de uitzet van moeder. Een beetje poedersuiker maakt de linzenvlaai af. „Alleen het randje mag wit worden, zegt mam altijd. Nou ja, ik doe ook maar wat mam zegt.” De vlaai wordt tot slot met het patroon mee in blokjes gesneden. „Er zijn altijd liefhebbers van een middenstuk of van een kantje. Zelf ben ik meer van het kantje. Lekker krokant.”

Deze linzenvlaai past bij elke gelegenheid
Foto: Rein Bollen

Ingrediënten

250 gr zelfrijzend bakmeel

125 gr margarine

1 ei

125 gr witte basterdsuiker

1 pakje vanillesuiker

snufje zout

½ kg gedroogde abrikozen

1 citroen

Bereiding

Laat de gedroogde abrikozen in een steelpan met water twee uur zachtjes sudderen. Voeg af en toe water toe, zodat er altijd water in de pan zit.

Meng bakmeel, margarine, ei, basterd- en vanillesuiker en zout in een kom met de hand tot deeg. Laat het deeg liefst een nacht (maar minimaal een uur) in de koelkast rusten. Rol de helft van het deeg uit en maak het passend in een ingevette vlaaivorm.

Zeef de abrikozenmoes zodat de velletjes achterblijven. Meng het sap van een halve citroen door de abrikozen. Dat maakt het minder zoet. Als de moes is afgekoeld, smeer je het uit over het deeg in de vlaaivorm.

Rol de andere helft van het deeg uit en snijd reepjes van ongeveer 1 cm breed. Leg de reepjes in ruitvorm over de abrikozenmoes. Bak de linzenvlaai in 30 minuten op 170 graden.